Opinie

Catalonië is alleen verder geradicaliseerd

Bieden de verkiezingen in Catalonië, donderdag, nog een uitweg uit de crisis, vraagt .

Onafhankelijksgezinde Catalanen tijdens een demonstratie op 7 december in Brussel als steunbetuiging aan Carles Puigdemont, de door Madrid afgezette regiopresident van Catalonië Foto: Stephanie Lecocq/EPA

De kans dat de crisis in Catalonië binnenkort met een sisser afloopt, is klein. Men rekent hier op een ongekend hoge opkomst bij de verkiezingen van donderdag, maar volgens de peilingen zijn de voor- en tegenstanders van onafhankelijkheid aan elkaar gewaagd; geen van beiden kan volgens de laatste peilingen op een beslissende overwinning rekenen. Samenwerking tussen de twee kampen is onwaarschijnlijk.

De Spaanse regering had deze verkiezingen uitgeschreven om een weg uit de impasse te vinden. Een deel van de onafhankelijkheidsbeweging beschouwt de uitslag van het eenzijdig uitgeschreven referendum van 1 oktober – een overweldigend ‘ja’, bij een meerderheid aan thuisblijvers – als bindend. Afscheiding is wat hen betreft een kwestie van tijd. De meeste tegenstanders van onafhankelijkheid weigeren het referendum te erkennen. Tussen die twee uitersten zit weinig ruimte.

Escalatie en hooghartigheid

Nog niet zo lang geleden wilde maar een kwart van de Catalanen uit Spanje weg. Bijna niemand uitte zich pro-Spaans. Een combinatie van Catalaanse escalatie en Spaanse hooghartigheid heeft de meeste inwoners van de regio sindsdien geradicaliseerd. Inmiddels wil de helft onafhankelijk worden. De andere helft is niet meer bang Spaanse vlaggen van de balkons te laten hangen. Die zag je een paar jaar geleden alleen op overheidsgebouwen.

De politiek heeft zich naar deze nieuwe verhoudingen geschikt. Centrum-rechts werkte ooit samen met de Partido Popular (PP) van Mariano Rajoy om Catalaanse autonomie te bewerkstelligen, maar sinds het Spaanse hooggerechtshof in 2010, op aandringen van dezelfde PP, een deel van het Catalaanse zelfbestuur introk zijn de liberalen voor afsplitsing gaan pleiten.

Toch vertrouwen veel separatisten de partij, die nu door Carles Puigdemont wordt geleid, niet. Zij stappen over naar radicalere partijen op links. Hun leider, Oriol Junqueras, zit vast in een Spaanse gevangenis. Hij wordt onder meer van opruiing beschuldigd. Zijn rechtszaak is pas na de verkiezingen. Puigdemont wacht de uitslag van de verkiezingen in België af.

Eén vraag: hoe nu verder?

Aan de andere kant winnen de Ciudadanos, een D66-achtige partij die zich tegen onafhankelijkheid verzet, steun. Op economisch en sociaal gebied hebben zij veel met Puigdemont gemeen, maar die kwesties doen er niet meer toe. De verkiezingen gaan alleen over: hoe nu verder?

De partijen van Junqueras en Puigdemont zouden met steun van extreem-links mogelijk weer een regering kunnen vormen. De vraag is dan of Spanje het zelfbestuur in de regio herstelt. Als de Ciudadanos en andere partijen die tegen onafhankelijkheid zijn winnen, krijgt Catalonië waarschijnlijk weer de touwtjes in handen. Maar veel Catalanen zouden zo’n coalitie als een marionettenregering van premier Rajoy zien.

De tragiek is dat een meerderheid van de Catalanen nog altijd tevreden zou zijn met verregaande autonomie. Als ze gedwongen worden te kiezen tussen onafhankelijkheid en de status quo splijt het volk. Maar als de mogelijkheid van een federaal Spanje zich aandient, blijkt slechts een op de drie echt onafhankelijkheid te wensen.

De gewone Catalaan wil alleen maar dat Spanje hem serieus neemt

De PP wijst een federaal Spanje echter van de hand. Wat die partij betreft heeft Catalonië al te veel bevoegdheden. De regering-Rajoy heeft het zelfbestuur geschorst. Vanuit Madrid komen verder geen voorstellen, geen enkel gebaar om de crisis te bezweren. De gedachte daar is dat de Catalaanse beweging de kop moet worden ingedrukt. Voor Catalaanse ambities is geen geduld, voor taal en tradities geen waardering.

Onbegrip en onmacht

Dat stoort de gemiddelde Catalaan nog het meest: dat ze door de rest van Spanje niet serieus worden genomen.

Het gaat uiteindelijk niet om het geld, hoewel Catalonië meer aan Madrid afdraagt dan het terugkrijgt. Het gaat uiteindelijk niet om specifieke bevoegdheden, hoewel de nationalisten maar wat graag het Catalaanse onderwijs en de Catalaanse media onder Spaans bewind zouden plaatsen. Het is wederzijds onbegrip en, vooral aan de Catalaanse zijde, een gevoel van onmacht: dat ze in Spanje nooit als volk zullen worden erkend.

Dán maar onafhankelijkheid.