In harmonica- of kerstboomformatie de weg op

Sneeuwval

Met code rood zijn het drukke dagen voor de sneeuwschuivers en strooimachines. Werken op zulke dagen heeft wel iets feestelijks, vinden de chauffeurs.

Strooiers en vegers krijgen instructies bij het steunpunt in Baarn. Foto Bram Petraeus

„Hé! Kunnen we de frituur aanslingeren?”, zegt één van de kipper-chauffeurs in Baarn. Zo heet iemand die een kiepwagen bestuurt. Een man of dertig zit rondom kantoortafels van geperst hout te wachten op het sein dat ze de weg op mogen met hun sneeuwschuivers. De meeste chauffeurs dragen oranje hesjes, dat moet op dit terrein.

Het is de eerste keer dit jaar: code rood. Het KNMI geeft de weerwaarschuwing, die geldt voor de meeste provincies, maandagmiddag om 13.00 uur. Dat doet het weerinstituut alleen „als er een kans bestaat dat extreem weer een grote impact heeft op de samenleving”. Een groot deel van het land is wit gekleurd. Op sommige plaatsen valt twintig centimeter sneeuw. Mensen wordt ontraden om de weg op te gaan. Eén op de drie vluchten van Schiphol is geannuleerd.

Op 56 „steunpunten” zoals die in Baarn – eigenlijk een groot parkeerterrein met een kantinegebouw - zitten chauffeurs klaar om de weg op te gaan. Op maandag worden er 546 strooiwagens en 350 sneeuwschuivers ingezet. Een deel van de schuivers kan ook strooien.

Volg ons liveblog over het winterweer voor de laatste ontwikkelingen

Eén van de chauffeurs komt langs met een kan koffie om de plastic bekertjes te vullen. De meeste mannen zitten aan tafel met collega’s van hun eigen bedrijf, dat is ingehuurd door een aannemer die op zijn beurt werkt voor Rijkswaterstaat.

Een werkdag als deze plek heeft iets feestelijks, vinden sommigen. „Je werkt met z’n allen, het sneeuwt, dat heeft wel wat”, zegt sneeuwschuiver Rober Alberts. Op een doorsnee werkdag zijn ze meestal niet met een ploeg van hetzelfde bedrijf samen. Tijdens de rit houden ze contact via een ‘bakkie’, een radio waarmee ze met elkaar kunnen praten. „Maar op de weg is het koppie erbij”, zegt Alberts. Dan wordt er juist meer concentratie van de chauffeur gevraagd dan op een normale dag. De schuiver is breed en moet reiken tot het einde van de weg, want alleen zo loopt het dooiwater de berm in. Soms scheelt het maar een paar centimeter tot de vangrail: daar mag de schuiver niet tegenaan komen.

Code rood nog niet genoeg

De strooiers zijn in de koude maanden regelmatig aan het werk. Een lage temperatuur en wat mist, en zij moeten hun ronde al maken. De schuivers, die zijn een unicum. Net als de strooiers zijn de meesten afkomstig uit de wegenbouw. Op normale dagen verplaatsen zij zand, grond of beton met dezelfde wagens als vandaag. De laatste keer dat zij aan de slag moesten was in januari van dit jaar. Soms komen ze drie keer per jaar in actie, soms helemaal niet.

Voor de sneeuwschuivers is code rood nog niet genoeg: er moet een laagje van één centimeter sneeuw liggen voordat zij de weg op mogen; anders krijgen de ploegen geen grip. Alberts heeft zijn puzzelboekje voor zich liggen. Schuivers als hij zijn het staartje van een omvangrijk systeem dat in Nederland bij sneeuwval in werking treedt.

Lees ook Je tekent ervoor, zo weinig files als vandaag, een verslag van een autorit van Amsterdam naar Breda

Een paar decennia geleden hingen de „gladheidsbewakers” van Rijkswaterstaat nog een washandje aan de lijn in de tuin om te meten of er geschoven of gestrooid moet worden. „Was die stijf, dan moesten ze de weg op”, zegt Jan Rients Slippens, senior adviseur gladheidbestrijding van Rijkswaterstaat.

Sinds dertig jaar zitten er sensoren in de wegen. Op het gedeelte van de rijbaan waar de banden overheen gaan, want daar is de weg het warmst. Soms kun je ze zien: een dubbele zilverkleurige ring. Tussen die twee ringen wordt met stroomstootjes onder meer het vochtgehalte, de temperatuur en de hoeveelheid zout die er al ligt gemeten. Naast de weg staan weerhutten („een vierkant kastje op een paal”) die de luchttemperatuur en de neerslag meten. Alle informatie wordt doorgestuurd naar het KNMI. „De gladheidsbewaker krijgt een soort voicemailbericht”, zegt Slippens. „Die luidt: de temperatuur dreigt onder nul te komen.” De gladheidsbestrijder kan dan de aannemer bellen, die het strooien moet gaan coördineren. Twee uur na zo’n melding moeten de chauffeurs op de weg kunnen zijn.

Harmonica- of kerstboomformatie

Je wordt wel een beetje geleefd op dagen met sneeuw, vinden sommige chauffeurs. Rober Alberts doet dit werk nu zeventien jaar. Zondagochtend werd hij om 05.45 uur wakker gebeld. Om 07.30 uur was hij hier in de kantine. En pas om 22.00 uur ’s avonds was hij thuis. Maandag was hij er alweer rond elven. Een deel van de dag bestaat, ook vandaag, uit wachten. „Daarom dat legpuzzelboekje.” Pas rond twee uur ’s middags, drie uur na aankomst, gaat hij de weg op.

Een bekende formatie is „de harmonica”. Vier wagens rijden in een diagonale lijn over de weg. Daarachter twee strooiwagens, zodat de sneeuw die erna valt niet te snel opvriest. „Of we doen de kerstboom.” Van tevoren bespreken de chauffeurs in welke formatie ze zullen rijden. Een deel doet vandaag de A27, anderen de A1. Omdat Alberts een smalle schuiver heeft, doet hij de afritten. „Dan kun je gemakkelijker bij de kleine hoekjes.”

Over sneeuwschuiven en strooien bestaan veel misverstanden, merkt Henk Hessel dagelijks. Hij was vijftien jaar lang strooier, en is drie jaar geleden begonnen met schuiven. „Vanochtend zei mijn dochtertje nog dat ze wéér moest uitleggen op school dat ik de héle nacht heb gewerkt.” Er wordt veel gezeurd over de sneeuwoverlast, terwijl zij hard aan het werk zijn, wil hij zeggen. „Soms rijden auto’s zomaar door onze formatie heen. Er is veel onbegrip.”

De kipper-chauffeurs houden het weer nauwlettend in de gaten via buienradar. „Op z’n janboerenfluitjes”, zegt Henk Hessel. Lang niet zo geavanceerd als het meetsysteem van het KNMI, bedoelt hij daarmee. Ondanks alle techniek: „Ik heb in mijn verleden als strooier vaak zitten wachten op een bui die niet kwam.”