Shell trekt zich eerder dan verwacht terug uit Iraaks olieveld

Olie- en gasconcern Shell stopt met de productie uit het Iraakse olieveld Majnoon vanwege „strategische overwegingen”.

Shell had een belang van 45 procent in het Manjoon-olieveld in de buurt van de Iraakse stad Basra. Foto EPA

Shell trekt zich in maart terug uit wat naar eigen zeggen „een van de grootste olievelden ter wereld” is, het Majnoon-olieveld in het zuiden van Irak. Dat maakte het Iraakse olieministerie donderdag bekend.

Shell had een belang van 45 procent in het veld, naast de Maleisische oliemaatschappij Petronas en de Iraakse staatsoliemaatschappij.

Shell wilde de planning van de Iraakse regering donderdag niet bevestigen. Het bedrijf had in september al wel gemeld dat het vertrekt uit Majnoon, na berichten in de media. Financieel directeur Jessica Uhl hintte eerder op een vertrek aanstaande zomer.

Shell had sinds 2009 een belang in het Majnoon-veld, en het veld produceerde zijn eerste olie in 2013. Bij de bekendmaking van de kwartaalcijfers in november zei financieel directeur Jessica Uhl dat die beslissing „de juiste voor ons lijkt vanuit een strategisch standpunt”.

Kleine marges

Majnoon is één van de drie grootste velden in Irak. De meeste olie in Irak wordt gewonnen door grote internationale oliemaatschappijen. In oktober waarschuwde de Arabische olie-investeringsbank Apicorp dat die maatschappijen slechts kleine marges halen op de olieproductie uit de Iraakse velden.

Volgens Apicorp, dat expliciet verwees naar het geplande vertrek van Shell uit Majnoon, komt dat door de „relatief onaantrekkelijke contracten” met de Iraakse overheid, die de bedrijven weinig controle bieden over de ontwikkeling. In buurland Iran zouden contracten voor de oliebedrijven aantrekkelijker zijn.

Irak kon volgens Apicorp door de lage olieprijs en de oorlog met IS bovendien weinig investeren in de energiesector, en was in het verleden laat met betalingen. Daardoor is er „een sector-brede trend om toekomstige ontwikkelingen in Irak te heroverwegen”.

Productie opvoeren

Irak, dat economisch bijna volledig afhankelijk is van de olie-export, hoopte in 2012 nog op een productie van 13 miljoen vaten per dag in 2020, maar moest zijn ramingen eerder al naar beneden bijstellen. De Iraakse olieproductie steeg gestaag sinds de Amerikaanse invasie van 2003, maar vorig jaar stagneerde de landelijke productie rond zo’n 4,5 miljoen vaten per dag.

Het Iraakse olieministerie liet donderdag weten dat het de olieproductie van het Majnoon-veld wil opvoeren naar 400.000 vaten per dag „in de komende jaren”. In 2016 lag de productie op gemiddeld 215.000 vaten per dag, volgens het jaarverslag van Shell.

De Iraakse olieminister Jabar al-Luaibi schreef in een verklaring ook dat het met „een nieuw managementteam” de productiekosten met 30 procent wil doen afnemen. De Iraakse olieminister zei in november dat het met Chevron, Total en PetroChina onderhandelt over de exploitatie van Majnoon. Het Apicorp-rapport uit oktober meldt dat de Iraakse regering in 2018 meer wil investeren in de oliesector, en dat de veiligheidssituatie verbetert.

Shell wil zich richten op gas en petrochemie

Shell had een productiecontract tot 2030 voor het Majnoon-olieveld. Dat wordt dus voortijdig beëindigd.

Shell is bezig om tussen 2016 en 2018 in totaal voor 30 miljard dollar aan bedrijfsonderdelen af te stoten. Daarvan was vorige maand 23 miljard voltooid. Shell wil zich richten op zijn gaswinning en petrochemische activiteiten in Irak, meldde Shell donderdag in een schriftelijke verklaring.

Shell heeft overigens ook nog een belang in een ander Iraaks olieveld, West Qurna 1. Volgens Apicorp is er „groeiende bezorgdheid” dat Shell ook dat veld afstoot.