Renteverhoging

Amerikaanse centrale bank verhoogt rente voor de laatste maal onder Yellen

Voorzitter van de Amerikaanse centrale bank, Janet Yellen Foto Zach Gibson/Getty Images/AFP

De Amerikaanse centrale bank, de Federal Reserve, heeft woensdag haar belangrijkste rentetarief voor de derde maal dit jaar verhoogd. De zogenoemde federal fund rate, is met een kwart procentpunt opgeschroefd naar tussen 1,25 procent en 1,5 procent.

Dit maakte de Fed bekend na zijn tweedaagse vergadering, die de laatste was onder leiding van voorzitter Janet Yellen. Zij wordt, als de senaat akkoord gaat, in februari 2018 opgevolgd door Jerome (Jay) Powell, die nu al bestuurslid van de centrale bank is.

De gemiddelde prognose van de bestuursleden gaat uit van nog drie renteverhogingen met een kwart procentpunt in 2018, plus nog eens twee in 2019. Dat zou de rente tegen die tijd op tussen 2,5 en 2,75 procent brengen. Anders dan bijvoorbeeld de Europese Centrale Bank publiceert de Fed geen eenduidig rentetarief, maar een ‘doelzone’ voor de rente. Dat komt omdat de Amerikaanse centrale bank de rentestand niet direct bepaalt, maar met aan- en verkopen op de geldmarkt ‘masseert’ naar de gewenste hoogte.

Lees ook dit artikel: de Fed-voorzitter die maar een kans kreeg

Afwijkende mening

Yellen zei in de afsluitende persconferentie dat de hoge prijzen van aandelen en andere bezittingen zoals huizen, nog geen waarschuwingssignalen afgaven. „Zij behoren tot de risico’s, maar springen er niet uit.” Zij sprak zich niet uit over het nieuwe belastingplan, maar wees wel op de hoge Amerikaanse staatsschuldquote die er verder door zal stijgen.

Twee bestuurders, de voorzitters van de regionale centrale banken van Minneapolis en Chicago, gaven blijk van een afwijkende mening. Zij vinden de Amerikaanse inflatie nog veel te tam om een renteverhoging te rechtvaardigen. De belangrijkste maatstaf voor inflatie die de Fed hanteert, staat op 1,4 procent, onder het beoogde doel van rond de 2 procent.

Op de financiële markten kwam de beslissing van de Fed niet als een verrassing. Op de aandelen waren de koersen licht hoger, terwijl de dollar nauwelijks van zijn plaats kwam.