In gesprek met de lezer

De lezersdesk van NRC houdt zich bezig met de vraag: wat wil de lezer? En hoe betrekken we zijn vragen en wensen, maar ook zijn kennis bij onze journalistiek?

Na de aanslagen in Londen en Manchester – niet de eerste waarmee Europa de laatste jaren te maken kreeg – ondervroeg NRC zijn lezers over de invloed die de berichtgeving daarover op hun levens heeft. De enquête leverde meer dan duizend inhoudelijke reacties op. Veel mensen zijn bang, zo blijkt. Bijvoorbeeld de lezer die schreef dat hij zichzelf er soms op betrapt dat als hij moet wachten op straat, hij wel eens tactisch achter een stoplicht gaat staan om beschermd te zijn tegen een op hem af denderende vrachtwagen.

Maar ook deze reacties kwamen binnen:

„Ik gun het de andere partij niet dat ze met hun acties mijn leven kunnen beïnvloeden.”

„Er komt meer wantrouwen in de samenleving. Kan ik die dame in haar zwarte chador nog wel vertrouwen?”

„Mijn leven veranderen om het gedrag van viereneenhalve ‘religieuze’ idioot? Nooit!”

Zo’n enquête is een van de manieren waarop NRC lezers steeds nadrukkelijker bij de berichtgeving probeert te betrekken, en het blijkt een waardevol instrument. Het geeft een weliswaar niet representatief, maar toch verhelderend inzicht in de vragen, opvattingen en gevoelens van grote groepen lezers. De vragenlijst leidde tot een groot artikel op onze site en in onze kranten.

We hielden zulke enquêtes dit jaar ook over onder meer het inhuren van schoonmakers (u betaalt gemiddeld 12,50 per uur, en u vraagt zich lang niet altijd af of daarover belasting wordt afgedragen), de uitslag van de Tweede Kamerverkiezingen (veel lezers toonden zich opgelucht over de winst van pro-Europese partijen, maar er was ook teleurstelling en zelfs wantrouwen over de uitgebleven doorbraak van de PVV) en het voorkomen van burnout („Loop es een dag de kantjes eraf. De wereld zal niet veranderen”).

Vroeger enkel de brievenpagina

Van oudsher was de brievenpagina in de krant de voornaamste plek waar u als lezer kon (terug)praten tegen de redactie, uw vragen kon stellen, uw kritiek kon spuien, of journalisten op het spoor van een verhaal kon zetten. Uit onderzoek onder abonnees weten we dat een belangrijk deel van de NRC-lezers graag inhoudelijk betrokken wil zijn bij onze journalistiek.

„Minstens zo belangrijk als u zo goed mogelijk aanspreken, is met u in gesprek gaan”, schreven we dan ook in de vorige editie van dit jaarverslag. De digitale middelen die ons nu ter beschikking staan, maken het mogelijk om r ook met u te praten. De lezersdesk van NRC greep die middelen dit jaar gretig aan.

Dus lieten we u op meer manieren aan het woord. Zo organiseerden we verschillende digitale vraag-en-antwoord-sessies over het nieuws. We richtten bijvoorbeeld een online loket in waar lezers onze Haagse redactie vragen konden stellen over de Tweede Kamerverkiezingen, die door onze redacteuren werden beantwoord. Na de stembusgang herhaalden we dat, nu over de kabinetsformatie.

Tienduizenden mensen volgden dit jaar een van de videochats die we op onze Facebookpagina organiseerden met onze redacteuren en correspondenten. U stelde daarin vragen aan Juurd Eijsvoogel, die vanuit Berlijn de Duitse verkiezingen volgde, u chatte samen met Steven Derix, onze correspondent in Moskou, met activisten van de Russische oppositie, u ondervroeg Melle Garschagen in Londen over de Brexitplannen van Theresa May en liet u door Wouter van Noort een inkijkje gunnen in het World Economic Forum in Davos.

En juist in de tijd waarin veel nieuwsmedia de reactiemogelijkheden op hun sites afsluiten uit onvrede en moedeloosheid over het niveau van de discussie, gaat NRC dit jaar experimenteren met de opening van reacties op de site. U krijgt dan als abonnee de mogelijkheid om onder een - in eerste instantie beperkt - aantal artikelen op nrc.nl uw mening achter te laten, vragen te stellen, informatie bij te dragen en met andere lezers in debat te gaan.

Tot slot is er een nog wat basalere vorm van terugpraten: de vele e-mails die lezers de redactie toesturen met reacties op artikelen, vragen, correcties en soms een compliment. In het verleden raakten die nog wel eens tussen wal en schip: ze belandden bij de verkeerde persoon of bleven onbeantwoord.

Daar hebben we dit jaar een einde aan gemaakt. Alle e-mail van lezers komt binnen op een centrale plek, waarna erop wordt toegezien dat fouten worden rechtgezet en de lezer een antwoord ontvangt. Een gedicht dat Rudy Kousbroek in 1994 op de Kinderpagina van NRC Handelsblad schreef, kreeg zo dankzij een mail van een oplettende lezer na 23 jaar eindelijk zijn laatste regels terug, die op de site waren weggevallen:

Ja, het waren Amoerpanters

Fraai gevlekt en fier en stoer

En zij kenden van de wereld

Slechts de bedding der Amoer.

We danken onze kritische lezers voor hun waardevolle bijdragen aan NRC-journalistiek, en hopen ook het komende jaar weer heel veel van u te horen.

, chef online NRC