Opsteker voor werkloze zzp’ers uit ander EU-land

De Roemeen Florea Gusea werkte vier jaar als zelfstandig stukadoor in Ierland. Na de financiële crisis kwam hij zonder werk en inkomen te zitten. Heeft hij recht op een uitkering?

Foto Alexandru Magurean

De Roemeen Florea Gusa zocht kort na de toetreding van zijn land tot de EU een nieuw bestaan in Ierland. Van oktober 2008 tot oktober 2012 verdiende hij daar de kost als zelfstandig stukadoor en betaalde hij belastingen, sociale premies en heffingen. Na de financiële crisis kwam hij zonder werk en inkomen te zitten. Hij liet zich als werkzoekende inschrijven en vroeg een uitkering aan. Die werd geweigerd. Sterker, hij moest het land uit, omdat hij niet langer kon voorzien in zijn eigen levensonderhoud. In hoger beroep legde het Ierse Court of Appeal het geschil voor aan het Europees Hof.

In de Europese wet staat dat iedere EU-burger die in een ander EU-land werknemer of zelfstandige is, het recht heeft daar langer dan drie maanden te blijven. Wie zonder werk komt, verliest dit recht op verblijf, tenzij hij/zij „na ten minste één jaar te hebben gewerkt onvrijwillig werkloos” wordt. De Ierse instanties vinden dat deze uitzondering alleen geldt voor werknemers in loondienst. Dus als Gusa in loondienst was geweest en was ontslagen, had hij wel in Ierland mogen blijven en een uitkering kunnen krijgen.

Sommige taalversies van deze Europese wet kun je inderdaad zo opvatten, stelde het Europees Hof vorige week vast, maar andere taalversies juist niet. En dat kan natuurlijk niet, want de Europese regels moeten in de hele Unie hetzelfde worden uitgelegd en toegepast. Wanneer er verschillen zijn tussen de taalversies, moet worden gelet op context en doel van de regeling. Daaruit kan, aldus het Hof, niet worden afgeleid dat de uitzonderingsbepaling uitsluitend is bedoeld voor personen die in loondienst zijn geweest. Kortom, de onvrijwillig werkloze zzp’er Gusa heeft recht op Ierse bijstand.

www.curia.europa.eu: ECLI:EU:C:2017:1004