Erdogan wil relatie met Nederland herstellen

Turkije

Sinds maart is de relatie tussen Turkije en Nederland verstoord. President Erdogan noemt Rutte nu ‘een oude vriend’.

Erdogan op een persconferentie, woensdag in Tunesië. Foto Mohamed Messara/EPA

De Turkse president Recep Tayyip Erdogan wil de gebroken diplomatieke relatie met Nederland herstellen. Hij heeft dit volgens Turkse kranten gezegd in een gesprek met journalisten op weg van Tsjaad naar Tunesië. Premier Rutte heeft aldus Erdogan signalen uitgezonden die hem „tevreden” stellen. Hij noemt in het gesprek Rutte zelfs „een oude vriend”.

Herstel van de sinds maart van dit jaar ernstig verstoorde betrekkingen hing al enige tijd in de lucht. Zo was er de afgelopen tijd op hoog ambtelijk niveau contact tussen Turkije en Nederland om de kwestie te bespreken. Ook spraken minister Halbe Zijlstra (Buitenlandse Zaken, VVD) en zijn Turkse ambtgenoot Mevlüt Cavusoglu elkaar begin deze maand tijdens een NAVO-vergadering in Brussel.

Maar het wachten was steeds op president Erdogan die eerder dit jaar ook de aanzet gaf tot de breuk. Met zijn positieve woorden tegenover Turkse journalisten lijkt een oplossing nu nabij. De herstelde verhoudingen zouden volgens de regeringsgezinde Turkse krant Daily Sabah betekenen dat Nederland en Turkije weer ambassadeurs uitwisselen.

Vlak voor Kerst zei premier Rutte in een interview met De Telegraaf dat het goed zou zijn als de relatie met Turkije zou verbeteren. „Het is een NAVO-partner”, aldus Rutte. Erdogan beschouwt deze woorden als een positief signaal. Tegelijkertijd probeert de Turkse president ook de verstoorde verhoudingen met Duitsland en de Verenigde Staten te verbeteren. Zo zouden de VS weer visa voor Turken gaan uitgeven.

In een reactie laat een woordvoerder van het ministerie van Buitenlandse Zaken in Den Haag weten dat Nederland „altijd open staat” voor een gesprek en de „dialoog” met Turkije wil aangaan. Maar er wordt tevens benadrukt dat de relatie nog niet is „genormaliseerd”.

Minister Zijlstra zei vorige week tegen NRC over de rel met Turkije dat „uiteindelijk” op een punt gekomen moet worden dat beide partijen zeggen „das war einmal en naar de toekomst kijken waarin je weer kan samenwerken. Of niet.”

Het had volgens hem geen zin „exegese” te doen over wat er nu precies was voorgevallen tussen Nederland en Turkije. Zijlstra: „Wij blijven van mening dat in Rotterdam de soevereiniteit van Nederland werd geschonden, maar wil je een zaak als deze oplossen moet je niet een ander jouw mening willen opleggen.”

Nederland weigerde in maart van dit jaar de Turkse minister van Buitenlandse Zaken Cavusoglu de toegang tot Nederland om in het kader van een verkiezingsbijeenkomst in Rotterdam Turkse Nederlanders toe te spreken. Vervolgens kwam de Turkse minister van Familiezaken Fatma Kaya per auto vanuit Duitsland naar het Turkse consulaat in Rotterdam. Daar werd zij tegengehouden en verordonneerd onder politie-escorte terug te keren naar Duitsland. Na uren gebeurde dit, maar ondertussen waren in de straten voor het consulaat rellen uitgebroken.

Erdogan, die aan de vooravond stond van een belangrijk referendum over een wijziging van de grondwet die hem meer macht moest geven, reageerde woedend en ontzegde de Nederlandse ambassadeur in Ankara, Kees van Rij, de toegang tot zijn land. Deze was ten tijde van het uitbreken van de rel toevallig in Nederland.

In een toespraak noemde Erdogan Nederland „fascistisch” en „een overblijfsel van het nazisme”. Hier reageerde premier Rutte weer boos op.

Correctie 28-12-2017: In een vorige versie van dit artikel werd Halbe Zijlstra verkeerd gespeld als Halbe Ziilstra.