Lekker geslapen, zegt de app – jammer dat het niet klopt

Slaap-metertjes Net als lichaamsbeweging en calorieverbruik kun je de hoeveelheid slaap meten – met apps en apparaatjes. De prestaties van deze slaapmeters zijn matig en soms zelfs misleidend.

De gratis meegeleverde gezondheidsapp in een doorsnee smartphone registreert ‘slapen’ en ‘waken’ met een bewegingssensor. Meer geavanceerde apparaatjes kosten zo’n 600 euro. Istock

Acht uur in bed gelegen. Waarvan in totaal een halfuur wakker, 4,5 uur in lichte slaap, 1,5 uur in diepe slaap en 1,5 uur in REM-slaap. De app toont de slaapstadia in een kleurig grafiekje op je telefoon. „Deze nacht heb je goed gescoord ten opzichte van leeftijdsgenoten”, staat eronder. Mooi! Je kunt fris de dag in.

Wie een beetje op zijn lijf let en van gadgets houdt, meet niet alleen zijn stappen en hartslag, maar ook zijn slaap. De doorsnee smartphone kan dat met de gratis meegeleverde gezondheidsapp, die ‘slapen’ en ‘waken’ registreert met een bewegingssensor. De app Sleeptracker 24/7 (0,99 euro) onderscheidt daarnaast de verschillende slaapstadia. Wie helemaal op safe wil spelen, koopt een polshorloge van Fitbit of Jawbone Up (tussen de 69 en 169 euro, afhankelijk van het type). Zo’n horloge registreert beweging en hartslag, en communiceert draadloos met de smartphone.

Proef op de som

Maar doen al die dingen wel wat ze beloven? De Amerikaanse ‘somnoloog’ (slaapspecialist) Chris Winter, auteur van The Sleep Solution, nam de proef op de som. Hij bracht een nacht door in een slaapkliniek voor een professionele slaapmeting op basis van onder meer hartslag, temperatuur en hersengolven. Om zijn linkerarm had hij maar liefst vijf commercieel verkrijgbare devices, waaronder een Fitbit, een Jawbone Up en zijn eigen smartphone met 24/7.

Het werd een wat onrustige nacht, vanwege al die apparaten. Luchtig constateert Winter in The Huffington Post: „De Fitbit registreerde mijn diepe slaap als een waakperiode. (…) De resultaten van de Jawbone vertoonden nauwelijks overeenkomst met hoe ik echt had geslapen.” Over de smartphone-app 24/7 is hij nog korter: „Die genereerde een volkomen willekeurige serie slaapstadia.” De Philips Actiwatch Spectrum (600 euro) klokte de waak- en slaaptijd verbazend nauwkeurig, maar onderscheidde dan weer geen slaapstadia. Winters conclusie is mild: „Uiteindelijk is ieder apparaat goed zo lang het je maar twee keer laat nadenken voordat je laat naar bed gaat.” Slaap-apps kunnen je dus helpen op tijd naar bed te gaan.

Slaapmeters zijn ook met elkaar vergeleken in honderden wetenschappelijke studies. Maar die zijn allemaal anders opgezet en vergelijken vaak niet dezelfde modellen. De conclusies variëren van mild positief naar ronduit negatief. Het tijdschrift Sensors (mei 2016) meldt incidentele afwijkingen van wel 150 procent. Sleep (september 2015) is licht positief over de Jawbone Up; Physiology & Behavior (mei 2016) over de Fitbit Charge HR.

Een overzicht van deze studies in het tijdschrift Expert review of medical devices (2016) eindigde met de conclusie dat de devices gemiddeld een te rooskleurig beeld geven van de hoeveelheid slaap. De Fitbit Ultra onderschat bijvoorbeeld het nachtelijk wakkerliggen met gemiddeld een halfuur, en óverschat de totale slaaptijd met 40 minuten. De smartphone-app 24/7 benoemt 94 procent van de slaaptijd correct, maar slechts 36 procent van de nachtelijke waaktijd. Die app herkent de verschillende slaapstadia niet en wekt je ’s ochtends ook niet bij voorkeur tijdens lichte slaap, wat beide wel zou moeten.

Bhanu Prakash Kolla, somnoloog bij de Amerikaanse Mayo Clinic en eerste auteur van het genoemde overzichtsartikel, schrijft per e-mail dan ook wat cynisch: „Ik zie weinig redenen waarom die devices op korte termijn beter zouden worden. De nieuwste modellen gebruiken nog steeds dezelfde technologie.” De duurdere modellen kunnen ermee door, merkt hij op, maar zelfs daarvan is de vraag of de gebruiker er wel mee geholpen is. „Integendeel, ik denk dat ze de gebruiker zenuwachtig kunnen maken over zijn of haar slaap. Er zijn geen klinische studies gedaan naar het effect ervan. Vergelijkbare studies over fitness en gewicht lieten zien dat zulke devices zelfs schade kunnen aanrichten.”

Onnodig ongerust

De Consumentenbond waarschuwt op haar website dat veel van de slaapmeters nog onbetrouwbaar zijn, dat je daar onnodig ongerust van kunt worden of juist onterecht gerustgesteld, en dat je door de extra focus op je slaap wellicht juist slechter gaat slapen. Niet kopen, luidt het advies.

Reinier de Groot, longarts-somnoloog bij het Nederlands Slaap Instituut, is het daarmee eens. „Vooral nu nog niet doen. ”, zegt hij. „De realiteit is dat Fitbit en de apps op dit moment absoluut niet aan de verwachtingen voldoen. Ik denk wel dat dat in de nabije toekomst gaat veranderen. Maar willen we er echt wat mee in de slaapgeneeskunde, dan moeten er eerst veel meer studies plaatsvinden naar het klinische effect ervan. Dat gebeurt nu nog te weinig.”

Iris (45 jaar, achternaam bij de redactie bekend) kocht haar Fitbit Charge HR vooral als fitnesshulp, maar is wel degelijk blij met de slaapmeetfunctie. „Soms heb ik het gevoel dat ik de hele nacht nauwelijks heb geslapen”, vertelt ze, „Maar dan blijkt uit de app dat ik een aantal uren helemaal weg ben geweest. Dat geeft mij dan vertrouwen. Voorheen stond ik na zo’n slechte nacht boos en verdrietig op: dat wordt weer een rotdag, dacht ik dan. Nu gebeurt dat veel minder.”

Het is een bekend gegeven uit de slaapwetenschap, beaamt De Groot: slechte slapers onderschatten de tijd dat ze in slaap zijn geweest. Je realiseren dat je beter hebt geslapen dan je denkt, is een vast onderdeel van de cognitieve gedragstherapie bij slaapproblemen. „Als je echt een slaapprobleem hebt, dan voegt zo’n apparaat weinig toe”, meent De Groot. “Dan moet je het onderliggende probleem aanpakken.” Kan zo’n Fitbit daar niet bij helpen, door foute denkbeelden weg te nemen? „Ja, daar kan ik me wel iets bij voorstellen. Als iemand het goed begeleidt en goed uitlegt.”

Hoe beter je slaapt, hoe beter je slaapmeter het doet

Maar het Journal of Psychosomatic Research (juni 2017) schrijft iets wat daartegen pleit: de slaapmeters werken beter bij goede slapers dan bij mensen met slaapproblemen. Hoe langer je erover doet om in slaap te vallen en hoe onrustiger je slaapt, hoe minder nauwkeurig de meting.

Wat vindt Iris er eigenlijk van, dat de meters niet zo goed uit de tests komen? En dat Fitbit een te positief beeld geeft? Ze is even stil. „Dat vind ik niet zo leuk om te horen”, zegt ze dan lachend. „Ik geloof best dat het waar kan zijn. En uiteindelijk moet je toch gewoon aan je eigen lijf voelen of je goed geslapen hebt. Maar voor mij werkt die Fitbit goed, hoor. Ik zie in de grafiekjes echt verschil tussen wat ik ervaar als een goede en een slechte nacht. En ik zie precies wanneer ik ’s nachts even ben opgestaan.”

En past ze haar slaapgewoonten aan de uitkomsten aan? „Nee, ik ga altijd wel vroeg erin en eruit. Ik vind het vooral grappig om die grafiekjes te zien. En ik heb nu meer vertrouwen in mijn slaapkunsten.”