‘Geld verpleeghuizen moet naar personeel’

Anders moet het geld worden teruggevorderd, zegt minister Hugo de Jonge (VWS) in de Volkskrant.

Hugo de Jonge begroet Fleur Agema (PVV) voorafgaand aan de voortzetting van het debat over de begroting van zijn ministerie. Foto Jerry Lampen/ANP

Met de 435 miljoen euro extra die het kabinet in 2018 wil besteden aan zorg in verpleeghuizen moeten “zo’n tienduizend extra mensen” aangenomen worden. Dat zegt minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, Welzijn en Sport, CDA) in een interview met de Volkskrant. Ook wil De Jonge meer politieke invloed over het bedrag dat aan de verbetering van zorg besteed moet worden.

Als het extra geld niet wordt uitgegeven aan extra personeel, dan moet het worden teruggevorderd. “Nu kan dat nog niet altijd”, erkent De Jonge. “Dat hangt af van contracten met verpleeghuizen. Die moeten dan zo worden aangepast dat terugvorderen wel kan.”

Dat het extra geld voor verpleeghuizen vooral besteed moet worden aan het aannemen van personeel was al duidelijk. In totaal verwacht het kabinet dat er de komende jaren 40.000 extra voltijdsmedewerkers nodig zijn. Verpleeghuizen hebben echter moeite met het vinden van mensen. Het Centraal Planbureau acht 10.000 extra banen per jaar vanaf 2019 “haalbaar”.

Politieke invloed

De komende kabinetssperiode krijgen verpleeghuizen er 2,1 miljard euro bij. Het extra budget is een gevolg van een verbeterplan dat is opgesteld door de Kwaliteitsraad van het Zorginstituut (ZIN). Dat is juridisch bindend en moet worden uitgevoerd. In september erkende de voorzitter van die Kwaliteitsraad tegen NRC dat hij niet wist dat hun plan 2,1 miljard euro kost.

Toenmalig staatssecretaris Martin van Rijn (PvdA) vroeg in 2015 de sector onder begeleiding van het ZIN een verbeterplan op te stellen. Toen de sector er zelf niet uitkwam, stelde het ZIN zelf de kwaliteitseisen vast. Toen het plan in januari 2017 af was en de eisen in het ‘kwaliteitsregister’ werden opgenomen, waren ze meteen juridisch verankerd, voordat de kosten ervan waren berekend.

Politici schrokken van de machtige positie van het ZIN. De voormalige minister van Financiën Jeroen Dijsselbloem (PvdA) pleitte in september al in Het Financieele Dagblad voor een “noordremprocedure”, waarmee de politiek kan ingrijpen.

“Het is goed dat de kwaliteitseisen een zaak van professionals zijn”, zegt De Jonge nu in de Volkskrant. Het lijkt hem echter “logisch” dat de politiek het laatste woord heeft over de financiële consequenties. Een wetswijziging lijkt hem daarom ook “logisch”.

Vorige week sprak de Tweede Kamer tijdens de begrotingsbehandeling van het ministerie van VWS al over de besteding van het extra geld voor verpleeghuizen. De Jonge zei toen ook dat hij wil dat de politiek voortaan invloed moet kunnen uitoefenen op bedragen die worden gereserveerd voor verbeteringen in de zorgsector. De Jonge maakte in dat debat wel een stevig voorbehoud:

“Ik wil wel even goed nadenken over hoe dat precies vorm moet krijgen. Op dit moment kijkt een interdepartementale ambtelijke studiegroep hoe je dat het best zou kunnen doen, omdat het een vrij fundamentele wijziging is.”