Column

Hompie Dompie en de baas over woorden spelen

We kunnen over Trump beginnen, maar we kunnen ook Humpty Dumpty erbij halen. Of Hompie Dompie, zoals hij heet in de Nederlandse vertaling van Alice in Wonderland. „Wanneer ik een woord gebruik”, zegt Hompie Dompie, „betekent dat woord precies wat ik verkies – niet meer en niet minder.”

Over deze claim hebben de geleerden zich sindsdien het hoofd gebroken. In 1959 schreef de filosoof Roger W. Holmes erover in zijn artikel ‘The Philosopher’s Alice in Wonderland’. Holmes was gespecialiseerd in logica en had een elektrische machine uitgevonden waarmee hij waarheidsfuncties kon testen. Hij wist dat woorden betekenen wat je zegt dat ze betekenen, maar trok toch een wenkbrauw op toen Hompie Dompie eraan toevoegde dat hij de baas was over de woorden. En dat hij ze soms extra betaalde om harder te werken.

Mag dat wel, vroeg Holmes zich af. Je woorden zelf van betekenis voorzien? Of hebben we een morele verplichting aan ‘past usage’, het gebruik van het woord in het verleden? Kan een Sovjet-Rus het woord ‘democratie’ extra betalen om in een debat van de Verenigde Naties iets anders te betekenen dan anders? Ja en nee, concludeerde hij. „In het ene opzicht zijn woorden ons de baas, anders zou communicatie onmogelijk zijn. In het andere opzicht zijn wij de baas: anders kon poëzie niet bestaan.”

In het Witte Huis lezen ze Alice in Wonderland niet. En ander werk van schrijver Lewis Carroll, zoals The Hunting of the Snark, al helemaal niet. Dat weten we van president Eisenhower die daar ooit over mopperde. „Geloof je dat nou”, zei hij tegen de schrijfster Edith Wharton. „Niemand in de regering heeft ooit van Alice gehoord, laat staan van de Snark, en toen ik laatst tegen de minister van de marine zei: ‘Mr. Secretary, wat ik drie keer tegen u zeg is waar’, herkende hij de verwijzing niet en antwoordde gekrenkt ‘Mr. President, het zou nooit een moment in me zijn opgekomen uw geloofwaardigheid te betwisten’.”

Maar ook al kennen ze Alice niet in het Witte Huis, onlangs is Hompie Dompie daar zelf op de troon geklommen en is er de baas over de woorden geworden. Het woord ‘kwetsbaarheid’ (vulnerable) is door hem in de ban gedaan: centra voor ziektebeperking en preventie mogen het woord van de regering-Trump niet langer gebruiken. Hetzelfde geldt voor het woord ‘foetus’, want daar krijg je ook alleen maar gelazer mee. En de woorden ‘aanspraak’ (entitlement), ‘transgender’, ‘diversiteit’, ‘science-based’ en ‘evidence-based’ zijn eveneens passé.

In het Witte Huis lezen ze Alice in Wonderland niet en ander werk van Lewis Carroll al helemaal niet

Daar kun je je vrolijk over maken, of boos; je kunt het hompiedompiaans noemen of orwelliaans. Dezelfde taalkritiek kom je immers tegen bij George Orwell, die in zijn roman 1984 een Ministerie van Waarheid opvoerde dat nieuwe betekenis gaf aan de woorden.

En jawel, dat is leuk, ministeries en presidenten betichten van propagandatechnieken. Maar laten we niet vergeten dat diezelfde technieken ook worden gehanteerd door de culturele elite die Alice wel leest. Ik kom daar allemaal zo op omdat ik zojuist een beschaafd artikel onder ogen kreeg waarin nota bene Lewis Carroll en George Orwell allebei worden opgevoerd als ‘deeply flawed people’. Mensen met grote fouten en een duistere kant die in hen loert. Dat van die kant die loert is natuurlijk onzin, maar het staat er.

Het stuk is van de serieus te nemen Canadese schrijver Cory Doctorow die hier bewonderenswaardig moreel bewogen is in zijn ongerustheid over de kanten die loeren in mensen. Goed, wat speelt zich dan af in Carroll? Het stuk zegt er niets anders over dan dat in Gandhi misogynie loerde, in Mark Twain jonge meisjes, en in Lewis Carroll ‘jongere meisjes’. Waarop moeiteloos wordt overgeschakeld naar de ‘zonden van deze mensen’. En een zin later naar overlevenden en slachtoffers van hun monsterlijke daden – ‘the survivors and victims of monstrous deeds’.

Overlevenden van Carrolls monsterlijke daden, daar schrok ik nogal van. Via een link kwam ik terecht bij een artikel over Lewis Carroll als fotograaf. Hier kon je lezen dat Carroll jonge meisjes fotografeerde, en dat er geruchten waren.

„Hoewel helemaal niets zeker is, is het alom bekend dat veel onderwerpen in zijn literaire werk, zijn fotografie en zijn schilderijen jonge meisjes waren.” Verder niets. Het is de volledige onderbouwing van ‘overlevenden en slachtoffers van monsterlijke daden’.

Beroemde schrijvers die de woorden extra betalen om lasterlijk te worden: het is minstens zo angstaanjagend als het Witte Huis dat het woord ‘kwetsbaarheid’ afschaft. De baas over de woorden spelen is prima, maar van het kwetsbare in de wereld blijf je met je macht en je zelfgenoegzaamheid af. Niet alleen brute presidenten – ook nette mensen.

is jurist en schrijver, www.maximfebruari.nl