Jacob Zuma is loyaal aan zijn familie. Dat hoort zo in Nkandla

Zuid-Afrika

Tien jaar geleden was Jacob Zuma, president van Zuid-Afrika, de gevierde ‘man van het volk’, nu is zijn achternaam een scheldwoord geworden. Het ANC kiest dit weekend zijn opvolger. Waar ging het mis?

Jacob Zuma op het partijcongres van ANC in Johannesburg, Zuid-Afrika. Foto Siphiwe Sibeko / Reuters

Jacob Zuma ploft om half twee ’s nachts neer op zijn luie stoel in zijn privéhuis in Nkandla, in de provincie KwaZoeloe Natal. Hij draagt badslippers. Hij is doodop, maar een interview van een uur kan er nog wel vanaf. De hele dag is hij druk geweest voor de trouwerij van een neef. Gekleed in luipaardvel leidt Zuma de trouwstoet naar de rivier. Het modderwater kleurt bloedrood van de gekeelde koeien. Het is december 2007.

Ik houd Jacob Zuma die dag onophoudelijk in het oog tijdens de eindeloos durende ceremonie. Niet één keer kijkt hij op zijn horloge. Niet één keer beantwoordt hij zijn telefoon. Zuma is de gevierde man van het ANC. Na twee termijnen onder de afstandelijke intellectueel Thabo Mbeki wil een overgrote meerderheid van de regeringspartij Zuma als leider. Het hele land wil hem spreken, maar hij staat in de koeienstront. Daarom is hij zo geliefd in Nkandla, en ver daarbuiten: een luisterend oor voor het gewone volk. Geen gladde showpoliticus, maar een ongeschoolde schaapsherder, kind van een politieman en een schoonmaakster, die het tot president schopt.

Tien jaar later is Zuma een scheldwoord geworden, een synoniem voor corruptie, vriendjespolitiek en wetteloosheid. De vette jaren die voorafgingen aan het Zuma-presidentschap zijn omgeslagen in een economische crisis. Zijn partij deed het bij verkiezingen nog nooit zo slecht en moest in vier grote steden de macht afstaan aan de oppositie. De president hangen meer dan zevenhonderd aanklachten van corruptie en witwassen boven het hoofd. De partij die zondag in Johannesburg bijeenkomt om de opvolger van Zuma aan te wijzen, dreigt nu uiteen te vallen door de bloedige strijd om de macht en de baantjes. Waar ging het mis?

Het dorp dat opdoemt uit de mist boven de honderd grasgroene heuvels van KwaZoeloe Natal is druk met renovatie. Bulldozers schuiven zand over de nieuwe weg naar het naburige dorp. Nkandla ligt er stralend bij. Links de presidentiële compound, die voor 246 miljoen rand (20 miljoen euro) werd verbouwd. Rechts de school, vernoemd naar Jacob Zuma’s vader. Verderop het splinternieuwe ‘Development Centre’, waar werklozen worden getraind. En recht vooruit het huis van Mike Zuma: het neefje van de president die me ooit aan zijn oom voorstelde.

Golfplaten dak

Tien jaar geleden woonde Mike Zuma nog in een huis met een dak van golfplaten, waar zijn kinderen op de grond sliepen. Zijn toilet was een gat in de grond. Nu woont hij in een huis met vier slaapkamers en een veranda, met uitzicht over de heuvels van Nkandla.

„Sinds de laatste keer dat je hier was, is mijn leven compleet veranderd”, zegt Mike. In zijn gezicht zijn rimpels verschenen, rond de initiatietekens die Zulu’s in hun jonge jaren op hun wangen krijgen gekerfd. Nadat zijn oom leider van het ANC werd in 2007 – en president van Zuid-Afrika in 2009 – hield de telefoon niet meer op met rinkelen. „Het helpt als je achternaam Zuma is.

Mike Zuma. Foto’s Jeffrey Barbee, Bram Vermeulen

Het heeft heel wat deuren voor mij geopend”, zegt hij. Kort na het ANC-congres in 2007 werd Mike Zuma benaderd door de burgemeester van Umtata, in de Oostkaap. Ze bood hem een baan als „Local Economic Development Officer” aan. Neef Zuma had geen aantoonbare bestuurlijke ervaring, behalve als voorzitter van het plaatselijke ANC. „Ik werd geïntroduceerd als de zoon van Zuma. Plotseling wilden alle ministers en directeuren van grote bedrijven me spreken. Allemaal in de hoop dat ik ze bij de president thuis kon brengen. Ik hoefde maar een telefoontje naar zijn lijfwachten te plegen en het was geregeld.”

Hier in het land van de Zuma’s en Zulu’s geldt het principe van ubuntu: ik ben omdat anderen zijn. Hier staat de deur altijd open. Hier wordt iedere bezoeker met open armen ontvangen. Die gastvrijheid afslaan wordt niet in dank afgenomen. „Ga zitten en neem een stuk geit”, zegt Khula Zuma, zoon van Jacob Zuma’s oudste broer. „Je gaat hier niet weg zonder dat je van mijn bord gegeten hebt.” Khula haalt geregeld de Zuid-Afrikaanse pers met verhalen over extravagante partijtjes, koffers vol contanten en een omstreden oliedeal in de Democratische Republiek Congo. „Ik praat niet met journalisten”, zegt hij lachend terwijl hij een sigaar opsteekt. „Jullie zijn allemaal hetzelfde.”

In de landelijke politiek opereert president Zuma net als in Nkandla. Wie hem om een vriendendienst vraagt, wordt nooit teleurgesteld. „Dat is zijn zwakke kant. Hij zal nooit nee zeggen. Hij heeft een goed hart. En mensen misbruiken dat”, zegt Mike Zuma, lurkend aan zijn vruchtensap.

Het presidentiële paleis van Jacob Zuma. Foto’s Jeffrey Barbee, Bram Vermeulen

Neem de omstreden verbouwing van zijn privéhuis. Kosten: 246 miljoen rand. Daarmee is het huis in Nkandla waarschijnlijk het duurste huis van Zuid-Afrika. Je ziet het er niet aan af. Het veelbesproken paleis van de Zuma’s is een verzameling huizen met rieten daken, luxe rondavels zoals ze in Zuid-Afrika worden genoemd. Er is een zwembad, een omheind sportterrein , een kraal voor het vee en manshoge hekken, twee rijen dik met politiecamera’s. „Hoeveel zou het kosten? 10 miljoen rand? 50 miljoen rand is al moeilijk te geloven. Maar 246 miljoen? Nooit. De aannemers hebben een loopje met Zuma genomen. „Opportunisten!”, zegt Mike hoofdschuddend.

Nkandla werd Zuma’s Waterloo. De hoogste rechtbank in het land beschuldigde de president van het schenden van de grondwet toen hij weigerde een groot deel van de verbouwingskosten van het huis voor eigen rekening te nemen, zoals de Nationale Ombudsman hem had opgedragen. Met name de partij van voormalig ANC-er Julius Malema ontnam Zuma onophoudelijk het woord door hem ‘pay back the money’ toe te schreeuwen. Dat hield pas op toen Zuma, op last van het Constitutionele Hof, instemde met een terugbetaling van bijna 8 miljoen rand, waarvoor hij een lening afsloot.

Ook de Gupta’s namen een loopje met de president. De drie zakenbroers, geboren in India, kwamen begin jaren negentig naar Zuid-Afrika en legden goede contacten met de regering van Nelson Mandela die in 1994 aan de macht kwam. Maar pas onder Jacob Zuma kregen de broers zoveel vat op de politiek van Zuid-Afrika dat ze zelfs beslisten over ministersbenoemingen. Hun toegang tot de president was zijn zoon Duduzane Zuma, werknemer van Oakbay, het bedrijf van de Gupta’s. Onder druk van de Gupta’s ontsloeg Zuma eerder dit jaar zijn gerespecteerde minister van Financiën, Pravin Gordhan, en ruilde hem in voor een volgzamer bewindsman. De aandelenbeurs stortte in, in alle grote steden gingen Zuid-Afrikanen de straat op om het aftreden van Zuma te eisen. Het corruptieschandaal heeft inmiddels de aandacht van de FBI en heeft ook de naam van het in Nederland gevestigde bedrijf KPMG en het Amerikaanse McKenzie bezoedeld, die zaken deden met de Gupta’s.

Schaamteloos

Protas Madlala. Foto’s Jeffrey Barbee, Bram Vermeulen

„De grootste vijand van Jacob Zuma is hijzelf”, zegt Protas Madlala, politiek analist in Durban. „Hij heeft zich omgeven met de verkeerde mensen. Loyaliteit boven alles. Zijn regering is geobsedeerd geraakt met het gevecht om de macht in de partij, in plaats van het lot van het land. Hij is schaamteloos.”

Dat gevecht bedreigt het vijfjaarlijkse partijcongres van het ANC: de partij is de komende vijf dagen bijeen om een opvolger van Zuma aan te wijzen. De ANC-traditie schrijft voor dat de vicepresident de nieuwe partijleider wordt. Zo volgde Thabo Mbeki Nelson Mandela op. En Jacob Zuma Thabo Mbeki. Maar in plaats van de weg vrij te maken voor oud-vakbondsleider en mijnmagnaat Cyril Ramaphosa, de huidige vicepresident, heeft het kamp Zuma zijn ex-vrouw Nkosazana Dlamini-Zuma naar voren geschoven als kandidaat. Nkosazana was voorzitter van de Afrikaanse Unie en tweemaal minister, maar heeft zo weinig charisma dat ze er zelfs in Nkandla een hard hoofd in hebben. „Ze heeft veel bestuurlijke ervaring. Maar een goede spits maakt nog geen goede coach”, zegt Mike Zuma. Officieel steunt hij haar kandidatuur, al is het maar vanwege die achternaam. Jacob Zuma en Nkosazana hebben vier kinderen samen. Ze scheidden in 1998. Jacob Zuma lijkt te hopen dat zij, als moeder van zijn kinderen, niet zal toestaan dat hij wordt veroordeeld voor de 700 aanklachten van corruptie die hem boven het hoofd hangen.

Mike Zuma schudt zijn hoofd. Er is veel wat hij bewondert aan zijn oom. Hij is een goed mens, zo is nog steeds zijn overtuiging. Maar vooral de laatste jaren heeft hij schaamte gevoeld voor die familienaam. Dan hoorde hij dat aan de tafels in een restaurant over zijn oom werd geklaagd en zijn familienaam door het slijk werd gehaald. Hij kon ze geen ongelijk geven. „Het land lijdt onder persoonlijke vendetta’s. Dat is niet goed. Ik denk dat hij er zelf ook genoeg van heeft. Dat hij niet kan wachten tot het allemaal voorbij is en hij gewoon terug kan naar Nkandla.”

Mike Zuma blijft ook niet in Umtata in de Oostkaap. Hoe succesvol zijn baan bij de gemeente ook is, hij mist het uitzicht op de groene heuvels van Nkandla, zijn vrienden en familie. Net als voor de president van Zuid-Afrika is het ook voor hem tijd om weer naar huis te gaan.

Correctie: in het oorspronkelijke artikel stond dat het ANC op zondag (17 december 2017) bijeen zou komen. Dat klopt niet: het was zaterdag (16 december).