De top van de Mont Blanc ligt in Haarlem

Hoogste punt Het topje van de Mont Blanc is ooit meegenomen, en in Teylers Museum in Haarlem beland. Beeldend kunstenaar en schrijver Vibeke Mascini wil het topje terugplaatsen op de berg – en vond en passant de liefde.

Geoloog Horace-Bénédict de Saussure nam in 1787 het bovenste puntje van de Mont Blanc mee. Het Teylers Museum in Haarlem heeft het nu in de collectie. Foto Vibeke Mascini

Niet veel mensen zullen weten dat het topje van de Mont Blanc in Nederland ligt, op slechts vier meter boven zeeniveau. Het piramidevormige stukje graniet, 8 bij 7,8 centimeter en het gewicht van een kopje koffie, werd in 1787 meegenomen door Horace-Bénédict de Saussure, een Geneefse geoloog die deel uitmaakte van de tweede expeditie die de top bereikte. De Saussure beklom de berg met een wetenschappelijk doel: hij wilde de exacte hoogte meten en het blauw van de lucht in kaart brengen. Het topje van de Mont Blanc, dat hij vanaf 4800 meter hoogte mee naar beneden torste, kwam terecht in het Teylers Museum in Haarlem. Daar ligt het nu al tientallen jaren in een houten vitrinekastje in de Ovale Zaal.

Beeldend kunstenaar Vibeke Mascini (1989) groeide op in Haarlem en kwam als kind vaak in Teylers. Maar pas twee jaar geleden ontdekte ze het stukje graniet dat ooit de top van de hoogste berg in Europa sierde. Ze raakte door het object gefascineerd. „Het heeft iets lulligs, zo’n klein stukje rots”, vertelt ze in een Haarlems café. „Maar het staat ook symbool voor fysiek afzien, voor de overwinning van de top bereiken.” En, vroeg ze zich af: als er een voormalige top bestaat, is er dan ook zoiets als een toekomstige top? Mascini besloot om, als kunstproject, zelf een nieuwe top te maken en die weer terug te brengen, via dezelfde route die De Saussure ruim tweehonderd jaar eerder had afgelegd.

Reisverslag

Mascini presenteert woensdag haar boek Cloud Inverse in Teylers Museum. Het reisverslag beschrijft de zeventien dagen van haar expeditie, maar bewandelt ook vele zijpaden langs mythen, historische bronnen en geologische feiten. Er is een mooie analogie tussen wandelen en schrijven, vindt Mascini. „Als je loopt, denk je alle kanten op. Maar schrijven is ook verplaatsen. Je stapt in de sporen van je voorgangers.”

Het was heel vreemd om me in zo’n plat land te moeten voorbereiden op de berg

In Teylers Museum mocht Mascini met witte handschoentjes de bergtop van de Mont Blanc even uit zijn vitrine halen om zijn contouren te voelen. „Het stukje graniet werd door de museumconservator de trap op gedragen, naar de leesruimte op de eerste verdieping, een beklimming van zo’n vier meter. Dat vond ik wel een mooie ceremonie.” Van een iets zachtere steensoort boetseerde ze vervolgens een nieuwe bergtop, gebaseerd op de vormen van de oude.

Intussen was ze met behulp van een personal trainer aan haar conditie gaan werken. Want echt fit was ze niet, lacht Mascini. „Ik ben meer een toevallige sporter, ik help wel eens iemand verhuizen.” Urenlang wandelde ze door de duinen. „Dan beeldde ik me kilometerdiepe afgronden in. Vijvers werden ijskoude bergen vol gletsjerwater. Ik ontdekte dat Nederland 69 klimhallen had. Het was heel vreemd om me in zo’n plat land te moeten voorbereiden op de berg.”

In de zomer van 2016 begint Vibeke Mascini aan haar expeditie naar het top van de Mont Blanc.

Foto Vibeke Mascini
In de zomer van 2016 begint Vibeke Mascini aan haar expeditie naar het top van de Mont Blanc.
Foto Vibeke Mascini

De tocht omhoog

In de zomer van 2016 vertrekt Mascini naar Chamonix. Ze wandelt aan de voet van de Mont Blanc heen en weer om aan de hoogte te wennen en om de noodzakelijke extra rode bloedcellen aan te maken. Ze leert hoe ze haar ijsbijl en klimijzers moet gebruiken. Samen met een gids en een groep Nederlandse klimmers - „allemaal tanige oudere mannen” – begint ze aan de tocht omhoog. Maar het weer is te goed. Rond de top begint de sneeuw te smelten. Het regent stenen. De route die ze willen nemen, wordt geblokkeerd door rotsen. De gids stelt voor om dan maar Gran Paradiso te beklimmen, een andere ‘vierduizender’. Maar voor Mascini is dat geen optie. Zij heeft een missie. Ze draagt de nieuwe top van de Mont Blanc met zich mee.

Die berg begon echt een obsessie te worden

Terwijl de anderen verder klimmen, keert Mascini terug naar Chamonix. In de plaatselijke bibliotheek leest ze de logboeken van De Saussure, die hij tussen 1779 en 1796 publiceerde onder de titel Voyages dans les Alpes. „In die tijd waren zijn geschriften blasfemie. Hij omschreef een omgeving die niemand nog kende. De bergen: dat was het domein van de goden en de monsters.” Het was voor De Saussure ook best lastig te bepalen of hij echt op de top stond, vertelt Mascini. „Hij beschrijft dat moment heel mooi: hoe hij vanaf de top naar beneden kijkt en door zijn telescoop ziet hoe zijn vrouw in het dal de vlag heeft uitgehangen. Pas dan beseft hij dat hij echt de top heeft bereikt.”

Chamonix ligt in de slagschaduw van de Mont Blanc. Over die schaduw rept De Saussure maar met één woord in zijn logboek: ‘kleurloos’.

In de zomer van 2016 begint Vibeke Mascini aan haar expeditie naar het top van de Mont Blanc.

Foto Vibeke Mascini
Foto van de expeditie van Mascini.
Foto Vibeke Mascini

Obsessie

Omdat het Mascini niet lukt de echte top te bereiken, besluit ze dan maar de schaduwtop van de Mont Blanc na te gaan jagen. Bij zonsopkomst rijdt ze hem achterna in haar auto, zoals storm chasers orkanen najagen. „Die schaduwgrens is constant in beweging. En hoe dichterbij je komt, hoe moeilijker de top te zien is.” De schaduwberg blijkt haast net zo ongrijpbaar als de echte. Vaak zitten er wolken in de weg. Het lukt Mascini maar niet om de top te vinden. „En intussen begon die berg echt een obsessie te worden.”

Ze besluit terug te keren in de winter, als de zon lager staat en de bergtop makkelijker te vangen is. Op 6 januari vindt ze dan eindelijk haar schaduwberg, geprojecteerd op een rotswand bij het Franse dorp Servoz, om 10:08 ’s ochtends, op zo’n veertien kilometer van de voet van de Mont Blanc. Ze maakt een foto en drukt die later analoog af. „In de doka kon ik het licht een beetje doordrukken en de schaduw versterken. Toen voelde het opeens alsof ik de top bereikt had.”

In de loop van het project ontdekt ze dat er nog een kunstenaar is die zich met bergtopjes bezighoudt. Oscar Santillan uit Ecuador heeft in 2015 de hoogste berg van Engeland, Scafell Pike, beklommen en het topje meegenomen in zijn jaszak. Mascini neemt contact met hem op en wordt verliefd. „We hadden echt raakvlakken in ons denken.” Inmiddels wonen de twee kunstenaars samen in Brussel. Daar, op de vierde verdieping van hun appartementencomplex, ligt de replica van het topje van de Mont Blanc te wachten tot iemand het ooit weer de berg op draagt.

Het boek Cloud Inverse van Vibeke Mascini wordt op 20 december om 16u gepresenteerd in Teylers Museum in Haarlem en is verkrijgbaar via haar website: vibekemascini.com. Delen van haar project worden ook getoond tijdens een groepsexpositie in Nest, Den Haag. (opening: 7 april 2018)

Correctie (20-12-2017): In een eerdere versie van dit artikel stond dat het topje is ‘afgezaagd en meegenomen’. Het is niet zeker of het is afgezaagd, het zou ook de hoogste losse steen kunnen zijn. Daarom staat er nu ‘meegenomen’.

    • Sandra Smallenburg