Recensie

De geur van verschraalde coq-au-vin

Komedie Wat gebeurt er als je in de jaren vijftig een zwarte huisarts in een Frans plattelandsdorp neerzet, zoals in deze versie van ‘Dr. Knock’? De dorpelingen blijken vooral argwanend jegens de medische wetenschap.

Omar Sy is de nieuwe huisarts van een Frans dorpje in ‘Dr. Knock’.

Het is dat Louis de Funès in de oorspronkelijke Dr. Knock (1951) alleen maar een bijrolletje heeft, want het eerste wat je denkt als je de nieuwe versie met Omar Sy (Intouchables, Monsieur Chocolat) ziet is: Louis de Funès. Of: Franse komedie, eeuwig nostalgisch platteland, opwaaiende zomerjurken, dronken postbode en momenten van bezeten slapstick.

Zulke films met de geur van verschraalde coq-au-vin zijn vandaag de dag nog immens populair in Frankrijk. Grootste zet van regisseur Lévy is het casten van Omar Sy als ambitieuze plattelandsarts Knock, die een carrière doorloopt van straatrover, ongediplomeerd scheepsarts, dorpsdokter en directeur van een sanatorium.

Wat gebeurt er als je in de Vercors van de jaren vijftig een zwarte huisarts neerzet? De grap is dat de dorpelingen dorps zijn, maar minder racistisch dan verwacht. Hun argwaan geldt eerder de medische wetenschap. Want het motto van Knock luidt: „Gezonden weten niet dat ze ziek zijn.” En zo koldert de film van het ene plotinvalletje naar het andere. Sy is charmant. En kan er ook niets aan doen dat hij voor dit experiment werd gebruikt.