Kerstboom uit een ander sterrenstelsel

We kunnen niet tegen betekenisloosheid. Die rots uit de ruimte moest iets zeggen.

Foto AFP

Wat is de geheime boodschap van de sigaarvormige ruimterots die laatst zomaar ons zonnestelsel binnenvloog? Een glimmend roodgrijs ding ter grootte van een fors cruiseschip dat traag om zijn as tuimelt en voorbijtrekt met zo’n 40 kilometer per seconde. Hij werd in oktober ontdekt door Hawaiiaanse telescopen. Voor het eerst kregen we een bezoekende rots van buiten ons sterrenstelsel te zien. ‘Oumuamua, zo heet de planetoïde, met hoge komma. Het is Hawaïaans voor ‘verkenner’ of ‘boodschapper van ver’.

En de sensatiepers begon te speculeren. Wat was die boodschap precies? Komt ‘Oumuamua ons bespioneren, is het een verkenner van een vreemde beschaving? Is het een ruimteschip met een kapotte motor, hulpeloos rondtuimelend?

Opvallend genoeg deden ook serieuzere wetenschappers mee, zoals Stephen Hawking. Die sloot niet uit dat deze bezoeker kon praten. Misschien maakten ze het spannender dan het was, maar deze week luisterden astronomen zelfs verschillende radiofrequenties af in de hoop op levenstekens. Het idee kwam van het project Breakthrough Listen, gesponsord door de internetmiljairdair Yuri Milner, investeerder in onder meer communicatieplatforms als Facebook, Twitter, WhatsApp. Maar ‘Oumuamua zwijgt voorlopig, bleek donderdag, nog geen appje kan er af.

Als het om aliens gaat kun je natuurlijk niet alert genoeg zijn. Maar waarom zou je in vredesnaam proberen te praten met een rots? Dat speculeren wordt, behalve door z’n verre afkomst, vooral veroorzaakt door die gekke sigaarvorm van ‘Oumuamua. Want die zie je onder natuurlijke omstandigheden niet zo vaak. Dit leek design. Maar een ruimteschip? Een ruimteschip heeft toch raampjes met aliens achter de knoppen en met raketten enzo. Dit kon met veel fantasie een gebutste onderzeeër zijn, of hooguit een gigantische menhir of vuistbijl. Maar eerlijk gezegd leek het gewoon een steen.

Mensen zien graag dingen die er niet zijn: dingen in wolken of gezichtjes in stopcontacten. ‘Pareidolie’ heet dat fenomeen: een gezicht op een rots in Mars, Jezus in een geroosterde boterham. Of: sfeer en saamhorigheid in een afgehakte boom uit het bos. Pareidolie kan een teken van nakende gekte zijn. Maar ook een gezond beschermingsmechanisme. Juist om niet gek te worden, zien we dingen, projecteren we ruimteschepen op puin. Betekenisloosheid, dat trekken we slecht.

Kakofonie

Zwijgen trekken we ook slecht, trouwens. Onze eigen planeet kun je vanuit andere sterrenstelsels al horen als een strandfeest in de verte, een kakofonie van muziek, gechat, geknal waar kreten van liefde en woede uit opstijgen. Juist omdat we zelf zo luidruchtig zijn, is het onverteerbaar dat een reusachtig fallussymbool hondsbrutaal onze comfortzone penetreert en meteen weer verlaat. Dus zien we verbanden die er niet zijn, met dat dronken algoritme in onze kop genaamd zingeving. ‘Oumuamua, dit amulet uit de hemel, verraadt vooral iets over onszelf: hoe we snakken naar betekenis, naar contact. Verlos ons, steentje, neurie desnoods een ruimtedeuntje. Zeker rond kerst staan velen open voor zo’n boodschapper van boven. Wat mij betreft is ‘Oumuamua trouwens heel duidelijk een kerstboom verpakt in plastic, met gratis sterrenlichtjes en al.

‘Oumuamua passeert in mei Jupiter en verdwijnt dan uit zicht. Er worden intussen nog wat frequenties afgeluisterd, niet uit te sluiten is dat nog wat flarden worden opgevangen van de komplete Top 2000 aller sterrenstelsels. Toch zou dat een domper zijn. Want de steen heeft allang gesproken. Niets is zo’n klare taal als niks zeggen. Zwijgen, negeren: in menselijke relaties, maar ook in het heelal is dat een helder statement. Die geheime boodschap is laatst al mooi verwoord door Lieke Marsman, in dit stukje uit haar roman Het tegenovergestelde van een mens:

„Waar het op neerkomt is dat de mensheid als geheel ook eenzaam is. We kunnen er niet tegen dat er niemand iets terugzegt, dat die verdomde objecten niets doen met de betekenis die wij ze toedichten, dat we nog altijd geen dieren hebben horen praten – ja, misschien zo nu en dan in de vorm van het schrille gegil dat onze slachthuizen vult, maar niet met woorden, niet met een oplossing voor de dingen waar we al tijden mee zitten. Zelfs de hemel is leeg. En dus zetten we ons af door al die zwijgende natuur om ons heen te vernietigen, als een wanhopige geliefde die maar niet wordt terug ge-sms’t en het in het café op een zuipen zet.”

    • Arjen van Veelen