Baby Karim groeit uit tot symbool van Syrisch lijden

Hij verloor bij een bombardement zijn moeder en zijn linkeroog. Nu toont de wereld zich solidair met de Syrische baby Karim. Maar is dat genoeg?

Baby Karim verloor zijn linkeroog en zijn moeder bij een bombardement. AFP

Karim, een baby van vier maanden oud, is het gezicht geworden van de uitzichtloze situatie waar zeker 400.000 Syriërs in verkeren. Bloedend aan zijn hoofd werd hij eind oktober – toen twee maanden oud – huilend onder het puin gevonden. Even daarvoor hadden regeringstroepen die worden gesteund door Rusland en Iran, een luchtaanval uitgevoerd op Oost-Ghouta, een voorstad van hoofdstad Damascus. Zijn moeder kwam hierbij om het leven. Karim Abdullah verloor het zicht aan zijn linkeroog.

Vooral in de Arabische wereld is baby Karim nu een bekendheid geworden. Wereldwijd betuigen mensen hun steun aan hem met de hashtag #SolidarityWithKarim, daarbij vaak een foto van zichzelf met een hand voor hun linkeroog.

Mensen die hun steun betuigen met baby Karim Foto AFP

Al vier jaar omsingeld

Twee weken terug was het de 28-jarige Syrische oorlogsfotograaf Amer Almohibany die met de actie begon. Hij was degene die Karim fotografeerde. „Terwijl ik door mijn lens naar Karim keek, huilde ik”, zei hij tegen persbureau Reuters. „Zijn beeld is voor altijd in mijn geheugen gegrift.”

De inwoners van Oost-Ghouta zijn omsingeld door troepen van president Bashar al-Assad. Al vier jaar is het gebied vrijwel volledig verstoken van humanitaire hulp. Baby’s en kinderen sterven wegens ondervoeding. En dan zijn er nog de luchtaanvallen die slachtoffers blijven maken. Baby Karim wist vorige maand nog een tweede bombardement te overleven.

Oost-Ghouta is een van de laatste gebieden in Syrië die in handen zijn van Syrische rebellen. De Verenigde Naties noemden de situatie hier in november een „humanitaire noodtoestand”. Eerder deze maand riep Unicef op tot de onmiddellijke evacuatie van 137 kinderen, die vanwege ondervoeding direct medische hulp nodig hebben. Dit weekend liet de Turkse president Erdogan weten samen met de Russische president Poetin, tevens een bondgenoot van Assad, aan een plan te werken voor de vrijlating van zieken en gewonden uit Oost-Ghouta.

Lees ook: Turkije werkt aan plan evacuatie gewonden Ghouta

Ruil tussen regime en rebellen

Deze week werd een akkoord bereikt. Hierbij komen door rebellen vastgehouden regeringsmilitairen vrij en krijgen 29 inwoners van Ghouta die acute humanitaire hulp nodig hebben een vrijgeleide van het regime.

Het Internationale Rode Kruis (ICRC) is gevraagd te helpen bij de evacuatie. „Dinsdagavond zijn vier patiënten samen met hun families uit het gebied gehaald en gisteren nog eens zestien”, zegt Elodie Schindler van het Internationale Rode Kruis in Genève. „Het gaat om kinderen en ouderen met bijvoorbeeld kanker en chronische ziektes als diabetes.” Voor één ziek kindje kwam de hulp deze week net te laat.

Lees ook: Eerste zieken geëvacueerd uit belegerde Syrische wijk

‘Maak kinderen niet tot wisselgeld’

Er is ook kritiek op het akkoord. Jan Egeland, humanitair adviseur van de Verenigde Naties, noemde het op de BBC een slechte ruil. „Het is geen goede deal als ze zieke kinderen uitruilen voor gevangenen. Dat betekent dat kinderen wisselgeld worden in een oorlog.”

ICRC-medewerker Schindler zegt dat haar organisatie niet betrokken was bij de onderhandelingen. „We zijn achteraf alleen gevraagd mee te helpen met evacueren”, zegt ze. De patiënten worden met hun families naar ziekenhuizen in Damascus gebracht. „We smeken al lange tijd om toegang tot het gebied. We zien dit als een kleine, maar een positieve eerste stap.” Schindler mag uit veiligheidsredenen niet zeggen of baby Karim, die nu bij zijn vader is, een van de evacué’s is.

Volgens haar is het allerbelangrijkste dat hulporganisaties regelmatig toegang krijgen tot Oost-Ghouta om noodhulp te bieden aan de inwoners. „De situatie is daar echt dramatisch. Ze hebben brandstof nodig om ziekenhuizen draaiende te kunnen houden.” De inwoners van Oost-Ghouta kampen met een tekort aan alles.

Vorig jaar is het gebied uitgeroepen tot ‘de-escalatiezone’ waardoor het tijdelijk wat rustiger leek te worden. Volgens cijfers van het in Londen gevestigde Syrisch Observatorium voor de Rechten van de Mens zijn sinds half november zeker 216 doden gevallen in het gebied, onder wie 51 kinderen.

Bekijk ook de in beeld: In Syrië dreigen kinderen de hongerdood te sterven
    • Maral Noshad Sharifi