Brieven

Nieuwe inrichting Stedelijk museum

Zo’n inrichting kennen we in Den Haag al

foto Lars van den Brink

In het nieuwsbericht over de vernieuwde opstelling in het Stedelijk Museum (Stedelijk Museum maakt van kunst kijken googlen, 14/12) wordt met typisch Amsterdamse branie de loftrompet gestoken over de interdisciplinaire methode die daarbij is toegepast. Het Stedelijk verslaat bij de invoer van die methode zelfs het MoMa in New York! Den Haag ligt voor Amsterdammers achter de horizon, ik weet het, maar al in 1987 experimenteerde het Haags Gemeentemuseum met een dergelijke integratie van „wat nooit gescheiden had mogen worden in de schone en decoratieve kunst” in de tentoonstelling Een Verzameling aan Zee, waarbij onder andere schilderijen van Willem Hussem werden getoond in Goed Wonen-interieur uit de jaren vijftig. Was die opstelling nog min of meer ‘allegorisch’, in de permanente Stijl-opstelling in datzelfde Gemeentemuseum is sinds 2011 eveneens een mengeling van beeldende kunst, meubels, maquettes, foto’s en dergelijke te zien, bijvoorbeeld de inrichting van de jongenskamer die Vilmos Huszár voor fabrikant C. Bruynzeel in Voorburg inrichtte. Die opstelling is geen grabbelton, zoals de opstelling in het Stedelijk lijkt te zijn geworden, maar maakt de fragmentatie inzichtelijk die in de abstracte kunst van de protagonisten van De Stijl wortel had geschoten.

    • Sjoerd van Faassen