Opinie

    • Nora El Abdouni

‘Er is een seksualiteitsoorlog gaande’

Het verspreiden van naaktfoto’s van Marokkaanse en Turkse vrouwen is een moderne vorm van eerwraak, schrijft Nora El Abdouni.

Montes-Bradley

‘Hoe dom ben je als je je als een sletje gedraagt en ook nog eens laat filmen? Ik heb totaal geen medelijden met dat soort tuig.” Deze zelfrechtvaardigende reactie is een van de opmerkingen die ik kreeg op mijn stelling ‘meisjes en jongens die ooit een naaktfoto of filmpje van zichzelf hebben gemaakt exposen, is ontoelaatbaar en moet door de gehele gemeenschap veroordeeld worden’.

Vrouwen aan de schandpaal nagelen, vernederen, de afgrond induwen, exposen (‘ontmaskeren’). Het komt vaak voor, onder andere via berichtendiensten als Telegram en WhatsApp. NOS onthulde onlangs hoe via expose-groepen op Telegram naaktfoto’s worden verspreid, vooral van vrouwen met een Marokkaanse of Turkse achtergrond. De slachtoffers zijn soms minderjarig.

Nou is het maken en het sturen van naaktfoto’s, ook wel sexting genoemd, aan de orde van de dag. Soms wordt er gezegd dat sexting zou kunnen passen binnen de seksuele ontwikkeling van jongeren. Je kunt je afvragen of dat wel verstandig is als er zo’n grote zwerm bijen continu op zoek is naar nieuwe slachtoffers. Het is voor jongens stoer om nieuw materiaal te delen, voor sommigen zelfs bijna statusverhogend. De kans dat je persoonlijke foto’s verspreid worden, zeker in zo’n misogyn waardesysteem, is dus enorm groot.

‘Ik mag dit, dit is mijn taak’

De wraakzuchtige manier waarmee foto’s verspreid worden binnen sommige bevolkingsgroepen gaat verder dan alleen exposen. Het is iemand tot op het bot vernederen. Veel, met name jongens, denken de macht te hebben om het slachtoffer op haar plek te zetten, te straffen voor haar daad door haar nog verder de afgrond in te duwen. „Ik mag dit, dit is mijn taak, want zij gedraagt zich als slet.’’ Ik noem het eerwraak 2.0.

Het gaat lang niet altijd over seks. Soms draagt een meisje geen hoofddoek op een foto terwijl ze die offline wel draagt, wat haar direct bestempelt als ‘kech’ (straattaal, afgeleid van het Marokkaans-Arabische woord voor hoer). Er is dus niet veel nodig om binnen de Marokkaanse en Turkse gemeenschap onteerd of verstoten te worden. Het laat de slachtoffers reddeloos en ouders radeloos achter, terwijl de daders vrijuit gaan.

Fatima draagt de eer van de gehele gemeenschap op haar schouders, zo is de mentaliteit

Dit fenomeen vindt geen enkele rechtvaardiging binnen de islam. Wanneer het aankomt op het beoordelen van anderen zijn eerlijkheid en onpartijdigheid belangrijke eisen. Rechtvaardigheid die noch van liefde, noch van haat afhankelijk is. Het tegengestelde zie je gebeuren in de praktijk. Ik geef niet graag toe dat dit gebeurt, maar m’n kop in het zand steken voor zeer ongepast en grensoverschrijdend gedrag doe ik nog minder graag.

Er is een seksualiteitsoorlog gaande. Om te begrijpen waar dit allemaal vandaan komt, is het belangrijk om kennis te hebben van de cultuur en het waardesysteem waar deze jongeren in zijn opgegroeid en nog steeds in bevinden. Om daadwerkelijk te begrijpen hoe dit mechanisme van slachtoffer-dader tot stand komt en te kijken naar waar de ingang is om dit fenomeen aan te gaan.

Taboe doorbreken

Een belangrijke stap in het aanpakken van het probleem is het bespreekbaar maken van het onderwerp en het zo uit de taboesfeer te halen. In de hoop dat er besef komt dat elkaar online afmaken (met serieuze gevolgen voor ‘offline’) niet oké is en dat liefde, intimiteit en seksualiteit normale verschijnselen zijn. Hoe men dit vorm geeft zou een individueel vraagstuk moeten zijn. Maar vanuit de waardesystemen waar de jongeren zich vaak in bevinden zie je dat de gehele gemeenschap zich hiermee bezig houdt. Want wat Fatima doet, zo is de mentaliteit, gaat de gehele Marokkaanse of Turkse gemeenschap aan; Fatima draagt de eer van de gehele gemeenschap op haar schouders.

Het is tijd dat de gemeenschappen deze moderne vorm van eerwraak veroordelen en dat die waarden, moraliteit en ethiek terugbrengen in de scheef gegroeide man-vrouwverhoudingen. Het gaat om woorden maar ook om daden. Wegkijken of ontkennen is geen optie meer.

De illusie bestaat helaas dat praten over seksualiteit ervoor zou zorgen dat kinderen sneller seksueel actief zijn. Het gevaar hiervan is dat ouders daadwerkelijk geloven dat niet praten constructief kan zijn. Dit heeft geen enkele basis. Zowel vanuit een religieus kader als vanuit psychologisch en pedagogisch perspectief niet.

Tweederde van kinderen tussen de negen en twaalf jaar is online weleens geconfronteerd met (heftige) porno. Als ouders ervoor kiezen om het onderwerp seksualiteit uit de weg te gaan, zal straat en internet die rol (blijven) vervullen. En de vraag is of dat op de meest wenselijke en gezonde manier gebeurd. Zonder enig gezond kader, zonder enig gesprek, wordt gezond seksueel opgroeien, zoals iedereen wenst voor zijn of haar kinderen, een utopie.

    • Nora El Abdouni