Hoge Raad: zaak Zes van Breda hoeft niet over

Het oordeel van de Hoge Raad is opvallend, omdat de advocaat-generaal juist had geadviseerd tot een nieuwe behandeling van de zaak.

Beeld van het gerechtshof in Den Haag uit 2015, toen de zaak tegen de Zes van Breda 21 jaar na veroordeling heropend werd. Foto Jerry Lampen / ANP

De rechtszaak tegen de ‘Zes van Breda’ hoeft niet over. De bekende zaak draaide om een roofmoord in een Chinees restaurant in 1993, waarbij een 56-jarige vrouw om het leven kwam. De Hoge Raad oordeelde dinsdag dat de zaak niet voor een derde keer inhoudelijk behandeld hoeft te worden. De verdediging had om een heropening gevraagd, omdat de veroordeelden onschuldig beweren te zijn.

Het vonnis van de Hoge Raad komt als een verrassing, omdat de advocaat-generaal een nieuwe rechtszaak had geadviseerd - en die adviezen worden in de regel opgevolgd.

In 2015 werden de zes in een heropening van de zaak opnieuw veroordeeld tot gevangenisstraffen van twee en tien jaar. Omdat ze deze al hebben uitgezeten, hoeven de zes niet opnieuw de cel in. Voor de verdediging was een nieuwe zaak dit keer dan ook een kwestie van eerherstel.

Twijfels aan bekentenis

In 1993 werd in Chinees restaurant Peacock in Breda de 56-jarige Tim Mui Cheung vermoord, ook wel bekend als ‘Oma Mok’. De zoon van de 56-jarige vrouw was de eigenaar van het restaurant, waarvan later de gokkast bleek leeggehaald.

De zes verdachten, drie mannen en drie vrouwen, legden na hun arrestatie tegenstrijdige bekentenissen af. De drie vrouwen gaven toe dat ze Oma Mok naar binnen hadden gelokt, terwijl de drie mannen toegaven haar gedood te hebben in de keuken. Vanaf het begin werd er daarom aan de waarde van de bekentenissen getwijfeld.

De veroordeelden zouden destijds onder grote druk bekend hebben, en trokken later hun verklaring in. Er werd rekening gehouden met een grote gerechtelijke dwaling. Dat er twijfels bestonden, was voor de advocaat-generaal in juni van dit jaar reden om een nieuwe inhoudelijke behandeling te adviseren:

“De eerder ontstane twijfels aan de juistheid van de veroordeling van de Zes van Breda zijn nog steeds niet weggenomen.”

Correctie (19 december 2017): In een eerdere versie stond in het fotobijschrift dat het beeld was van de Hoge Raad in Den Haag. Dat is niet juist. Het is een foto van het gerechtshof uit 2015.