Die ingeslagen ruit rinkelde rijkelijk laat in de krant

De Verwarde Man – het lijkt een typetje van Koot en Bie, maar is inmiddels eerder een schrikbarende vaste gast in de media, bij allerlei geweldsincidenten. Ook bij de recente vernieling van een koosjer restaurant in Amsterdam bleek de man weer aanwezig.

Of was hij niet verward, maar overtuigd antisemiet?

Enkele lezers protesteerden, omdat ze vonden dat de krant het incident onderbelichtte of zelfs vergoelijkte. Een ander maakte bezwaar tegen de ‘verhullende’ berichtgeving over een bloedig incident in Maastricht, dat ernstiger was (inclusief een doorgesneden keel) dan het bericht over de „steekpartij” in de papieren editie deed vermoeden.

In die kritiek speelt, zeker op sociale media, de vrees of overtuiging mee dat ‘politiek correcte’ media uit ideologische overwegingen, smetvrees of ivorentorennaïviteit het karakter van zulke incidenten miskennen of verzwijgen. Dit tegen de achtergrond van zorgen om heroplevend antisemitisme en, in de Maastrichtse zaak, misdaad onder Syrische vluchtelingen. Naar aanleiding van de Palestijnse man die de ruiten van het Amsterdamse restaurant aan diggelen sloeg, klonken hier en daar verwijzingen naar de Kristallnacht van 1938.

In zo’n verhit klimaat is het op zichzelf natuurlijk verstandig dat een redactie goed afweegt of en wanneer er bij een incident moet worden opgeschaald. Speculeren is riskant, de feiten moeten vooropstaan. Anderzijds: te grote terughoudendheid is ook misplaatst, zeker nu in dit geval pijlsnel de vraag opkwam waarom een molotovcocktail naar een moskee in Enschede door het openbaar ministerie in 2016 wél als terrorisme werd vervolgd en de vernieling van het koosjer restaurant niet.

Hoe ging NRC om met het incident?

Het gebeurde op donderdag, nrc.nl bracht het nieuws alert, inclusief reactie van de politie (Man slaat ruiten koosjer restaurant in, 7 december). Maar in de ochtendkrant nrc.next verscheen het vervolgens pas op maandag als klein bericht (Supersnelrecht voor man die Israëlisch restaurant vernielde, 11 december). De middagkrant had niets.

Waarom niet? De afweging was: er is nog te weinig bekend over de motieven van de man, die volgens de politie een verwarde indruk maakte. Er zou meer duidelijk worden zodra de man voor de rechter stond, was het idee.

Ook dat is op zichzelf een begrijpelijke afweging. Zeker voor de kwalificatie ‘terrorisme’ is een ideologisch motief, planmatig handelen en het oogmerk om zoveel mogelijk schade aan te richten en angst te zaaien, vereist; het Stijlboek van de krant heeft er een lemma over. Dat was hier niet duidelijk. Ook andere media brachten het nieuws in eerste aanleg niet of betrekkelijk klein.

Maar de fixatie op motieven, liefst uit de mond van de dader, hoe begrijpelijk ook - en hoe typisch ook voor de Nederlandse Gesinnungsethik waarin bedoelingen en niet effecten voorop staan - kan afleiden van een eigen beoordeling van de ernst van een incident. Want dit was hoe dan ook een angstaanjagende, politieke daad, gericht tegen een particulier Joods bedrijf. De dader wapperde met een Palestijnse vlag en riep volgens getuigen dat God groot is.

Dat is geen ‘normaal’ straatgeweld in een tijd dat Europese Joden belaagd worden door islamitische extremisten en antisemitisme ook in andere kringen weer manifest wordt. Op de dag dat het nieuws over het restaurant in nrc.next stond, meldde de voorpagina van NRC Handelsblad de poging tot brandstichting in een Zweedse synagoge, onder het kopje ’antisemitisme’. Terecht. Correspondent Juurd Eijsvoogel schreef dat ‘dood aan de Joden’ werd geroepen in Berlijn, óók als protest tegen de erkenning van Jeruzalem door Trump.

Gelukkig kwam er alsnog, zij het pas een week na het incident, een feitelijk en grondig stuk van Bas Blokker, waarin de politie, de advocaat van de verdachte en de uitbater van het restaurant aan het woord kwamen.

Alleen, de kop boven dat stuk (‘Boos op Israëlische regering, niet op Joden’), een uitspraak van de advocaat van de man, riep direct nieuw protest op van enkele lezers. Ik geef ze gelijk, al was het geen opzet om de daad te ‘vergoelijken’, de kop werd gekozen omdat die iets van een motief in zicht bracht.

Maar om te beginnen kan dit een van de oudste smoezen ter wereld zijn voor Jodenhaters (de oudste heeft te maken met de dood van Jezus). Een schijnbeweging die trouwens ook doet denken aan polemisten die ‘niets tegen moslims hebben maar wel iets tegen de islam’. Ambachtelijk punt: de kop was een niet gestaafde bewering van één partij, die nu bovendien, in combinatie met het intro, afkomstig leek van de politie. En ‘boos’ lijkt me toch echt een tikje braaf voor deze woeste vernielzucht.

De site deed het beter met de kop Vernieler koosjer restaurant leerde in Syrië wapens hanteren ‘om zich te verdedigen’ tegen IS. In de middagkrant kreeg Blokkers stuk een andere kop mee, maar ook die zoomde in op de beleving van de dader: Verdachte Palestijn heeft spijt van daad. Opnieuw woorden van zijn advocaat, nu zonder aanhalingstekens. Maar of de man spijt heeft, wist de krant toen helemaal niet – er bleek ook niet veel van op de latere rechtszitting.

Ook over die zitting bracht NRC een feitelijk en evenwichtig verslag. Maar Trouw en de Volkskrant brachten daarnaast stukken waarin werd uitgelegd waarom dit wel of niet kon worden gezien als een terreurdaad. Argument tegen: de daad was te kleinschalig en impulsief, de dader te chaotisch. Wat je daar ook van vindt, ik had zulke uitleg ook graag in de eigen krant gelezen.

Slotsom: de krant worstelde onnodig lang met dit incident. Geweld tegen een etnische of religieuze groep hoeft geen bewezen ideologisch terrorisme te zijn om te verontrusten en stevige berichtgeving te rechtvaardigen.

Reacties: ombudsman@nrc.nl
    • Sjoerd de Jong