Nieuwe poging voor mislukt Huis voor Klokkenluiders

Het voltallige bestuur stapt op na een kritisch onderzoeksrapport.

Paul Loven en Ronald van Raak (SP) bij de opening van het Huis voor Klokkenluiders.Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP

De crisis bij het Huis voor Klokkenluider is compleet. Het voltallige bestuur van het Huis, dat mensen moet bijstaan die misstanden op het werk melden, heeft donderdag besloten volgende maand op te stappen. Bestuursvoorzitter Paul Loven stapte vorige maand al op en vroeg oud-topambtenaar Maarten Ruys onderzoek te doen naar de problemen bij het Huis. Diens zeer kritische onderzoeksrapport naar het functioneren van de organisatie, dat donderdag is gepresenteerd, is aanleiding voor het bestuur om plaats te maken. Ruys adviseert een volledige ‘herstart’ van het Huis.

De organisatie werd vorig jaar juli opgericht, maar wist sindsdien geen enkel onderzoek naar misstanden af te ronden. Van de 28 verzoeken om een onderzoek zijn er slechts zeven daadwerkelijk in onderzoek. Veel verzoeken werden om formele redenen niet ontvankelijk verklaard voor een onderzoek door het Huis, tot frustratie van klokkenluiders.

Binnen het bestuur ontstonden meningsverschillen over hoe het Huis met meldingen van klokkenluiders moest omgaan. Ruys schrijft onder meer dat het Huis te snel is begonnen met de werkzaamheden, terwijl er „verschillende bloedgroepen” onder de medewerkers waren. Zo werken er volgens Ruys adviseurs die klokkenluiders maximaal willen bijstaan, maar ook onderzoekers die zich juist onafhankelijker willen opstellen. Ruys constateert ook „verstoorde persoonlijke relaties tussen afdelingen en individuen onderling”.

Lees ook Crisis in Huis voor Klokkenluiders

Het bestuur is er volgens hem „niet in geslaagd een samenhangende en gedeelde visie vast te stellen en een goed functionerende werkorganisatie neer te zetten”. Verder nam het bestuur volgens Ruys geen besluiten en als ze wel werden genomen, werden ze opnieuw ter discussie gesteld.

Erwin Muller, vicevoorzitter van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV), treedt begin januari aan als interim-bestuurder, zo meldt minister Kajsa Ollongren (Binnenlandse Zaken, D66) in een brief aan de Tweede Kamer. Ollongren wil met Muller, die ook hoogleraar Veiligheid en Recht is aan de Universiteit Leiden, „zo spoedig mogelijk” een nieuw bestuur formeren.

Tanden hebben en doorpakken

Het Huis voor Klokkenluiders ging vorig jaar open om de rechtspositie van klokkenluiders in Nederland te verbeteren. De wet die de oprichting van het Huis regelde was een initiatief van SP-Kamerlid Ronald van Raak. Hij is „heel blij” dat het vierkoppige bestuur opstapt. „Het bleken niet de goede mensen op de juiste plek, het Huis moet tanden hebben en doorpakken. Dat is een kwestie van mentaliteit.”

Van Raak heeft er vertrouwen in dat minister Ollongren de problemen bij het Huis gaat aanpakken. De minister nam vorige maand tijdens het begrotingsdebat Binnenlandse Zaken een motie van SP en VVD over die haar oproept ervoor te zorgen dat het Huis voor Klokkenluiders al zijn wettelijke taken uitvoert, inclusief het doen van onderzoek.

Het Huis is de eerste in zijn soort in Europa. Klokkenluiders kunnen er terecht met misstanden op het werk die hun particuliere belang overstijgen en dus meer behelzen dan een arbeidsconflict. Het kan bijvoorbeeld gaan om misstanden rond de volksgezondheid, schade voor het milieu of corruptie binnen een bedrijf.

    • Pim van den Dool