Slaapmiddelen werken even en maken je dan verslaafd

Slaappillen

Een op de tien Nederlanders slikt slaapmiddelen. De middelen werken niet, maar je komt er net zo moeilijk vanaf als van roken.

Wie lijdt aan slapeloosheid komt makkelijk in de verleiding toch weer een slaappil te nemen. Na de eerste twee weken zijn slaapmiddelen niet effectief meer, maar geven nog wel bijwerkingen. Istock

Zo verslavend als roken, zo verdovend als een paar glazen wijn en zo slaapverwekkend als een klap met een hamer op je hoofd. Spreek over slaapmiddelen met deskundigen en ze komen moeiteloos met de ene bon mot na de andere – steevast met een afwijzende ondertoon.

Slaapmiddelen hebben namelijk bij biomedische onderzoekers een ongunstige reputatie. „Het middel is in dit geval erger dan de kwaal”, zegt bijvoorbeeld ziekenhuisapotheker Patricia van den Bemt, hoogleraar medicatieveiligheid aan het Erasmus Medisch Centrum in Rotterdam. De medische literatuur laat zien dat de positieve effecten – inslapen, doorslapen – van korte duur zijn, terwijl de bijwerkingen – sufheid, misselijkheid, hoofdpijn, duizeligheid – langdurig en ernstig kunnen zijn.

Slaapmiddelen blijven echter onder mensen met slaapproblemen populair. Een op de tien Nederlanders slikt ‘benzodiazepinen’, de officiële verzamelnaam voor de slaapmiddelen waarvan de namen eindigen op -pam. Grootverbruikers van de ‘pammetjes’ zijn de ouderen, leren cijfers van de Stichting Farmaceutische Kerngetallen (SFK) over 2015; in dat jaar slikte 30 procent van de 80-jarigen de pillen. Het gebruik van slaapmiddelen neemt het afgelopen decennium wel af, maar dat gaat jaar op jaar zeer geleidelijk (zie infographic).

Gebruik slaapmiddelen daalt langzaam

Studio NRC

Wie deze pillen slikt, doet dat doorgaans al vele jaren – soms een half mensenleven of langer. De bron van de benzodiazepinen ontsprong dan ook in de jaren zeventig van de vorige eeuw. „Dat was een tijd dat het geloof in de chemische geneesmiddelen heel groot was en mensen in hun vrije tijd experimenteerden met drugs”, vertelt Van den Bemt. „Zo zijn de pammetjes makkelijk in de pen van de arts gekomen.”

Dat kwam ook doordat de benzodiazepinen veel veiliger waren dan de voorgaande generatie slaapmiddelen, de barbituraten. „Die waren heel gevaarlijk. Als je een te hoge dosering nam, kon je eraan overlijden. Barbituraten worden om die reden nog wel gebruikt voor euthanasie”, zegt Van den Bemt. „Aan benzodiazepinen ga je niet dood, ook niet als je je vergist met de dosering. Daarom zijn de pammetjes destijds binnengehaald als een veilig slaapmiddel.”

Benzodiazepinen activeren in het brein de receptoren voor gamma-aminoboterzuur (GABA, zoals de Engelse afkorting luidt). Dat is een remmende neurotransmitter, een signaalstof in de hersenen die activiteit onderdrukt. „Daardoor word je suf en heb je ook minder angst. Zo val je makkelijker in slaap en slaap je ook langer door”, zegt Van den Bemt.

De vraag is alleen: is deze benzodiazepine-slaap ook een echte slaap? „Bij mensen die slaaptabletten hebben geslikt zie je op de EEG wel een patroon dat op slaap lijkt, maar net niet helemaal”, zegt slaaponderzoeker Eus van Someren van het Nederlands Herseninstituut. „De drugs doen wel wat, maar geven eigenlijk een klap met de hamer.”

Slaapmiddelen werken een beetje als alcohol; je valt snel in slaap, maar rust niet niet goed uit.

Van den Bemt vergelijkt het slikken van een slaappil met het drinken van alcohol: „Je slaapt lekker in, maar je wordt er niet uitgerust van wakker.” Dat komt ook doordat je met pillen minder REM-slaap krijgt. „Die slaap heb je nodig hebt om echt te herstellen”, zegt Van den Bemt. „Zo beïnvloeden pillen de slaaparchitectuur op een ongunstige manier.”

De medische wetenschap heeft dan ook al meer dan een decennium geleden afgerekend met de benzodiazepinen voor chronische slaapproblemen. Dat gebeurde onder meer in twee omvangrijke meta-analyses, waarbij onderzoekers in het Verenigd Koninkrijk in 2004 en onderzoekers in Canada in 2007 honderden klinische onderzoeken tegen het licht hielden.

Daaruit bleek dat slaapmiddelen bij proefpersonen de slaapduur in de eerste drie nachten met dertig tot vijftig minuten verlengen in vergelijking met een placebo. De inslaaptijd wordt dan ook vijftien tot twintig minuten korter. Maar na enkele weken gebruik neemt het slaapopwekkend effect van de middelen sterk af. De ongewenste bijwerkingen blijven echter wel bestaan. Uit ander onderzoek blijkt dat slaaptherapie en cognitieve gedragstherapie wel blijvend effectief is tegen slaapstoornissen.

Op grond van dit soort onderzoeken besloot de overheid om de benzodiazepinen met ingang van 2009 niet langer te vergoeden, behalve voor bijzondere patiëntengroepen zoals mensen met epilepsie of angststoornissen. Het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG) kwam in 2014 met een richtlijn waarin het voorschrijven van deze slaapmiddelen aan banden werd gelegd. Huisartsen mogen de middelen nu alleen voorschrijven voor vijf dagen en dan nog maximaal een keer herhalen – na een nieuw consult.

De aanwas van nieuwe gebruikers lijkt inmiddels te stokken, maar de bestaande gebruikers lijken moeilijk van hun middelen af te komen. Gemiddeld krijgen de 1,7 miljoen gebruikers zo’n honderd dagelijkse doses per jaar. Die krijgen ze niet via de praktijk-assistent; ze moeten daarvoor naar het spreekuur komen. „Patiënten vragen mij dan: ‘waarom krijg ik het middel niet gewoon’. Ze hebben ontwenningsverschijnselen als ze het middel niet nemen, ze slapen niet goed”, vertelt Jako Burgers, huisarts in Gorinchem. Burgers houdt zich veel bezig met richtlijnen – als verantwoordelijke bij het NHG en als hoogleraar aan de Universiteit Maastricht.

Huisartsen proberen geregeld hun patiënten te helpen met het afbouwen, vertelt Burgers. „Bijvoorbeeld door hun daarvoor een brief te sturen. 1 op de 4 stopt dan ook, terwijl dit zonder brief 1 op de 8 is. De pillen zijn net zo verslavend als roken.”

Om die reden vindt Van den Bemt dat huisartsen de benzodiazepinen helemaal niet meer zouden moeten voorschrijven: „Als mensen de pillen eenmaal ervaren hebben willen ze die steeds weer.”

Dat is vooral voor ouderen heel onveilig, bleek uit een rapport dat Van den Bemt eerder dit jaar met collega-hoogleraren schreef. Jaarlijks komen 7.000 65-plussers in het ziekenhuis doordat ze versuft door de medicijnen zijn gevallen. De meest voorkomende medicijnen zijn de benzodiazepinen, die niet alleen suf maken maar ook de spierspanning verminderen. Van den Bemt: „Ouderen vallen en breken dan bijvoorbeeld hun heup. In het ziekenhuis lopen ze bij wijze van spreken longontsteking op en overlijden. Dan is een slaappil het begin van het einde.”

    • Karel Berkhout