Opinie

    • Frits Abrahams

Revanche door de oudjes

De jonge vrouw lachte zó schel dat het pijn deed aan mijn oren. Ze voerde een telefoongesprek aan een belendend tafeltje in de hal van de bioscoop. Het was nog vroeg in de middag, maar ze nipte al aan een glaasje rode wijn. Je kunt het leven nooit vroeg genoeg vieren.

Ik zat met mijn vrouw te wachten tot de zaaldeuren open gingen voor de film The Killing of a Sacred Deer. De vrouw had hem net gezien, ze praatte er in haar mobieltje enthousiast over. Prachtig, verrassend, fascinerend et cetera.

Als ze nou maar niet het hele verhaal gaat navertellen, dacht ik bezorgd, maar gelukkig liet ze dat achterwege. In plaats daarvan riep ze opgewekt uit: „Ik zie hier alleen maar ouwe mensen om me heen!”

Het klopte ook nog, al had ik het zelf nog niet opgemerkt. Of je nou een mens bent, een rinoceros of een halsbandparkiet, individuen uit een andere leeftijdscategorie vallen je altijd eerder op, en zeker als ze in de meerderheid zijn.

De jonge vrouw proestte van het lachen. „Ja, die hebben midden op de dag niks anders te doen! Zálig lijkt me dat. Niets aan je hoofd, lekker doen waar je zin in hebt. Ik dacht vanmorgen ook: vandaag ga ik mezelf verwennen.”

We mochten de zaal binnen, al was het met een gekrenkt gevoel van eigenwaarde, en lieten haar in haar vrolijke stemming achter. De film – over een geschifte puber die het gezin van een chirurg terroriseert – viel me niet mee. Het eerste uur was sterk en spannend, daarna nam het verhaal zulke rare, ongeloofwaardige wendingen dat mijn gedachten begonnen af te dwalen. Gaf ik de film nog wel een eerlijke kans, vroeg ik me af, of zette ik me onbewust af tegen het oordeel van die lacherige wijndrinkster?

Na afloop bleek mijn vrouw minstens zo kritisch. Mooi meegenomen, inderdaad, maar thuis wachtte ons een nieuwe domper. Mijn dochter belde, ze was die middag vergeefs langs gekomen. Ze had vervolgens een vriendin verteld dat wij vermoedelijk naar de film waren, waarop die verbaasd had gevraagd: „Doen die dat dan nog?”

Er zijn boksers voor minder harde klappen neergegaan.

Hoewel we het niet met zoveel woorden uitspraken, besloten we een poging tot revanche te ondernemen. Het leek wel alsof de oudjes niet eens meer naar de bioscoop móchten. Dat kon onze generatie niet onweersproken laten.

Moesten we niet ook nog naar Visages Villages van de 88-jarige (!) regisseur Agnès Varda, die deze documentaire gemaakt had in samenwerking met de 33-jarige Franse fotokunstenaar JR? Samen toerden ze door Frankrijk, terwijl JR foto’s van Franse burgers nam en ze in reusachtige formaten op gevels plakte.

Het bleek een sympathieke, warme film over ‘gewone’ Fransen. Alleen het einde was droevig. Varda wilde een oude vriend, de filmer Jean-Luc Godard, opzoeken, maar die gaf – ondanks een afspraak – niet thuis. Hij had een soort verklaring op het raam geschreven. Varda begon te huilen.

De precieze reden was onduidelijk, maar vond ik later in een interview. Godard had de naam van haar overleden man Jacques Demy in zijn notitie genoemd. Het had Varda herinnerd aan de mooie jaren die zij samen met Godard hadden beleefd. En nu liet hij haar barsten – dat deed veel pijn.

Oude mensen kunnen zelfs nog mooie films máken.

    • Frits Abrahams