Eigenaren weiland hoeven opruimen drugsafval niet te betalen

Rechtszaak Eigenaren van grond waarop door criminelen drugsafval wordt gedumpt, hoeven niet op te draaien voor de opruimkosten. Dat blijkt uit een uitspraak die de rechtbank in Den Bosch woensdag deed.

Gedumpt chemisch afval in een bos.

Een erfenis die uitdraait op een nachtmerrie – dat was het weiland in Nuenen dat een man van zijn vader erfde, samen met zijn moeder. Binnen een jaar werd er twee keer drugsafval gedumpt: in september 2016 was het een busje met drugsafval dat er in brand werd gestoken en in augustus 2017 ging het om veertig vaten, die eveneens in vlammen opgingen. De daders zijn nooit gevonden.

De gemeente liet een gespecialiseerd bedrijf de troep beide keren opruimen en wilde de kosten verhalen op de eigenaren van het weiland. Die weigerden te betalen en stapten naar de bestuursrechter. Die gaf de man en zijn moeder gelijk: zij hoeven niet te betalen.

De zoon was zichtbaar emotioneel toen de zaak daar op 23 november diende. De rekening die eraan kwam, zou naar schatting 45.000 euro bedragen. „Ik heb hier echt slapeloze nachten van”, zei hij.

Na de uitspraak van woensdag liet hij via zijn advocaat Peter van der Laar weten erg opgelucht te zijn. De advocaat zelf sprak van een „heel principiële” uitspraak. „Als er een gevaarlijke situatie is, zoals bij drugsafval, dan moet de gemeente ingrijpen – ook al is de grond van een particulier. Maar gemeenten kunnen de rekening dus niet meer doorzetten naar eigenaren van een stuk land.”

Problemen voor grondeigenaren met gedumpt drugsafval doen zich vooral voor in Noord-Brabant. In die provincie werden vorig jaar 101 gevallen geteld. In heel Nederland waren dat er 177.

Sinds drie jaar bestaat er subsidie voor het opruimen van drugsafval. Die compenseert de schade niet volledig. Wordt een aanvraag goedgekeurd, dan krijgt de grondeigenaar de helft van de kosten vergoed.

Correctie (21 december 2017): In een eerdere versie van dit stuk stond de een na laatste alinea boven het artikel als intro. Daardoor ontbrak in de tekst de uitspraak van de rechter. In de tekst hierboven is dat rechtgezet: het juiste intro staat erboven en de uitspraak is ook nog in de tekst toegevoegd.

    • Bram Endedijk