Opinie

    • Caroline de Gruyter

Twee stappen vóór- en één stap achteruit

Januari is genoemd naar Janus, de god met twee gezichten: een keek naar het verleden (het oude jaar, waarin dingen goed gingen, maar er ook van alles fout liep), de andere keek naar de toekomst, een toekomst waarin we de kans hebben opnieuw te beginnen en dingen beter te doen. „O januari,” schreef Nietzsche in 1882, in Genua, in het boek Sanctus Januarius, „u bent de mooiste!” Als de eerste gedachte van het jaar een opbouwende is, bedacht hij, zeg je ja tegen het leven. Dan trek je je eigen pad. „Ik wil niet vechten tegen wat lelijk is. Ik wil geen beschuldigingen uiten; ik wil niet eens mensen beschuldigen die anderen wél beschuldigen.”

Dit is zeker geen oproep om Europa vanaf januari door een roze bril te bekijken. Wel een oproep om die zwarte bril eens af te zetten. Het eind van de euro en de nakende implosie van de Europese Unie worden al jaren voorspeld, vergeefs. De EU heeft vanaf dag één crises gehad. Die ging men dan te lijf. De instrumenten zijn beperkt, dus Europese oplossingen zijn nooit perfect. Daar kun je teleurgesteld om zijn. Maar die oplossingen houden wél. Daar gaat het om.

2016 was het jaar van de populisten. Van Brexit, van Trump. Van mensen die als versteend voor de tv zaten, verbijsterd door het gescheld over en weer. Eind december, één jaar geleden, waren velen zo somber dat ze serieus dachten dat Marine le Pen president zou worden en dat Geert Wilders de verkiezingen zou gaan winnen. De Russische ambassadeur in Ankara werd doodgeschoten en mensen twitterden meteen: „Is dit het Frans Ferdinand-moment van de 21ste eeuw?”

2017 werd het jaar waarin de antipopulisten terugvochten. Met succes.

Het liep anders: 2017 werd het jaar waarin de antipopulisten terugvochten. Met succes. Het duurde even voor ze van de bank kwamen: huidige generaties Europeanen zijn opgegroeid zonder oorlog en zwaar afzien. Velen beseffen nu pas dat democratie en rechtsstaat niet vanzelfsprekend zijn en om zeep gebracht kunnen worden. Ze beseften ook dat je er wat voor moet doen, als je ze wilt behouden. Daarom werd dit het jaar van Emmanuel Macron, van de teruggang van de PVV, van Varadkar, Pulse of Europe en Eurobarometers met de hoogste scores sinds tien jaar. O, en de economie trok aan en niet zo’n beetje ook. De EU groeide dit jaar 2,2 procent, harder dan Amerika – de Britten, die het gemiddelde omlaag trekken, zijn keurig meegeteld.

Om al die redenen kan 2018 een stuk opgeruimder beginnen dan 2016 of 2017. De populisten zijn niet verslagen, de antipopulisten hebben niet gewonnen. De democratie en de rechtsstaat staan in meerdere Europese landen onder druk. Maar als 2017 iets heeft laten zien, is het dat vechten lóónt.

In Brussel trekken nationale regeringen steeds meer aan de touwtjes. Dit zorgt ervoor dat Europese besluitvorming moeilijk en complex blijft, al willen burgers transparantie en eenvoud: het ene land wil dit, het andere dat. ‘Brussel’ is destijds uitgevonden om hier, tot op grote hoogte, mouwen aan te passen. Zo zal het blijven. Waarom? Omdat bijna niemand wil dat de EU kapot valt, behalve wat ultranationalisten die zo hard krijsen dat je haast zou denken dat zij a) voor het ‘gewone volk’ spreken en b) ook nog in de meerderheid zijn.

Verwacht dus in 2018 veel verhitte discussies over Europa: over de meerjarenbegroting, Brexit, vluchtelingen en een nieuwe president voor de ECB. Verwacht ook verkiezingen (Italië!), risico’s en last-minute deals. Als vanouds gaat Europa twee stappen vooruit, en dan één achteruit. Misschien wordt 2018 eindelijk het jaar waarin Europeanen eens zonder overspannen verwachtingen naar hun eigen continent kunnen kijken.

Caroline de Gruyter schrijft wekelijks over politiek en Europa.
    • Caroline de Gruyter