Hij was een succesvol pokeraar, nu geeft hij yogales

Sijbrand Maal (41) werkte bij een beleggingsbank en had succes als pokerspeler. Nu is hij mede-eigenaar van een yogaschool en geeft hij sessies volgens de methode van ‘iceman’ Wim Hof, inclusief ijsbad. „Ik ben een stuk lichter voor mijn omgeving.”

‘Denk aan die vis die voor het eerst het land opgaat. Hij verlaat de oceaan en kruipt nat het strand op. Hoe angstaanjagend moet dat zijn? Zo kan het voor jou ook voelen in de evolutie die we doormaken.”

Sijbrand Maal – rossige baard, kralenketting, pezig lichaam – zit met gekruiste benen op een verhoging in de grote zaal van De Nieuwe Yogaschool in de Amsterdamse Jordaan. Voor hem liggen zo’n dertig mensen op yogamatjes, de armen en benen gestrekt, de ogen gesloten. Ze ademen diep in via de mond en uit via de neus. Zo gaan ze door tot Maal het teken geeft dat de adem moet worden ingehouden. Doodstil ligt iedereen, bijna een minuut lang, totdat opnieuw een volle teug zuurstof wordt ingenomen. „Houd het nu vast, dit is de kers op de taart”, zegt Maal terwijl hij rondloopt. „Breng je aandacht richting je voorhoofd en houd de lichte druk vast. Ga daarna weer door met de ademhaling.”

Maal legt uit in welke gemoedstoestand de deelnemers terecht kunnen komen. „Je raakt meer los van de content, van de dingen die je bezighouden. In de rust en stilte die ontstaat, kan je onderzoeken wie je bent. Jij observeert alles wat komt en gaat.”

De ademhalingstechniek die tijdens de les wordt toegepast is ontwikkeld door ‘iceman’ Wim Hof, die bekend is om zijn vermogen extreme kou te doorstaan. De methode die mensen gebruiken om langer in koude omgevingen te kunnen gedijen heeft, aldus Maal, ook een spirituele kant. Vandaar dat Maal, die een opleiding volgde bij Hof, tijdens de les zijn nauwelijks navolgbare filosofische ideeën uitdraagt, gebaseerd op de ervaringen die hij zelf heeft doorgemaakt.

Yogalerares Edith Molenbroek pleit voor onderzoek naar de helende kracht van yoga: ‘Bewijs het, dan kan de arts er wat mee’

Ook in het gesprek dat kort na de les volgt, blijft hij spreken in termen als ‘open space’, ‘spiritueel ego’ en ‘flowen’. Hij vertelt dat mede dankzij de Hof-methode zijn lichaam inmiddels als een soort ‘waarheidsinstrument’ werkt. „Mijn bewustzijn is zo helder dat ik meteen doorheb wat een zuivere gedachte is en wat niet. Ik wist bijvoorbeeld niet dat jij in mijn les zat. Toen jij je na afloop voorstelde, schoot meteen de gedachte door mijn hoofd: ‘Wow, dit komt in de krant, had ik het niet beter kunnen doen?’ Dat is het ego dat dan even komt bovendrijven. Maar zo’n gedachte kan ik nu bijna meteen weer loslaten.”

Een totaal ander bestaan

Sinds vier jaar is Maal, samen met zijn vrouw Mariken Hogenhout en yogaleraar Johan Noorloos, eigenaar van De Nieuwe Yogaschool. Kort daarvoor leidde hij een totaal ander bestaan. Jarenlang was hij een bekend gezicht in de Nederlandse pokerscène. „Ik groeide op in Hoorn. Mijn ouders hadden het niet breed. Dat wakkerde bij mij het verlangen aan om geld te verdienen.”

Na de middelbare school vertrok hij naar Amsterdam waar hij sociale geografie studeerde, ging werken bij Alex Beleggersbank en verdiepte zich in het pokerspel. Daarin bleek hij al snel „redelijk succesvol. Ik was een behoudende speler. Ik durfde het nooit allemaal in te zetten.” Zijn angst om geld te verliezen, zorgde ervoor dat hij het zichzelf moeilijk maakte. „Als ik een keer wat meer inzette en het ging fout, nam ik mijzelf dat kwalijk.”

Ik zag dat ik zelf de oorzaak was van alle problemen

Sijbrand Maal

Daarin kwam verandering toen hij in november 2008 het Belgisch Poker Kampioenschap won: ineens stond er 275.875 euro op zijn bankrekening. „Na een paar weken naar dat bedrag te hebben gestaard, besefte ik dat mijn drive om geld te verdienen was verdwenen.”

Maal stopte. „Ik dacht: wat nu? Ik heb een vrouw, geld, vrijheid, maar geen doel. Als je dat niet hebt, lijkt het alsof er iets in je sterft. Ik voelde me doods. Dat gevoel incompleet te zijn zorgde voor onrust.”

In 2013 vertrokken hij en zijn vrouw naar Bali waar Mariken een yoga-opleiding ging doen. De eerste dag van de cursus bracht hij haar weg. „De docente kwam naar buiten, keek me aan en zei: ‘You have to join’. Als ik er niks aan vond, zei ze, kon ik gewoon weggaan.” Maal ging mee. En bleef. „Ineens stond ik dagelijks om zes uur op, trainde twee keer per dag intensief, at geen vlees, dronk geen alcohol, las spirituele boeken en mediteerde voor het eerst in mijn leven. Ik werd helemaal afgebroken, maar ik had wel het gevoel: wow, dit voelt als thuis.”

Pokergeld

Terug in Amsterdam gaven Maal en zijn vrouw yogalessen op sportscholen en bij mensen thuis. „Via een kennis raakten we in contact met Johan Noorloos. Hij wilde een grotere yogaschool beginnen, maar wist niet hoe. Ik had het pokergeld op de bank en wist ook wel iets over het runnen van een bedrijf. We zijn, met nog een andere investeerder, rond de tafel gegaan. Het voelde goed en – boem! – toen hebben we het gedaan.”

Het gebouw in de Jordaan werd omgebouwd tot een ‘zen-plek’. Inmiddels worden er wekelijks zestig yoga- en meditatielessen gegeven door dertig verschillende leraren, zijn er fysio- en acupunctuur-therapieën, opleidingen tot yogadocent en is er een café met biologische maaltijden.

Maal, die in die periode met zijn vrouw een dochter kreeg, ging er werken als manager en yogaleraar. „De lessen werden goed bezocht, ik merkte dat ik een verschil kon maken.” Toch had hij het gevoel dat hij nog niet was ‘ontwaakt’. „Ik was al snel een hele pief, maar het was niet compleet. Ik wilde het liefst de hele dag met spiritualiteit bezig zijn. En dat kon niet.”

Hij werd ongedurig. „Ik had het gevoel: ik moet naar India, ik moet in een grot gaan zitten. Maar ik had een school, en een gezin. Ik ging hen zelfs de schuld geven dat ik niet volledig kon ontwaken.” Dat wijzen naar anderen werd zo groot, dat zijn vrouw op een gegeven moment zei: Zo wil ik het niet langer. „Het was duidelijk dat mijn huwelijk kapot ging”, zegt Maal. Na een periode van intense paniek kreeg hij een helder inzicht. „Ik zag dat ik zelf de oorzaak was van alle problemen.”

Er verschoof iets in zijn perceptie, hij zag ineens wat wel en niet oprecht was aan zijn persoon. Alles wat niet ‘zuiver’ voelde voor hem, kwam eruit. Dat intense proces van ‘uitkotsen’ duurde maanden. „Steeds als het ego opspeelde, voelde ik dat in het lichaam. Het was alsof ik van binnenuit werd gezuiverd.”

Dat gevoel werd extra aangewakkerd door de intensieve training die hij was begonnen bij Hof. Dagelijks deed hij ademhalingsoefeningen, afgewisseld met koude douches en ijsbaden. Hij werd er geestelijk „volledig door afgebroken”, zegt hij. „De eerste keer in het ijsbad was een vreselijke kwelling. Ik ging erin met een houding van: dit moet ik kunnen. Wim zei ook: ‘Wat heb jij een goeie focus.’ Ondertussen had ik vreselijke pijn aan mijn voeten en probeerde ze stiekem uit bad te steken.” Laten zien dat je het aankan. Dat was voor Maal belangrijk. „Soms ging ik tien minuten in zo’n ijsbad zitten. Ik zocht telkens de grens op.”

Rust en stilte

Naarmate de maanden verstreken en hij gerichter zijn oefeningen deed, veranderde er iets. „Ik ontdekte een plek in mezelf die niet veranderde. Soms kon ik ineens mijn adem een paar minuten inhouden en raakte ik in een soort space. Ik kwam op een plek waar het stil was. Alles om mij heen veranderde, maar met mij gebeurde niks. Dat voelde super-te-gek. Ik realiseerde me: dit is die rust en stilte waar het bij yoga om gaat.”

Inmiddels geeft hij een paar keer per jaar een ‘ijskoude’ yogasessie volgens de Wim Hof-methode. Daarbij gaan deelnemers, onder zijn begeleiding, in een ijsbad. Gevaarlijk – Het Parool schreef vorig jaar dat er dodelijke slachtoffers waren gevallen onder mensen die de ademhalingsoefeningen van Wim Hof onder water deden – vindt hij dat niet. „Dit is wat anders. De mensen gaan voor een korte periode in een ijsbad, afhankelijk van de persoon tussen de 30 en de 90 seconden. Zo ervaren ze dat het lijf dit kan, daarbij wordt nooit de adem ingehouden. En we wijzen de cursisten van tevoren op de risico’s. ”

Hij voelt zich nu een stuk evenwichtiger. „Ik ben een betere echtgenoot en vader. Ik ben een stuk lichter voor mijn omgeving.” Of hij zelfs verlicht is? Dat gaat hem te ver. „Laat ik zeggen dat ik wakker ben.”