Wie neemt leidersrol in klimaat?

Klimaatdiplomatie

Het vertrek van president Obama (VS) biedt ruimte aan andere leiders om te laten zien hoe serieus zij klimaatverandering nemen.

Overstroming in Houston na de orkaan Harvey, die leidde tot ongewoon zware neerslag. Foto Joe Raedle/AFP

Tranen van ongeloof vloeiden vorig jaar op de klimaattop in Marrakech, die net bezig was toen Donald Trump werd gekozen tot de nieuwe Amerikaanse president. Weer kregen de Verenigde Staten een klimaatontkenner in het Witte Huis, een man die zijn kiezers had beloofd uit het klimaatakkoord van Parijs te stappen, omdat het de VS onvoldoende opleverde.

Maar tegelijkertijd ontstond ook iets van strijdbaarheid. Na alle mislukte klimaatafspraken uit het verleden, laten we dit niet meer uit onze handen glippen. Wat Trump ook zou besluiten, was de boodschap van de rest, wij gaan gewoon door. Xie Zhenhua, de Chinese hoofdonderhandelaar in Marrakech, zei dat „een verstandige politieke leider kiest voor beleid dat past bij de wereldwijde trend”.

Toch sloeg het vertrek van Trumps voorganger Barack Obama een groot gat in de internationale klimaatdiplomatie. Bij de recente klimaattop in Bonn was slechts een handjevol Amerikaanse onderhandelaars aanwezig, die zich voornamelijk stil hielden. Dus is er ruimte voor anderen om in dat gat te springen.

Alleen al deze week werd er zowel in Frankrijk, als in China (in een besloten sessie), als in Nederland op internationaal niveau over klimaat gesproken. Volgend najaar is er een ‘Global Climate Action’-conferentie in Californië, waar gouverneur Jerry Brown wil laten zien dat hij niet van plan is te wachten op Trump.

Het zijn bijeenkomsten waarin niet langer de vraag wordt gesteld óf we iets moeten doen. Nee, de deelnemers laten vooral zien hóe ze dat doen en wat het oplevert. Ze willen aan de slag. Want, zei gouverneur Brown afgelopen weekend in een interview met CBS: „De natuur is geen politiek spelletje.”