Verdachte van Afghaanse oorlogsmisdrijven toch niet vervolgd

Volgens het OM was het niet mogelijk de daders van de oorlogsmisdrijven te identificeren omdat er niet genoeg getuigenissen waren.

Foto Muhammad Sadiq/EPA

Het Openbaar Ministerie (OM) heeft maandag besloten de 66-jarige Nederlandse Afghaan Sadeq A. toch niet te vervolgen voor het plegen van oorlogsmisdrijven. Het OM seponeert de zaak omdat niet genoeg ooggetuigen de daders konden identificeren waardoor persoonsverwisseling niet uit te sluiten is.

Sadeq A. werd in oktober 2015 aangehouden in zijn woonplaats Rotterdam op verdenking van oorlogsmisdrijven in 1979 in Afghanistan. Hij was destijds commandant van een commando-eenheid van het Afghaanse leger. In april 1979 hebben regeringsmilitairen honderden burgers en moedjahedien-strijders geëxecuteerd nadat de strijders hadden geprobeerd de Afghaanse stad Asadabad in te nemen.

Mogelijke persoonsverwisseling

Het OM deed samen met het Team Internationale Misdrijven van de Nederlandse Politie sinds 2008 onderzoek naar Sadeq A. Dat gebeurde nadat een oud-burgemeester van Asadabad en tientallen inwoners aangifte hadden gedaan bij de secretaris-generaal van de Verenigde Naties. In de aangifte werden verschillende Afghaanse militairen en bestuurders verantwoordelijk gehouden voor executies, onder wie Sadeq A.

Volgens het OM hebben verschillende getuigen in sommige gevallen tot uiteenlopende identificaties geleid. “Het grote tijdsverloop en de gelijktijdige aanwezigheid van verschillende militaire eenheden en commandanten in de regio Asadabad spelen daarbij een rol,” schrijft het OM in een verklaring. “Ook het gegeven dat de meeste ooggetuigen de militairen vooraf zelf niet kenden, kan vergissingen en persoonsverwisselingen in de hand hebben gewerkt.”