Raad van State: referendum over afschaffen referendum hoeft niet

Raadgevend referendum Raad van State vroeg het kabinet wel beter te motiveren waarom er geen referendum over de intrekkingswet kan komen, blijkt uit het advies.

Het advies van de Raad van State is een opsteker voor minister van Binnenlandse Zaken Kajsa Ollongren.

De Raad van State is het met het kabinet eens dat de mogelijkheid om een referendum te houden over afschaffing van het referendum, kan worden geblokkeerd.

Dat blijkt uit het advies van de raad over de intrekkingswet die minister van Binnenlandse Zaken Kajsa Ollongren (D66) woensdag naar de Tweede Kamer stuurde.

De Raad van State, het hoogste adviesorgaan van de regering, stelt dat het kabinet juridisch gezien de juiste benadering heeft gekozen door in de intrekkingswet de bepaling op te nemen dat deze onmiddellijk van kracht wordt. Dat is „een zuivere benadering”, zegt de raad.

Maar het kabinet moest wel beter motiveren waarom er dan geen referendum over de intrekkingswet hoefde te komen. Ollongren heeft nu toegevoegd dat het „niet logisch is” een referendum te houden over „de wet die het instrument terzijde schuift”.

De vraag of het raadgevend referendum moet worden afgeschaft is aan de politiek, vindt de Raad van State. Wel moet het kabinet, dat tijdens de formatie besloot het raadgevend referendum af te schaffen, zijn besluit beter motiveren. De motivering was onvoldoende „in een bredere context geplaatst”.

Inmiddels heeft Ollongren ook aan het wetsvoorstel toegevoegd dat het raadgevend referendum vooruit moest lopen op de invoering van een bindend referendum. De steun daarvoor is volgens het kabinet afgebrokkeld: „Het raadgevend referendum heeft als tussenstap niet gebracht wat ervan werd verwacht.”

Verschillende partijen en organisaties, waaronder Forum voor Democratie, willen het raadgevend referendum houden en hadden aangekondigd een referendum over de intrekkingswet te willen organiseren. Voor het organiseren van zo’n referendum zijn 300.000 handtekeningen nodig.

De referendumwet sluit bepaalde wetten uit van referenda, zoals grondwetswijzigingen en wetten over het Koninklijk Huis. Maar over intrekkingswetten kunnen in principe gewoon referenda worden georganiseerd. Het kabinet moest dus in dit geval duidelijk motiveren waarom de intrekkingswet per direct moest ingaan.

Het eerste raadgevend referendum tot nu toe vond vorig jaar plaats en ging over het associatieverdrag van de Europese Unie met Oekraïne. Het tweede en tevens laatste raadgevend referendum wordt op 21 maart volgend jaar gehouden en gaat over de nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten.

    • Pim van den Dool