In Swifterbant blijven jochies vuurwerk afsteken

De toedracht van het vuurwerkongeluk in Swifterbant is nog altijd onduidelijk, maar het knallen gaat gewoon door. Hoe praat je erover met de kinderen? „Vertel wat er gebeurd is, maar zonder overdrijving of speculatie.”

Hulpdiensten doen zaterdag in Swifterbant onderzoek op de plek waar een man om het leven kwam door vuurwerk. Foto ANP

De omwonenden zijn geschokt door het dodelijk vuurwerkongeval, zaterdagmiddag in Swifterbant, een dorp in de provincie Flevoland. „Heel heftig”, zegt een vrouw. „Onbegrijpelijk”, aldus een man. „We proberen het te verwerken, voor zover dat mogelijk is.”

De buurtbewoners zoeken troost bij elkaar, in de regen onder een partytent voor de deur van de 39-jarige man die gisteren bij het afsteken van zwaar vuurwerk om het leven kwam. De tent was bedoeld om de jaarwisseling feestelijk door te komen. „Nu komen we elkaar hier steunen.” Vervolgens is het stil. De buurtbewoners willen eigenlijk niets zeggen. „Wij willen het hierbij laten. Komt u over twee weken maar terug, dan hebben we het een plekje kunnen geven.”

Fervent vuurwerkafsteker

Naar wat zich precies heeft afgespeeld, op een verkeersheuvel aan de rand van een speelveldje in een woonerf, doet de politie nog onderzoek. Er wordt wel gezegd dat het slachtoffer een fervent vuurwerkafsteker was. De politie vermoedt dat het om illegaal vuurwerk is gegaan. Maar zeker is vooralsnog alleen dat de man tijdens het afsteken van vuurwerk vergezeld was van zijn twee kinderen, van zes en acht jaar. „Meer weet ik op dit moment niet”, zegt burgemeester Aat de Jonge van Dronten, de gemeente in Flevoland waar het dorp met ruim zesduizend inwoners onder valt. De kinderen zijn, naar het zich laat aanzien, lichamelijk ongedeerd.

Een dag na het incident, zondag, wordt er in de door de gemeente als “hechte gemeenschap” omschreven Bloemenwijk gewoon weer naar hartelust geknald, ook al is dat pas vele uren later toegestaan. Jochies lopen met rugzakken vuurwerk langs de straten, af en toe klinkt in de verte een zware ontploffing. Een straat verderop wil een man wel iets kwijt over het ongeval. Zonder met zijn naam in de krant te komen, dat wel. Naast hem steken zijn kinderen kleine vuurwerkfonteintjes af. „Heel goedkoop spul, totaal ongevaarlijk.” Dat kan van het zware, fatale vuurwerk van een dag eerder niet worden gezegd. „Dat moet je niet in een woonwijk afsteken. Dat is onverantwoord.”

Is een vuurwerkverbod in Nederland aanstaande? Lees ook: De romantiek van vuurwerk is eraf

Ruimte geven

In kerkgebouw De Hoeksteen is een bijeenkomst voor omwonenden gaande, met Slachtofferhulp Nederland, GGD, maatschappelijk werk en gemeente. Veel bezoekers zijn natuurlijk enorm geschrokken, maar willen ook weten wat en hoe ze dit hun kinderen moeten vertellen. „Vertel hun wat je weet, en ook niet meer dan dat. Vertel de feiten, zonder overdrijving of interpretatie”, vat burgemeester de adviezen van de hulpverleners samen.

Een moeder heeft vanochtend tijdens de kerkdienst opgeroepen tot gebed voor het gezin. Er was ook een man, vertelt de burgemeester, die op militaire missie is geweest en zijn ‘trauma’s’ door dit ongeval ‘herbeleeft’. Burgemeester De Jonge: „We willen ruimte geven voor ieders verhaal. En tegelijkertijd verbondenheid bieden door het beleven van dit gezamelijke verhaal.” Hij wijst er ook nog op dat dit de slogan van Dronten is: ‘Dronten geeft je de ruimte’.

Het gaat er bij de hulpverlening vooral om mensen de ruimte te geven, zegt ook Marjolein Aelberts, hoofd algemene dienstverlening van Slachtofferhulp Nederland. „We vertellen allereerst dat de mensen een normale reactie hebben op een abnormale gebeurtenis. Vervolgens kijken we naar hun weerbaarheid.” Het beste advies, vertelt ze, is „zo snel mogelijk weer in je structuur komen”. Aelberts: „Zet je ‘s avonds om zes uur de aardappelen op en ga je om half zeven eten? Doe dat vooral. Gaan de kinderen op zondagmiddag doorgaans naar oma? Doe dat. We hebben allemaal structuur in ons leven nodig.” Ook zij zegt dat het goed is kinderen te vertellen “wat je weet en ook niet meer dan dat”. Aelberts: „De fantasie van kinderen is duizend keer erger. Vertel alleen de feiten.”

Basisschool De Branding maakt een plan voor na de vakantie, als de schoolkinderen uit de buurt weer samenkomen en erover willen praten. Of niet, dat is ook goed, zegt Marjolein Aelberts. „Niet praten is ook prima. Maar houd je kinderen wel in de gaten.”

    • Arjen Schreuder