Opinie

    • Marjoleine de Vos

Wat privé is en wat niet: een hellend vlak

Hoe onnozel kun je zijn. Ik was naar The Nation, een verrukkelijke toneelvoorstelling in vijf delen, als een tv-serie, over de ondergang van een politicus, en over het Nederland nu. De politicus strijdt tegen een ondernemer die in Den Haag de wijk Smart City aanlegt, waarin de lantaarnpalen je handige gegevens doorgeven en tevens over je veiligheid waken, waarin slimme sensoren je naar lege parkeerplaatsen leiden, en monitoring zorgt dat kinderen die een achterstand dreigen op te lopen worden bijgespijkerd. Ik moest een beetje lachen – veel in het stuk is wat uitvergroot. Tuurlijk was die politicus hiertegen, niemand kan ervoor zijn.

Dacht ik. Waarom was ik niet op de hoogte? Dit is helemaal geen karikatuur of enge toekomstmuziek, het gebeurt al lang. In het laatste nummer van De Groene Amsterdammer staat een groot onderzoek naar Smart City-technieken die in Nederland worden toegepast: de haren rijzen je te berge. Gegevens worden geanonimiseerd, zeggen gemeenten, maar dat blijkt vaak maar heel beperkt te gelden, en anoniem betekent nog niet per se dat de privacy gewaarborgd is. Als winkeliers het gedrag van mensen in een winkelstraat kunnen volgen met ‘wifi-trackers’, hoe anoniem ben je dan nog als je in hun winkel staat? Ze weten je naam niet, maar ze weten wel van alles van je wat ze niets aangaat.

Ze weten je naam niet, maar ze weten wel van alles van je wat ze niets aangaat

Alles natuurlijk voor ons gemak en onze veiligheid. Maar in feite voor de bedrijven die de volgsystemen maken – gemeenten zelf, ook dat zocht De Groene uit, hebben vaak geen idee wat er precies is afgesproken, of willen het niet zeggen en ze hebben geen recht op de verkregen data, die zijn van het bedrijf dat ze verzamelt.

Privacy, ik liep er wat over te denken en vroeg me af sinds wanneer we dat eigenlijk belangrijk vinden. Sinds de achttiende eeuw, is het antwoord ruwweg. Historica Marleen de Vries publiceerde begin dit jaar de tekst van haar Daendelslezing, Geen stijl of lange tenen. Wat de achttiende eeuw ons leert over fatsoen, en daarin staat een hoop behartenswaardigs over vrijheid van meningsuiting, privé en openbaar, fatsoenlijk en onfatsoenlijk. En dus ook, en passant, over het nieuwe idee dat sommige zaken alleen jezelf aangaan, zoals religieuze overtuiging en in het kielzog daarvan seks.

Lees ook ons interview met technologiecriticus Evgeny Morozov: Google’s droomstad kan een nachtmerrie worden.

Dat vinden wij nu heel gewoon, maar ooit was het niet ongebruikelijk om bruiloftsgasten getuige te laten zijn van de consummatie van het huwelijk, bijvoorbeeld. Dat seks en stoelgang in afzondering plaatsvinden was voor de Romeinen veel minder een vanzelfsprekendheid dan voor ons, en wie in een meer communale gemeenschap leeft, is er ook aan gewend dat anderen van alles van hem of haar weten. Het gevoel over wat privé is en wat niet kan per cultuur en tijdperk verschillen en veranderen – het ís al veranderd, we zijn al gewend geraakt aan allerlei gebemoeial van internet, aan parkeergarages die je nummerbord herkennen, aan camera’s langs de snelweg enzovoort.

Maar nog niet aan grote bedrijven die spionagelantaarnpalen neerzetten in je stad om je te volgen en daar naar eigen inzicht ‘producten’ aan te koppelen. De Smart City kan de burger ook gewenst gedrag opleggen: neem de bus (van een privéondernemer) in plaats van de auto, we leiden u om naar een andere, op dit moment minder drukke winkelstraat, of overheidstaken worden overgenomen: in Assen zijn de stoplichten en verkeersborden met sensoren eigendom van een private onderneming.

Privacy klinkt zo als het minste van je zorgen. We worden verkocht, door onze eigen overheden, aan tal van bedrijven. We staan erbij. We kijken ernaar. We lachen erom – het lijkt een karikatuur.

Marjoleine de Vos is redacteur van NRC.
    • Marjoleine de Vos