Commentaar

Regering kurz

Oostenrijkse coalitie wakkert gure wind in Europa verder aan

Met de benoeming van het 31-jarige politieke wonderkind Sebastian Kurz als bondskanselier heeft Oostenrijk sinds maandag de jongste regeringsleider ter wereld. Hij zal de komende jaren leiding geven aan een coalitie van de reeds jaar en dag regerende Conservatieve Volkspartij (ÖVP) en de extreemrechtse Vrijheidspartij (FPÖ).

Kürz is gewend aan de politieke benjamin-status. De afgelopen vier jaar was hij in de Europese Unie de jongste minister van Buitenlandse Zaken. Zijn ervaring op het Europese speelveld zal Kurz nodig hebben om binnen de Europese Unie vertrouwen te winnen voor zijn coalitie die een illustratie is van de groeiende conservatief-nationalistische stroming op het continent. De zin in de felicitatiebrief van voorzitter Donald Tusk van de Europese Raad aan Kurz waarin deze de hoop uitspreekt dat de nieuwe Oostenrijkse regering een „constructieve en pro-Europese rol” zal gaan spelen staat er niet voor niets.

Toch is de reactie van de overige landen in de Europese Unie aanzienlijk gematigder dan zeventien jaar geleden toen in Oostenrijk eveneens een coalitie van ÖVP en FPÖ tot stand kwam. Dat leidde tot sancties die het vooral op papier goed deden en het minimaliseren van de politieke contacten. In Nederland werd de zaak met de bekende getuigenisproportie teruggebracht tot de vraag of koningin Beatrix wel met haar gezin in dat ‘foute’ land kon gaan skiën. Ze ging trouwens gewoon net als vele andere Nederlanders.

Het verschil met 2000 laat zich op verschillende manieren verklaren. Allereerst is het extreme geluid zoals dat destijds door de flamboyante FFÖ-leider Jörg Haider werd vertolkt tegenwoordig helaas minder buitensporig. Xenofobe politiek is in diverse Europese parlementen maar ook regeringen vertegenwoordigd. Voorts is de Europese Unie van toen met vijftien lidstaten een andere dan de huidige uit 28 landen bestaande EU met regeringen die eenzelfde nationalistische koers voorstaan als de FPÖ.

Tenslotte heeft de Europese Unie geleerd van de impulsieve dadendrang van destijds. De nauwelijks effect sorterende sancties verdampten al snel en de EU zette zich aan het ontwikkelen van een vast mechanisme waarbij EU-lidstaten die zich niet aan de elementaire regels van de rechtsstaat houden stapje voor stapje kunnen worden aangesproken. Dit ondervindt de conservatieve regering van Polen momenteel waar de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht onder toenemende druk staat. De Europese Commissie staat op het punt een strafprocedure tegen het land te beginnen.

Geplaatst tegen dit gewijzigde decor straalt de hernieuwde samenwerking in Oostenrijk tussen ÖVP en FPÖ een ander beeld uit. Omdat het abnormale kennelijk normaler aan het worden is. Dat terwijl de door populisme gedreven politiek van Jörg Haider aanzienlijk minder ideologisch geladen was dan die van de huidige FPÖ-leider en vice-premier Heinz-Christian Strache met zijn dubieuze neonazi-verleden.

Vanzelfsprekend moet elke regering op zijn daden worden beoordeeld. Voor de Europese Unie is van belang hoe de regering Kurz invulling gaat geven aan de aangekondigde strengere migratie -en asielpolitiek en hoe deze zich verhoudt met de Europese afspraken. Nu Oostenrijk zich in het straatje van landen als Hongarije, Tsjechië en Polen dreigt te plaatsen wordt de wind uit het Oosten alleen maar guurder. Dat is een weinig geruststellend vooruitzicht.