Pensioenfondsen blijken kwetsbaar bij stresstest

De dekkingsgraad van de pensioenfondsen zou met 24 procentpunt kunnen dalen, in het geval van een “extreme, maar denkbare” situatie.

Het hoofdkantoor van Stichting Pensioenfonds ABP. Foto Marcel van Hoorn/ANP

De Nederlandse pensioensector is kwetsbaarder dan die in andere Europese landen. Uit onderzoek van de Europese toezichthouder EIOPA in samenwerking met De Nederlandsche Bank (DNB) blijkt dat Nederlandse pensioenfondsen minder weerbaar zijn in het geval van “een extreem negatief, maar denkbaar scenario”. Volgens DNB zijn de pensioenfondsen kwetsbaar vanwege het Nederlandse systeem waarbij pensioenen meestijgen met de inflatie.

Met een zogenoemde stresstest is de weerbaarheid van pensioenfondsen tijdens extreme omstandigheden onderzocht. Zo is gesimuleerd dat de prijzen van aandelen, vastgoed en rentes plotseling sterk zouden dalen, terwijl risicopremies opliepen. In dit scenario worden Nederlandse pensioenfondsen “stevig geraakt”, meldt DNB. De dekkingsgraad van de fondsen zou met bijna 25 procentpunt dalen.

Communiceren over risico’s

DNB hanteert een minimale dekkingsgraad van 105 procent. Omdat de graad van de meeste Nederlandse pensioenfondsen rond dit minimum zweven, zou een afname van 25 procentpunt desastreus kunnen zijn.

Volgens DNB laat de stresstest zien dat de fondsen risico’s nemen. Hoewel de gesimuleerde situaties extreem zijn, moet er rekening gehouden worden met de gevolgen die grote schokken op de markt met zich mee kunnen brengen. Volgens de bank moeten de fondsen duidelijker communiceren over mogelijke risico’s naar hun deelnemers.

‘Niet verrast’

De Pensioenfederatie zegt niet verrast te zijn over de uitkomsten van het onderzoek, meldt persbureau ANP. Volgens de organisatie investeren Nederlandse pensioenfondsen namelijk relatief meer in aandelen en vastgoed, en dit waren net de zaken die het meest werden geraakt in het scenario van de stresstest.

Het is niet bekend welke pensioenfondsen zijn onderworpen aan de stresstest. Volgens DNP zijn het fondsen die “representatief voor de sector” zijn.