Opinie

Lees wel de kleine lettertjes in Trumps plan met Jeruzalem

Trumps team voor een vrede tussen Israël en de Palestijnen heeft vernuftig getracht de schade te beperken van zijn erkenning van Jeruzalem als hoofdstad, schrijft . Zou het helpen?

Demonstranten vertrappen maandag voor de Amerikaanse ambassade in Jakarta een Amerikaanse en een Israëlische vlag. Foto Dita Alangkara/AP

Er zaten een paar merkwaardige kanten aan de aankondiging van Donald Trump, afgelopen woensdag, toen hij Jeruzalem officieel erkende als hoofdstad van Israël.

Meestal staat de president bij zulke gelegenheden alleen voor de camera’s. Deze keer stond zijn vicepresident Mike Pence achter zijn rechterschouder. Pence is de lijn van de president naar de evangelische christenen, een belangrijk onderdeel van zijn achterban. Zij zijn bereid elke morele dwaling van de president door de vingers te zien als ze vinden dat hij hun tegemoet komt in zaken die hun dierbaar zijn, zoals de benoeming van een conservatieve rechter bij het Hooggerechtshof of de steun aan Israël.

De aanwezigheid van de vicepresident toont dat Trumps actie vooral werd ingegeven door een beroep op zijn achterban, zoals ook het geval was bij zijn voornemen zich uit het klimaatakkoord van Parijs terug te trekken, en bij het opzeggen van TPP, het vrijhandelsverdrag met landen rond de Stille Oceaan.

Merkwaardig, zij het amper opgemerkt, was ook dat Trump meteen erna een document tekende dat hem in staat stelt op grond van de nationale veiligheid de verhuizing van de Amerikaanse ambassade naar Jeruzalem met zes maanden uit te stellen.

Dit uitstel leek in strijd met zijn bewering dat hij zich aan zijn woord hield; tijdens zijn campagne had hij immers beloofd de ambassade te verhuizen. Bovendien zal het volgens hooggeplaatste medewerkers jaren vergen om een ambassade in Jeruzalem te bouwen, zodat de president misschien nog veel vaker tot uitstel moeten besluiten.

Trump had zijn ambassadeur in Israël opdracht kunnen geven om zijn kantoor en het belangrijkste personeel met onmiddellijke ingang te verhuizen naar het consulaat in West-Jeruzalem, dat kortgeleden is voltooid. Daarmee zou zijn voldaan aan de Jerusalem Embassy Act uit 1995, die toestemming geeft voor een verplaatsing van de ambassade. Trump had dan ook kunnen zeggen dat hij zijn campagnebelofte had ingelost.

Er waren slimmere manieren om én zijn achterban te bevredigen én de vrede te dienen

Dat hij dit niet heeft gedaan, sluit aan bij een ander merkwaardig aspect van zijn aankondiging. Want geen verstandige waarnemer kon zien hoe dit besluit het vredesproces zou vergemakkelijken, aangezien er onherroepelijk scherpe kritiek en mogelijk gewelddadig protest van de Palestijnen en hun medestanders in de Arabische en islamitische wereld van zouden komen.

Niettemin deed Trump alle moeite om uit te dragen dat zijn actie diende om het vredesproces te bevorderen en dat het in geen enkel opzicht een afscheid betekende van „onze grote inzet om tot een duurzaam vredesakkoord te komen”.

Uit de zorgvuldige formulering blijkt wel duidelijk dat Trumps team voor vrede in het Midden-Oosten – zijn schoonzoon Jared Kushner, zijn regionale gezant Jason Greenblatt en staflid Dina Powell van de Nationale Veiligheidsraad – al vernuftig heeft getracht de schade te beperken. Namelijk door elke suggestie te vermijden dat de erkenning van Jeruzalem als hoofdstad van Israël de onderhandelingen over de definitieve status van die stad zou beïnvloeden.

Erkenning vereist in de regel een geografische afbakening. Zo heeft de Tsjechische regering na het initiatief van Trump bijvoorbeeld verklaard dat ze alleen West-Jeruzalem als de hoofdstad van Israël erkent, volgens de grenzen van voor 1967, voordat Israël het oosten van de stad inlijfde. Maar Trump liet de afbakening van specifieke grenzen van de Israëlische soevereiniteit nadrukkelijk in het midden. Hij vermeed het gebruik van het woord ‘ongedeeld’, dat Israëliërs graag voor ‘Jeruzalem’ zetten. En hij ontweek de suggestie dat hij de Israëlische soevereiniteit over de heilige plaatsen erkende, waaronder de Tempelberg met zijn joodse, christelijke en islamitische heiligdommen.

Hoe langer de feitelijke verplaatsing van de ambassade naar Jeruzalem wordt uitgesteld, hoe beter hij een geografische afbakening van zijn besluit uit de weg kan gaan. Het vredesteam van de president heeft het vermoedelijk zo ingekleed in de hoop op enige manoeuvreerruimte voor onderhandelingen over de definitieve status te krijgen zodra het stof weer is gaan liggen.

Als de Israëliërs de kleine lettertjes over de reikwijdte van de erkenning lezen en beseffen dat de ambassade nog lang niet zal worden verplaatst, zullen velen in rechtse kringen zich misschien bekocht voelen. En op dit punt is de toespraak waarschijnlijk slimmer geweest dan goed voor Trump is: te weinig om de annexatiedrang van rechts Israël en zijn Amerikaanse evangelische medestanders te bevredigen, en weer te veel om de woede van de Palestijnen en hun Arabische en islamitische medestanders te sussen.

Het had ook anders gekund. Trump had de onmiddellijke verhuizing van de ambassade naar de bestaande locatie in West-Jeruzalem kunnen aankondigen, en erbij kunnen zeggen dat de VS in Oost-Jeruzalem een ambassade voor Palestina zouden bouwen als de onderhandelingen ten slotte zouden uitmonden in de oprichting van een Palestijnse staat, met een hoofdstad in dat deel van de stad. Dan zou hij zijn campagnebelofte hebben ingelost, zijn achterban hebben gevoed, de Palestijnse ambities in Jeruzalem hebben erkend én zijn beweerde vreedzame bedoelingen geloofwaardigheid hebben verleend. Helaas stond Kushner niet naast Pence op de foto.