Shell en topmanagers vervolgd

Corruptie

Rechtszaak in Milaan draait om betaling van ruim miljard euro voor een Nigeriaans olieveld door Shell en het Italiaanse Eni.

Justitie in Italië heeft woensdag een historisch besluit genomen. Nog nooit zijn een bedrijf met de omvang van Shell en zulke hooggeplaatste managers voor de rechter gedaagd vanwege corruptie. Behalve Shell wordt het Italiaanse oliebedrijf Eni vervolgd voor omkoping bij de aankoop van een olieveld in Nigeria, zes jaar geleden.

Ook (oud-)topfunctionarissen van Eni en Shell worden vervolgd in de zaak, onder wie de huidige topman van het Italiaanse oliebedrijf Eni, Claudio Descalzi. Ook vier oud-medewerkers van Shell zijn verdachten, onder wie het Britse oud-directielid Malcolm Brinded.

De zaak draait om de 1,3 miljard dollar (1,1 miljard euro) die Shell en Eni voor een concessie in een groot olieveld op zee aan de Nigeriaanse overheid betaalden. Van dat bedrag ging 1,1 miljard dollar naar Nigeriaanse politici en ambtenaren.

Ook onderzoek Nederlands OM

Rechter Giuseppina Barbara in Milaan maakte de beslissing tot vervolging woensdag bekend. Justitie in Nederland heeft zonder twijfel met veel belangstelling gevolgd. Ook het Nederlandse OM doet onderzoek of het Shell en vier (ex-)directeuren, onder wie de huidige bestuursvoorzitter Ben van Beurden, zal vervolgen vanwege deze corruptiezaak.

De rechtszaak start begin maart. De centrale vraag is of Shell en Eni wisten van het doorsluizen van het geld en dus kunnen worden vervolgd wegens omkoping. Shell en Eni hielden tot nu toe vol dat ze op de eindbestemming van het geld geen invloed hadden.

Shell (omzet 217 miljard euro, 89.000 werknemers) zegt in een schriftelijke reactie dat het „teleurgesteld” is over het besluit van de rechter. „We verwachten dat de rechters tot de conclusie zullen komen dat er tegen Shell of zijn voormalige werknemers geen zaak zal blijken te zijn.” Eni (omzet 56 miljard, 34.000 medewerkers) kwam met een gelijksoortige reactie.

Justitie in Italië deed drie jaar onderzoek. Onderdeel van het onderzoek was een inval, begin 2016, in het hoofdkantoor van Shell in Den Haag, waaraan Nederlandse FIOD-rechercheurs meewerkten. „Het bestrijden van corruptie vergt een internationale aanpak en dat laat deze uitspraak zien”, zegt een woordvoerder van het Nederlandse functioneel parket. Op de vraag of het in Nederland tot een rechtszaak komt, zegt de woordvoerder: „Het onderzoek loopt.”

Geld liep ‘via oud-minister’

De Italiaanse openbaar aanklager De Pasquale stelde in een eind vorig jaar uitgelekt rapport dat 1,1 miljard dollar op onwettige wijze terecht is gekomen bij een Nigeriaanse oud-minister van olie, Dan Etete. Via hem zou het geld volgens De Pasquale zijn doorgesluisd naar andere Nigeriaanse politici, onder wie oud-president Goodluck Jonathan.

„Het is ongekend dat grote oliemaatschappijen zich nu voor de rechter moeten verantwoorden voor corruptie”, reageert campagneleider Barnaby Pace van Global Witness. Die Britse actiegroep maakte zich jarenlang sterk voor vervolging van Shell en Eni in deze zaak.

Volgens hoogleraar bedrijfsethiek Wim Dubbink is het argument dat corruptie in sommige landen nu eenmaal onvermijdelijk is „moreel en juridisch een ongeldig argument”. Volgens de Tilburgse wetenschapper heeft het internationale samenwerkingsverband OESO in 2009 richtlijnen rond anti-corruptie uitgevaardigd. „In de jaren zeventig had dat argument wellicht nog enige geldingskracht, maar nu zit je bij corruptie gewoon fout.”

    • Hester van Santen
    • Erik van der Walle