Tachtig talen met Travis de Tolk

Rutger Burger

Lennart van der Ziel (29) is één van de drie oprichters van Travis de Tolk, een kleine vertaalcomputer die in een seconde tachtig gesproken talen twee kanten op kan vertalen. Travis de Tolk is het resultaat van een ontmoeting bij het Venture Café, een netwerkevenement in het Cambridge Innovation Center in het Groothandelsgebouw. „We wilden onderzoeken waarom zo weinig start-ups – van met name hardware – doorgroeiden tot een succesvol bedrijf. Wij bedachten dat je mensen met een creatief idee en mensen die dat zakelijk kunnen ontwikkelen moet combineren daarná de markt moet opzoeken, in plaats van naar een investeerder te stappen.” Door gebruik te maken van crowdfunding kan de financiering worden geregeld én wordt meteen getest of er behoefte is aan het product.

Tijdens een brainstorm ontstond het eerste idee dat volgens dit model ontwikkeld werd: Travis de Tolk. „Een product moet altijd gebouwd zijn rondom een probleem. Wij hadden zelf regelmatig te maken gehad met taalbarrières omdat we voor werk in internationale teams hadden gezeten. We besloten een toepassing te maken voor het wereldwijde communicatieprobleem.” Dat werd Travis de tolk.

Ze constateerden dat de markt voor vertaalapplicaties en apparaten versnippers was, maar de technologie snel vooruit gaat. „De meeste toepassingen zijn voor telefoons, die matige microfoons en speakers hebben. We besloten daarop om vanaf de tekentafel te beginnen en een nieuw apparaat te ontwerpen.” Op een beurs voor mobiele technologie in Barcelona bleek de animo groot te zijn. „Het idee van een universele vertaler raakte bij mensen een gevoelige snaar.” In maart startte de voorverkoopcampagne op Indiegogo en binnen twee dagen was de gestelde drempel van 80.000 dollar gehaald. Na een maand was dat gegroeid tot 630.000 dollar en kon Travis ontwikkeld worden, om vanaf augustus geleverd te worden. Inmiddels zijn er 12.000 verkocht à 179 dollar (152 euro). „We bedoelden het oorspronkelijk voor reizigers, maar de zakelijke markt blijkt eigenlijk groter. Van ziekenhuizen tot logistieke bedrijven.”