Zaak gewonnen, maar geen cent gezien

Rechtspraak Honderdduizenden zaken komen bij de civiele rechter. Maar of de uitspraken ook worden nageleefd, weet niemand.

Een stukadoor aan het werk in een huis dat gerenoveerd wordt. Wie ontevreden is over het geleverde werk, kan naar de rechter stappen. Maar naleving van het vonnis is lastig af te dwingen. Foto Lex van Lieshout / ANP

Het metselwerk zag er niet uit. Er werd wel héél weinig isolatiemateriaal aangebracht. En geen idee wat er gelegd was onder de vloerverwarming; een vezelversterkte ondergrond, zoals afgesproken, was het in ieder geval niet.

Geschiedenisleraar Willem Willems kocht zes jaar geleden met zijn vrouw een huis in Eindhoven dat ze wilden laten uitbouwen. Ze schakelden de firma Top Totaalbouw in. „Na ongeveer eenderde van het werk vonden we een aantal zaken heel vreemd”, zegt Willems. „Toen hebben we via via een aannemer geregeld die wel even wilde komen kijken. En die bevestigde onze vrees: prutswerk, er klopt helemaal niks van.”

Contractueel had Willems het helemaal dichtgetimmerd. De rechter (van de Raad van de Arbitrage voor de bouw) gaf hem dan ook gelijk. „We waren heel blij met het vonnis. We hebben gewonnen, we kunnen gaan incasseren, dachten we.” Maar nu, jaren later, heeft Willems zijn 40.000 euro nog steeds niet ontvangen.

Top Totaalbouw is namelijk failliet en de eigenaar bleek niet de aannemer, maar diens vrouw. Het stel had alles bedrijfsmatig zo gestructureerd dat er niets te verhalen valt. Alles wat het echtpaar nu privé bezit, staat namelijk op naam van de man. Willems: „Via Facebook zie ik ze op vakantie gaan en in een mooie auto rijden. Dat is nogal frustrerend.”

Verwaarloosd onderwerp

Willems stapte naar de rechter, won en kreeg een geldbedrag toegewezen. Jaarlijks zijn er honderdduizenden particulieren en bedrijven als hij die naar de civiele rechter stappen om een onderling conflict te laten beslechten. Bij de kantonrechter – waar vooral kleinere, eenvoudige zaken worden behandeld – werden vorig jaar 450.000 nieuwe handelszaken aangebracht, bij de rechtbanken waren dat er ruim 76.000.

Maar of het de partijen die gelijk krijgen vervolgens net zo vergaat als Willems, is de grote vraag. De civiele rechtspraak is de grootste tak van de rechtspraak in Nederland, maar er wordt – anders dan bij het strafrecht – niet bijgehouden of en in welke mate de uitspraken worden nageleefd.

„Niemand weet hoe het met de naleving gesteld is. Dat vind ik bizar”, zegt directeur Rob de Haan van Credit Retrieve Company, dat van particulieren en bedrijven vorderingen en vonnissen opkoopt die ze niet geïnd krijgen. Zelf schat hij dat van de honderd vonnissen, die via zijn bedrijf Verkoopjevordering.nl binnenkomen, 60 tot 70 procent niet incasseerbaar is. Representatief zal dat getal niet zijn, omdat vooral moeilijke gevallen bij hem aankloppen. Maar welke verhouding dichter bij de werkelijkheid ligt, weet De Haan niet, want die werkelijkheid is onbekend. „In de civiele rechtspraak gaan miljarden om en het legt qua tijd veel druk op de rechterlijke macht. Hoe kun je met zoiets groots bezig zijn zonder dat je weet wat het oplevert?”

Groot verschil in naleving

Het laatste onderzoek naar de naleving van civielrechtelijke beslissingen is een pilotonderzoek uit 2009 door het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC), dat valt onder het ministerie van Justitie en Veiligheid. De onderzoekers namen honderden procedures uit 2004 onder de loep en zagen een groot verschil in naleving: uiteenlopend van verstekzaken (waarbij de gedaagde niet komt opdagen), gevallen waarbij na drie jaar aan maar 31 procent van de uitspraken was voldaan en schikkingen waarbij dat in 85 procent het geval was.

De WODC-onderzoekers noemen het in kaart brengen „een te lang verwaarloosd onderwerp”. Zij stellen: „Eigenlijk zou het verzamelen van informatie over de naleving standaard moeten gebeuren.” Dat er dik acht jaar later geen nieuw onderzoek heeft plaatsgevonden en de naleving niet structureel wordt bijgehouden, ligt aan de politiek. Het WODC (dat vorige week in opspraak raakte na berichten over aanpassing van conclusies na politieke druk) voert onderzoeken uit in opdracht van het ministerie. De toenmalige minister op het departement, Ard van der Steur (VVD), zei twee jaar geleden in antwoord op Kamervragen naleving niet te willen bijhouden omdat het de individuele schuldeiser niet helpt.

De overheid is echter wél geholpen met informatie over naleving, stelt hoogleraar privaatrecht Eddy Bauw van de Universiteit Utrecht. Bauw benadrukt dat onderzoek naar het civiele stelsel bewerkelijk is. „Maar dat wil niet zeggen dat je geen onderzoek zou moeten doen.” Volgens hem zou de naleving bijvoorbeeld kunnen worden betrokken bij het onderzoek ‘Geschillenbeslechtingsdelta’ dat het WODC al doet naar juridische problemen van burgers.

De hoogleraar benadrukt dat het civiele rechtstelsel een cruciale economische functie heeft. „Het is ontzettend belangrijk voor de economie dat afspraken worden nagekomen en vonnissen worden nageleefd”, zegt hij. „We weten steeds meer over het rechtsstelsel: bijvoorbeeld over de lengte van procedures, de toegang tot het recht en de kosten. Maar ondertussen is de naleving nog een black box. Als wetgever en beleidsmaker zou je toch moeten willen weten hoe het hele stelsel uitpakt. Dan kun je er ook beleid op ontwikkelen.”

    • Camil Driessen