‘Dood aan de Joden’, riepen ze in het hart van Berlijn

Chanoeka in Berlijn

Duitsland is geschokt door antisemitische leuzen, maar bij de chanoekaviering was het ontspannen.

Boven: Twee rabbi’s zegenen dinsdag in Berlijn de grootste chanoekia in Europa. Onder: Elders in Berlijn wordt dinsdag geprotesteerd tegen Trumps steun voor Jeruzalem als hoofdstad van Israël. Foto’s Gregor Fischer (AFP) en Clemens Bilan (EPA)

Het is koud, donker en het regent – maar de stemming is niet bedrukt. Aan de voet van de verlichte Brandenburger Tor, in hartje Berlijn, staat een reusachtige chanoekia, de speciale negenarmige variant van de menora voor de chanoekaviering. Honderden mensen zijn bij elkaar voor een openbare viering van dit joodse lichtfeest, onder strenge politiebewaking.

Een paar dagen geleden werden hier op de Pariser Platz, waar behalve de Brandenburger Tor ook de Amerikaanse ambassade staat, één of meer Israëlische vlaggen verbrand. Ook zouden er leuzen zijn geroepen als ‘dood aan de Joden’. Het gebeurde vrijdag en zondag, bij betogingen tegen de Amerikaanse erkenning van Jeruzalem als hoofdstad van Israël.

De acties leidden tot brede verontwaardiging in Duitsland, politici van links tot rechts spraken hun scherpe veroordeling uit. Dat het uitgerekend hier gebeurd was, maakte het voor Duitsland nog extra pijnlijk. Dat op deze historische plaats, waar eens de troepen van Hitler marcheerden, nu vlaggen met davidssterren werden verbrand en antisemitische dreigementen werden geroepen.

Maar deze dinsdagavond staat Jewgeni Kagan, een joodse Berlijner met een keppeltje op, schijnbaar ontspannen tussen zijn stad- en geloofsgenoten op deze beladen plaats. Hij is niet speciaal gekomen om een daad te stellen na de gebeurtenissen van de afgelopen dagen. „Maar ik vier Chanoeka omdat ik een jood ben.” Hij weet dat er in Duitsland antisemitisme is, als hij zijn keppeltje op heeft mijdt hij bepaalde buurten met veel migranten, „no-go-areas”, zegt hij. „Toch voel ik me in het algemeen veilig in Berlijn.”

Schaamte

De beelden van een menigte met een brandende Israëlische vlag, en de verhalen over de gescandeerde leuzen, veroorzaakten een schok in Duitsland. „Beschamend, als op de straten in Duitse steden zo openlijk haat tegen joden wordt getoond”, zei de woordvoerder van Merkel. Zelf zei de bondskanselier: „We keren ons tegen alle vormen van antisemitisme en vreemdelingenhaat.” Ze veroordeelde de „ernstige ongeregeldheden”, waartegen „de staat met alle middelen van de rechtsstaat moet optreden”.

Maar dat blijkt nog niet zo eenvoudig. Duitsland kent de vrijheid van demonstreren. Het verbranden van vlaggen is weliswaar verboden, maar dat verbod geldt alleen voor vlaggen van officiële instellingen, zoals ambassades en consulaten. De in brand gestoken Israëlische vlag die op foto’s te zien is was niet alleen zelf op een stuk wit doek getekend, maar ook door betogers zelf meegebracht. Alleen omdat de politie de demonstranten gezegd had dat ze niets in brand mochten steken, kan hun verstoring van de openbare orde ten laste worden gelegd. Er werden vrijdag tien arrestaties verricht.

Maar Berlijn zou liever getoonde jodenhaat of oproep tot het vernietigen van Israël bestraft hebben. Vanwege de Duitse verantwoordelijkheid voor de holocaust, voelt Duitsland een speciale verantwoordelijkheid voor de veiligheid en het voortbestaan van Israël. Dat is, in de woorden van Merkel, ‘Staatsraison’ – een kernbelang van de Bondsrepubliek.

„Wie de vlag van Israël verbrandt”, zegt minister van Justitie Heiko Maas dinsdagavond bij de chanoekaviering, „verbrandt de waarden van ons land.” Ook burgemeester Michael Müller van Berlijn is naar de viering gekomen, om zijn solidariteit te tonen.

Maar onder een deel van de bevolking is de afkeer van Israël en de Israëlische politiek groot – en in veel gevallen gaat dat naadloos over in antisemitisme of wordt het daarvoor aangezien. Dat maakte de huidige situatie zo gevoelig.

In uiterst rechtse kringen in Duitsland is er nog altijd een hardnekkig antisemitisme – af en toe geven politici van de anti-immigratiepartij AfD daar blijk van. En met de grote aantallen migranten uit islamitische landen, waar anti-joodse sentimenten alledaags zijn, is daar een nieuw antisemitisme bij gekomen.

Dat uit zich niet alleen bij demonstraties, maar ook in het dagelijks leven, op scholen waar joodse kinderen worden gepest, of in buurten met veel migranten waar joden vanwege intimidaties niet met keppeltje over straat durven.

„Net zoals moslims als minderheid van anderen verwachten dat zij zich voor hen inzetten”, zei deze week de Berlijnse staatssecretaris Sawsan Chebli, dochter van Palestijnse ouders, „zo moeten zij hun stem duidelijker verheffen als joden in ons land bedreigd worden. De strijd tegen antisemitisme moet ook hun strijd zijn.”

Eerder deze dinsdagavond vond weer een pro-Palestijnse betoging plaats, deze keer op een plein voor het centraal station, met uitzicht op het Kanzleramt. Een paar honderd betogers, de meesten niet ouder dan een jaar of twintig, zwaaide onder toeziend oog van een grote politiemacht met Palestijnse vlaggen en scandeerde „Jeruzalem Palestijns”.

Na anderhalf uur ging men uiteen, problemen hadden zich niet voorgedaan, er was geen vlag verbrand.