Opinie

    • Maxim Februari
Maxim Februari

De vraag van 2018 is wat we niet willen weten

Moet ik nu de toekomst voorspellen? Wat ouderwets. Tegenwoordig kunnen kunstbreinen veel beter dan wij voorspellen wat er gaat gebeuren. Dat doen ze door diep te leren – ‘deep learning’ – wat wil zeggen dat ze vaardigheden verwerven en zichzelf leren te leren.

Zo kunnen de nieuwe intelligenties niet alleen voorspellen wat je gaat kopen en op wie je gaat stemmen, maar ook hoelang je nog hebt te leven. Nu al kunnen ze uit een patiëntenpopulatie met 69 procent nauwkeurigheid diegenen halen die binnen vijf jaar zullen sterven, rekende de Universiteit van Adelaide dit jaar uit. En hoewel de onderzoekers niet snapten hoe de machines de diagnoses hadden gesteld, waren ze er wel blij mee, omdat ze daardoor sneller konden beginnen met behandelen en begeleiden.

Binnenkort leven we dus in een maatschappij die al in 1952 door Elias Canetti werd beschreven in zijn toneelstuk Die Befristeten, de gelimiteerden. Van geboorte af aan weten alle mensen daar wanneer ze dood zullen gaan, en ze ontlenen hun naam – ‘Zeventig’, ‘Zesenveertig’ – aan het aantal jaren dat ze hebben te leven. Zoveel zekerheid zorgt voor opgewektheid. Tegelijk ontstaat een vreemde hiërarchische verhouding, een kloof, tussen mensen met een hoge en mensen met een lage levensverwachting. Wie Achtentachtig heet is automatisch hautain.

Een goede toekomstvoorspelling levert zekerheid en daarmee vreugde. Maar ook het soort onwrikbaarheid dat kan leiden tot apathie en gebrek aan maatschappelijke deernis. Ik voorspel dat we in 2018 af en toe voor de vraag komen te staan of we iets wel of niet willen weten. We kunnen de voorspellingen van grote intelligenties volgen, maar we kunnen ook besluiten er gewoon wat op los te leven.

is schrijver, jurist en filosoof.
    • Maxim Februari