Justitie wil twee jaar cel en tbs voor Syriëganger

Een 47-jarige man uit Den Haag sloot zich vorig jaar september aan bij een aan Al-Qaeda gelieerde strijdgroep. Drie maanden later keerde hij terug.

Foto Bas Czerwinski/ANP

Het Openbaar Ministerie (OM) wil dat een man die zich vorig jaar heeft aangesloten bij een strijdgroep in Syrië twee jaar de gevangenis in gaat en tbs krijgt. Die strafeis sprak justitie donderdag uit in de Rotterdamse rechtbank, waar het proces tegen de 47-jarige verdachte dient. Hij wordt verdacht van terroristische misdrijven.

De man meldde zich in 2016 aan bij de Turkistan Islamic Party (TIP), een kleine strijdgroep die gelieerd is aan Al-Qaeda. De TIP komt oorspronkelijk uit het westen van China en strijdt voornamelijk voor een islamitische staat in de provincie Xinjiang. Strijders van de TIP zijn ook actief in Syrië. Voor zijn vertrek haalde de verdachte zijn woning in Den Haag leeg, zegde hij zijn abonnementen op, maakte hij een testament en kocht hij een enkeltje naar Turkije. Daar arriveerde hij in september.

Kalasjnikov

Eenmaal in Syrië zat de uitreiziger naar eigen zeggen drie weken in een trainingskamp. Hij leerde daar schieten met een kalasjnikov. Na zijn opleiding zou hij schoonmaak- en opruimwerk hebben verricht in een kazerne.

Uiteindelijk zou de man ziek zijn geworden. Daarom keerde hij terug naar Turkije. In december klopte de uitreiziger aan bij het Nederlandse consulaat in Istanbul. Hij zei dat hij zijn paspoort kwijt was en dat hij graag terug wilde naar Nederland. Hij werd aangehouden en door de Turkse autoriteiten overgedragen aan Nederland.

Justitie eist naast de celstraf tbs omdat de man kampt met psychische problemen. Hij is onder meer manisch-depressief. De familie en vrienden van de verdachte maakten zich volgens hem OM al jaren zorgen over hem. De aanklager vindt dat hij “moet worden opgenomen op een forensisch psychiatrische afdeling en verplicht worden tot het innemen van voorgeschreven medicijnen”.

Lees ook: Laura H. veroordeeld, hoeft niet terug de cel in

In november veroordeelde de Rotterdamse rechtbank Laura H. tot twee jaar cel, waarvan dertien maanden voorwaardelijk. Zij was samen met haar man vertrokken naar het toenmalige grondgebied van Islamitische Staat (IS). Ze keerde terug omdat ze naar eigen zeggen spijt had gekregen. De rechtbank oordeelde dat H. geen IS-lid was. Door naar IS-gebied af te reizen, had ze volgens de rechtbank wel een bijdrage geleverd aan het terroristisch oogmerk van IS.

    • Vincent Sondermeijer