Het slagveld op de 500 meter eist twee grote slachtoffers

Michel Mulder zal zijn olympische titel op de 500 meter niet verdedigen, Dai Dai Ntab is er door twee valse starts ook niet bij in Pyeongchang.

Ongeloof bij Dai Dai Ntab na zijn diskwalificatie vanwege twee valse starts. Foto Vincent Jannink/ANP

Het ene slachtoffer had naar het andere slachtoffer gekeken. Wat ontzettend balen voor Dai Dai, dacht Michel Mulder toen zijn ploeggenoot met zijn handen gevouwen achter zijn hoofd gedesillusioneerd twee rondes over de inrijdbaan schaatste.

Twee keer vals. Dai Dai Ntab had met veel doemscenario’s rekening gehouden, maar dit was een nieuwe. Hij stond niet stil, twee keer, dat wist hij. Maar wat wachtte die starter lang, Ntab had niet eerder dit seizoen zo lang gewacht. Mulder leefde mee, maar dacht ook: Ntab had met zijn broer Ronald de beste papieren, een van de zes of zeven kanshebbers voor de drie plekken op de 500 meter was weg. Maar ook hij stond uiteindelijk verslagen in de catacomben van Thialf: door een verkeerde binnenbocht kan de man die in Sotsji goud won, zijn titel in Pyeongchang niet verdedigen.

Ze hadden deze woensdag beiden al weken, maanden zien aankomen. Zoveel kanshebbers op de kortste sprintafstand, alleen binnen hun ploeg Plantina al. Er zouden vooral verliezers zijn. De dag zelf was een „hel”, zegt Ntab, als hij afgekoeld maar niet minder radeloos de pers te woord staat. „Je voelt het, je proeft het. Er wordt niet gesproken in de warming-uphal”, zegt Mulder. „Af en toe kijk je elkaar aan, zo van: ja, het is een vreselijke dag. Dat is het ook. Natuurlijk zijn er in de wereld veel meer dingen die vreselijker zijn. Maar voor ons is dit nu het belangrijkste en als dat niet lukt, valt een droom in duigen.”

Dringen aan de top

Oktober, een theater naast het station in Hilversum. Op de presentatie van Plantina zit een Michel Mulder (31) met vertrouwen, naast zijn broer Ronald. Goede tijd in een trainingswedstrijd in Inzell, iedereen wist weer dat hij er nog was. Twee jaar heeft de olympisch kampioen geen wereldbekerwedstrijden gereden, maar nu zou hij zich weer mengen in de Nederlandse sprinttop.

Het is dringen voor een plek op de Spelen, weet hij. Bij Plantina zit de wereldkampioen sprint (Kai Verbij), de winnaar van olympisch brons en vijf wereldbekerwedstrijden (broer Ronald) en de tweevoudig Nederlands kampioen (Ntab). Maar om zich nu al druk te maken over de Spelen? „Ik weet dat ik fysiek weer goed genoeg ben om hard te rijden. Maar ik geloof dat ik de wereldbekers nodig heb om weer de echte Michel te worden, die prijzen kan winnen.”

Ntab (23) gaat zijn eerste olympisch seizoen in en is in Hilversum nuchter. „Het blijft altijd hetzelfde trucje. Ik probeer heel rationeel wedstrijden te benaderen en probeer van mijn kracht uit te gaan.”

Dat is explosief zijn. Fysiek is hij misschien wel de beste van het hele stel, de puurste sprinter. Als alles klikt. Hij won vorig jaar het wereldbekerklassement en sindsdien verwacht iedereen dat hij er in Pyeongchang bij zal zijn. „Maar twee jaar geleden dacht ik nog dat het te vroeg zou komen. Nu heb ik het gevoel dat ik het verschil kan maken. Misschien zeg ik over drie maanden wel weer: het gaat niet lukken, want er is iets gebeurd.”

Wisselvalligheid

December, een week voor het olympisch kwalificatietoernooi, een hotel in Wolvega. Michel Mulder heeft niet de wereldbekerwedstrijden gereden die hij dacht nodig te hebben. Op de NK afstanden brak een veer in zijn schaats: weg kans. In Salt Lake City eerder deze maand had hij weer even mee mogen doen, ware het in de B-groep. Ook toen brak zijn veer. Pure pech, maar aan tafel is hij toch vooral positief over de race die hij er wel reed. Hij zit op de goede weg.

Michel Mulder beseft dat hij zijn olympische titel niet zal verdedigen.

Foto Erik Pasman/ANP

Ook Ntab houdt zich vast aan wat hij in Salt Lake City deed. Twee goede 500 meters, een keer derde, een keer vierde. Hij wist waar de matige prestaties in de wereldbekerwedstrijden daarvoor vandaan kwamen. Het ging technisch mis in de bochten, hij voelde zich onzeker. Dat was nu weg. Het is niet zijn eerste wisselvallige seizoen. „Dat moet ik nog meer onder controle krijgen”, zegt hij. „Het past ook wel bij mijn karakter, die pieken en dalen.”

Nog een weekje en dan één keer 34 seconden pieken. Is in zijn voordeel, zegt Ntab, maar één 500 meter. „Mijn eerste is meestal beter dan mijn tweede.” Mulder wil liefst weer terug naar twee – veel eerlijker.

Die week later proberen twee verliezers woorden te geven aan hun nieuwe realiteit. Zij zijn er niet bij op hun onderdeel, Ronald Mulder en Kai Verbij wel, Jan Smeekens zo goed als zeker ook. „Ik weet niet wat ik hiermee moet”, zegt Ntab. „Het is ook een gevoel van oneerlijkheid: op basis van wat ik heb gereden, moet ik gewoon naar die verdomde Spelen.”

Mulder had het idee dat hij mee kon doen. „Maar als het niet genoeg is, is dat zuur.”