De Chinese investeringsgolf is niet voorbij

Volvo Group

Het belang dat het Chinese Geely neemt in Volvo laat zien dat de strategische expansie van China doorgaat.

Foto Volvo, bewerking NRC

„Made by Sweden” is de slogan van Volvo. „Owned by China” had ook gekund: sinds 2010 is de autofabrikant eigendom van het Chinese bedrijf Geely. Deze week is het Zweedse merk zelfs nog een beetje meer Chinees geworden. Voor 3,2 miljard euro wordt Geely namelijk grootaandeelhouder van truckbouwer Volvo Group, die in 1999 van de autoproducent is afgesplitst.

Of de Chinese investeerder de bedrijven weer gaat samenvoegen, is nog onzeker. Wel duidelijk is dat de deal past in een trend van snel groeiende Chinese investeringen in hoofdzakelijk strategische sectoren in het buitenland, die ondanks recente beperkingen uit Beijing nog niet voorbij is.

Tussen 2010 en 2016 is het totale uitstaande bedrag aan Chinese buitenlandse investeringen verviervoudigd, van 265 naar 1.072 miljard euro, volgens UNCTAD, de handelstak van de Verenigde Naties. Ter vergelijking: Nederlandse bedrijven hadden in dat jaar ongeveer evenveel geïnvesteerd. Maar bij het Chinese bedrag moet nog een groot deel van de investeringen uit Hongkong (1.278 miljard) worden opgeteld. Hongkong geldt als doorvoerhaven van Chinees geld.

Met name in 2016 schoten de Chinese buitenlandse investeringen omhoog, met meer dan 30 procent op jaarbasis. Zo’n 35 miljard euro belandde in de Europese Unie, volgens het Amerikaanse onderzoeksbureau Rhodium Group. Dat is echt een explosie: in 2010 investeerde China nog maar 1,6 miljard euro in de EU. In 2016 lijkt wel een piek te zijn bereikt. De miljarden die in het buitenland worden gestoken, vormen een te grote kapitaaluitstroom, concludeerde de Chinese overheid eind dat jaar. De koers van de yuan, de Chinese munt, stond te zeer onder druk. De regering legde de wereldwijde koopdrift van (staats-)bedrijven enigszins aan banden. Voorlopige gegevens van ING duiden erop dat Chinese investeringen in 2017 wereldwijd ruim 30 procent lager liggen dan in 2016.

Die restricties stonden grote deals dit jaar niet in de weg. De afdeling Standard Products van chipfabrikant NXP ging voor 2,45 miljard euro naar een Chinese alliantie met daarin staatsbedrijf JAC. CIC, China’s staatsbeleggingsfonds, telde 12,25 miljard euro neer voor Logicor, een pan-Europese logistiekfirma.

Volgens Frans-Paul van der Putten, China-expert bij Clingendael, blijven investeringen in sectoren die China strategisch acht op peil. De regering in Beijing moedigt deelnemingen over de grens in ICT-bedrijven, de auto-industrie en de luchtvaart aan. „Zo’n grote investering als in Volvo door een Chinese partij is nooit puur privaat”, zegt hij. „China wil zijn afhankelijkheid van buitenlandse bedrijven terugdringen en zelf machines, auto’s, en vliegtuigen bouwen.” Op logistiek gebied werkt China aan een ‘nieuwe zijderoute’ waarin alle wegen naar China leiden. In Europa neemt de zorg toe over de Chinese assertiviteit. Duitsland, Frankrijk en Italië dringen aan op een sterkere rol van de Europese Commissie bij het doorlichten van Chinese investeringen.