De NAM is wel erg sloopgraag, vinden Groningse krakers

Staan al die panden in het bevingsgebied die de NAM wil laten slopen wel echt op instorten, vragen Groningers zich af. De kraak van een historische boerderij kan op sympathie rekenen bij politici.

Gezicht op Middelstum, Noord-Groningen. Foto Catrinus van der Veen/ANP

Zelf noemen ze de boerderij uit 1871 hun droomhuis, volgens de Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) is het gebouw te gevaarlijk om bewoond te worden. De Groningers Marko Datema en Mariska de Lange kraakten donderdagochtend in Middelstum een karakteristiek pand dat zo veel schade zou hebben opgelopen door de gasbevingen in de regio dat het alleen nog gesloopt kan worden – dat is althans het standpunt van de gaswinner NAM, de eigenaar van de boerderij. Het bedrijf sommeerde het stel donderdagavond om veiligheidsredenen het pand vóór zaterdagavond te verlaten.

In de provincie heeft de kraakactie een snaar geraakt. De NAM koopt wel vaker panden met heel veel schade, waarna ze overgaat tot sloop. Al 89 gebouwen zijn verdwenen, nog 372 panden worden met sloop bedreigd. Dit tot angst van bewoners van het bevingsgebied, die bang zijn dat het aangezicht van de provincie onherstelbaar zal veranderen.

Het krakersstel zet nu voor het eerst de discussie op scherp over de vraag of het echt nodig is om zo veel gebouwen te slopen. Volgens de twee kan het huis wel degelijk worden hersteld en verkwist de NAM erfgoed. Dat idee kan rekenen op steun: zo riep gedeputeerde Eelco Eikenaar (SP) de NAM op Twitter op met de krakers in gesprek te gaan over de opties. De Loppersumse wethouder Bé Schollema (PvdA) bracht zelf een bezoek, net als een tiental andere Groningers.

Een woordvoerder van de NAM liet vrijdag aan het einde van de dag bij een bezoek doorschemeren dat behoud heel misschien toch mogelijk is. Hij weigerde het pand te betreden uit veiligheidsoverwegingen en herhaalde dat de krakers zo snel mogelijk moeten vertrekken. Mariska de Lange is dat niet zomaar van plan. „Als er zaterdag een goed voorstel komt zijn we weg, anders blijven we nog even zitten.”

    • Milo van Bokkum