Recensie

Sprookje met de krijsviolen uit ‘Psycho’

Meermeisje Jeugdoperahuis Holland Opera brengt Meermeisje (6+). +), vrij naar het sprookje van Andersen. De muziek van Oene van Geel is afwisselend en veelkleurig, maar theatraal mist de voorstelling focus.

Foto Holland Opera

‘Een misgebakken boeleke” is ze in de originele tekst. Wel met beentjes en teentjes erop - maar voor een dochter van zeegod Triton is dat foute boel. Gelukkig wil de zeeheks meermeisjesbaby Eline een vinnetje geven. Die ze als puber natuurlijk toch verruilt voor benen, om bij haar geliefde op het land te kunnen zijn – we kennen de plot uit het sprookje van Andersen, of („net als een mens, dat is mijn wens!”) De Kleine Zeemeermin van Disney. En die laatste is waarschijnlijk hét referentiepunt voor de doelgroep van de opera Meermeisje (6+), gebaseerd op een Andersen-bewerking van de Vlaamse schrijver Herman van de Wijdeven.

Een goede kinderopera, zo leerde eerder het geslaagde Roodhapje (2015) door Holland Opera, is afwisselend, geestig en begrijpelijk. Violist/componist Oene van Geel, in 2013 winnaar van de Boy Edgar Prijs, is inmiddels doorgewinterd in het genre. Voor De Nationale Opera maakte hij vorig jaar Hondenhartje, voor Holland Opera eerder Feeks (2011) en 4 Musketiers (2013).

In dit filmpje zie je hoe zeegod Triton wordt aangekleed.

Muzikaal is Meermeisje beter dan Roodhapje; vol vaart en veelkleurigheid, en mét een laag voor de ouders. Haaien? Daar klinken die enge krijsviolen uit Psycho. Surfdude in zicht? ‘Good Vibrations’! En de samenzang van de zeedochters doet denken aan Wagners Rheingold, waaraan ook de kabbelende klanken van het goed spelende Ragazze Kwartet bijdragen.

De ongewone keuze voor een strijkkwartet als begeleidend ensemble overtuigt sowieso ten volle. Het kwartet versmelt romig met de stemmen én heeft theatrale meerwaarde, want violisten kunnen rondlopen.

Theatraal heeft de voorstelling, inventief vormgegeven met nauwelijks middelen, wel wat stevige manco’s. Aan de zangers ligt dat niet; die zingen en acteren met verve en de kwetsbaar-krachtig dansende Jade Stenhuijs is voor de titelrol een vondst. Maar het verhaal is vaak te complex om meteen goed te volgen en aan al die zijnsvragen („er is iets mis met mij”) heeft een gemiddeld schoolkind worst; meer humor en actie zouden welkomer zijn geweest.

Op zich is de keuze de meer dramatische elementen in het sprookje te willen uitlichten dapper. Maar dan wil je ook dat het einde bevredigt. Dat Meermeisje of sterft, of haar surf-dude Edvard Prins na een stevig liefdesduet in de armen sluit. In plaats daarvan is er een open einde, en verwaait de plot als zeeschuim in de wind.

In een eerdere versie van deze recensie werd verwezen naar de soundtrack van ‘Jaws’, dat was een fout. Bedoeld werden de krijsviolen uit de horrorfilm ‘Psycho’.

    • Mischa Spel