Kledingconvenant krijgt zes meldingen over misstanden

Met het convenant moeten misstanden in de kledingindustrie internationaal worden aangepakt. In één geval lukte dat tot nu toe.

Foto Hau Dinh/AP

Het Nederlandse Convenant Duurzame Kleding en Textiel heeft sinds afgelopen zomer zes meldingen gekregen over misstanden in de kledingindustrie. In één zaak in Birma is het gelukt om tot een oplossing te komen. Dat meldt het kledingconvenant in een eerste jaarrapport dat de Sociaal-Economische Raad (SER) maandag naar buiten heeft gebracht.

Aanleiding voor het opstellen van het samenwerkingsverband was onder meer het instorten van een kledingfabriek in Bangladesh in 2013 met 1.000 doden tot gevolg. Achteraf bleek dat de fabriek zeer onveilig was. Om meer inzicht te krijgen in het productieproces werd een lijst samengesteld met zo’n drieduizend naaiateliers wereldwijd, voornamelijk in Turkije, China, India en Bangladesh. Inmiddels zijn zo’n 65 bedrijven aangesloten bij het convenant, waaronder de Bijenkorf, Hema en Zeeman.

In Birma waren twee werknemers ontslagen omdat ze actief waren binnen een vakbond. Vervolgens bleek dat het Nederlandse WE Fashion kleding liet maken in de betreffende fabriek. Samen met de organistaies Fair Wear Foundation (FWF) en de Schone Kleren kon het kledingmerk de vrijheid van vakvereniging aankaarten bij de fabrieksleiding in Birma. De twee werknemers werden gecompenseerd en mochten terugkomen.

‘Complexere problemen’

Andere misstanden werden aangekaart in onder meer Turkije, India, Indonesië en Bangladesh. Een woordvoerder van de SER zegt dat de zaken in die landen nog lopen omdat sprake is van “complexere problemen”.

Het resultaat van het convenant lijkt beperkt, maar de zaak in Birma is wel “een voorbeeld dat het mechanisme werkt”. Voorzitter Pierre Hupperts concludeert:

“Door onze samenwerking zien we nu dat we daadwerkelijk iets kunnen veranderen. Nu moeten we doorpakken. Door de komende jaren meer bedrijven deel te laten nemen en internationaal op te schalen, groeit onze invloed en kunnen we samen misstanden in de keten écht aanpakken.”

Het convenant is op vrijwillig basis. Het is niet mogelijk om sancties op te leggen wanneer kledingmerken zich niet houden aan de afspraken. Het collectief gaat ervan uit dat aangesloten bedrijven misstanden willen aanpakken in de sector. Bij een peiling eerder dit jaar gaf 18 procent van de bedrijven aan een uitgewerkt plan te hebben om misstanden in de kledingindustrie tegen te gaan.