Ggz-instelling Virenze failliet: gevolg voor patiënten ongewis

Geestelijke gezondheidszorg

De financiële druk op de ggz-sector nekt Virenze, dat zorg biedt aan tienduizend mensen. De bedrijfsvoering liet ook te wensen over.

Een vrouw in therapie. Foto Roos Koole

Virenze, een instelling die tienduizend mensen behandelt wegens geestelijke gezondheidsklachten (ggz), is failliet. De banen van honderden werknemers staan op de tocht. Patiënten weten daardoor niet zeker of zij dezelfde behandelaar houden.

Kenners van de sector spreken van een „uitzonderlijke situatie”: vaak worden faillissementen van ggz-instellingen die in financiële problemen verkeren op de valreep afgewend door fusies met collega-instellingen.

Virenze behandelt kinderen en volwassenen die kampen met psychiatrische problemen, van adhd en autisme tot depressies en angststoornissen. Virenze werd in 2003 in Limburg opgericht en heeft inmiddels dertig vestigingen, verspreid over het land. Er werken 465 mensen.

De financiële problemen van Virenze vloeien deels voort uit de financiële druk die de gehele ggz-sector parten speelt. Gemeenten, sinds 2015 verantwoordelijk voor de jeugd-ggz, bieden onder druk van rijksbezuinigingen geregeld lage vergoedingen voor de zorg. Maar ook de tarieven voor de geestelijke gezondheidszorg voor volwassenen, vergoed door zorgverzekeraars, staan onder druk.

Lees ook: Nu is de rek in de jeugdzorg er echt wel uit

Bij Virenze is echter meer aan de hand. Loek Radix, tot het faillissement interim-bestuurder van de instelling, zei vorige maand tegen dagblad De Limburger dat er „onvoldoende [is] gestuurd op kosten en productiviteit”. Hij was dinsdag niet bereikbaar voor een toelichting.

Volgens Wilma Peters, als bestuurder van vakbond FNV sector Zorg & Welzijn sinds dit voorjaar betrokken bij de problemen van Virenze, verleende de instelling soms meer zorg dan was afgesproken met zorgverzekeraars, wat dan niet werd vergoed. De curator die het failliete Virenze beheert, advocaat Dominique Roomberg, onthoudt zich van commentaar.

Roomberg stuurt aan op een ‘doorstart’ van Virenze onder de hoede van andere instellingen. Het is aan die instellingen om te bepalen voor hoeveel werknemers van Virenze er bij zo’n doorstart plek is. Volgens voorzitter van de ondernemingsraad Karin Derks heerst onder het personeel „totale onzekerheid.” In juridische zin zijn de werknemers ontslagen; het UWV betaalt hun salaris. Het decemberloon ontvangen zij naar verwachting pas medio januari, al dan niet met eindejaarsuitkering.

Jos Ruigrok, voorzitter van de cliëntenraad, zegt dat sommige cliënten bang zijn hun behandelaar te verliezen en maanden op vervolgbehandeling te moeten wachten. Volgens curator Roomberg staat „continuïteit van zorg op de voorgrond”.

    • Ingmar Vriesema