Profiel

Kim Putters Directeur SCP

De man naar wie politici luisteren

Steeds maar weer wijst hij op de gevaren van groeiende verschillen in Nederland. Kim Putters kent ze: zelf begon hij op de mavo. Hij haalt de twee werelden bij elkaar.

Kim Putters’ opa was binnenvaartschipper, zijn vader was binnenvaartschipper, zijn jongere broer zou het later ook worden. Dat hijzelf níét wilde varen, vonden zijn ouders geen probleem. Maar naar de universiteit? Kim Putters was een jaar of zestien en zijn vader wist niet wat hij hoorde. „Waarom ga je niet gewoon werken?” Zijn vader werkte zelf al vanaf zijn vijftiende.

Het is een verhaal dat Kim Putters (44), directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), graag vertelt. Zoals vorige maand nog op een bijeenkomst in Den Haag met Marokkaans-Nederlandse jongeren. Zijn boodschap was: bij jullie gaat de stijging in opleidingsniveau veel sneller dan bij jongeren die opgroeien in autochtoon-Nederlandse gezinnen. „Jullie ouders zijn in een nieuwe wereld op zoek gegaan naar kansen. Als je je wortels hier hebt, zit je vaker vast in een patroon.”

„Als Kim had geweten wat hij wilde worden”, zegt zijn moeder Annie Putters nu, „dan was het anders geweest. Maar hij wist het niet. Wij wisten wel dat de universiteit geld kostte.” Ze had zelf de huishoudschool gedaan en een paar jaar in een verzorgingstehuis gewerkt.

Sinds afgelopen zomer – hij zat vier keer aan tafel bij de kabinetsformatie – geldt Kim Putters op het Binnenhof als de man die je moet hebben gesproken als je iets wilt zeggen over de Boze Burger. Bijna alle politieke partijen vragen of hij langskomt. Dan vertelt hij over de verschillen in Nederland die steeds groter worden: tussen laag- en hoogopgeleiden, arm en rijk, stad en platteland. Over mensen met weinig kansen die onzeker zijn door de globalisering en de EU, over Nederlanders van Turkse en Marokkaanse afkomst die zich steeds minder thuis voelen in Nederland. En hij waarschuwt voor groeiende onvrede en conflicten.

Het SCP onderzoekt hoe Nederland en de Nederlanders eraan toe zijn. Op dinsdag komen er nieuwe uitkomsten van een langlopende studie: de Sociale Staat van Nederland. Die verschijnt elke twee jaar en laat zien waar we ons druk over maken en hoe we ons voelen, wat goed en steeds beter gaat – en wat niet – en wat we daarvan vinden. Deze keer kijkt het SCP ook 25 jaar terug: wat is er veranderd?

Lees ook het interview met SCP-onderzoeker Rob Bijl over het rapport van twee jaar geleden

Veel vragen, geen antwoord

De hoofdonderwijzer van de school De Peulenwiek in Hardinxveld-Giessendam, Gijsbert Versluis, had tegen de ouders van Kim Putters gezegd: „Meer dan de mavo zit er niet in voor Kim.” Hij was op de basisschool een „middelmatige leerling”, zegt Annie Putters. „Maar in de eerste van de mavo kwam hij steeds ongelukkiger thuis. Hij zei: ‘Ik heb veel vragen, maar ik krijg nergens antwoord op.’”

Halverwege het schooljaar stapte hij over naar de brugklas havo-vwo, een jaar later deed hij vwo. In het ‘cijferboek’ van Kim Putters’ klas op De Peulenwiek hield meester Versluis in de jaren daarna precies bij hoe het ging met de leerling die hij verkeerd had ingeschat. Putters studeerde bestuurskunde, promoveerde, werd universiteitsdocent, was PvdA-gemeenteraadslid in Hardinxveld-Giessendam, PvdA-senator, hij werd hoogleraar aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en in 2013 directeur van het SCP.

Een carrière van zo’n 25 jaar waarin het SCP de verschillen tussen laag- en hoogopgeleiden zag toenemen en Kim Putters zelf die twee werelden bij elkaar haalde – bij zijn afstuderen, promoveren, zijn maidenspeech en oratie (twee keer, voor twee leerstoelen) zaten zijn familie en vrienden uit Hardinxveld in de zaal. „Bij die eerste speech in de Eerste Kamer had ik tranen in mijn ogen”, zegt zijn vader Paul Putters. „Kim haperde geen moment. Mijn vrouw en ik zeggen weleens tegen elkaar: waar haalt hij het vandaan?”

In zijn ‘nieuwe’ wereld moest Kim Putters steeds maar weer uitleggen waarom hij in Hardinxveld bleef wonen, in de buurt van zijn ouders en broer. Hij bleef nog jarenlang vrijwilliger bij de scouting en is daar nog elk jaar sinterklaas. Met zwarte pieten, omdat ze die kleur ook hebben bij de intocht in het dorp.

Twintig kilo zwaarder, gel in z’n haar

Pauline Meurs, hoogleraar bestuur in de gezondheidszorg in Rotterdam, zag hoe Kim Putters in de jaren van zijn promotieonderzoek – naar management in ziekenhuizen – „van gedaante verwisselde”. Eerst was hij zo’n twintig kilo zwaarder dan nu, had omhooggekamd kort haar met gel erin, een bril. Later ging hij sporten, liet zijn haar groeien, nam contactlenzen. Het was ook de tijd waarin Putters aan de buitenwereld ging vertellen dat hij homo was. „Ik heb het hem nooit gevraagd”, zegt Pauline Meurs, „maar misschien had hij het idee dat gel niet helemaal paste in de omgeving waarin hij was terechtgekomen. Dat hij slank wilde zijn, was vast ook ijdelheid.”

Op zijn negenentwintigste werd Putters Eerste Kamerlid. Han Noten, burgemeester van Dalfsen, was in die tijd PvdA-fractievoorzitter in de senaat. Putters was, zegt Noten, een ander soort politicus dan hij. „Voor mij is de essentie dat je zoekt naar het politieke conflict. Maar hij is geen man van conflicten. Je zult moeilijk iemand vinden die het oneens is met de standpunten van Kim Putters. Dat maakt hem voor bepaalde rollen de perfecte kandidaat.”

Die van senator bijvoorbeeld, vindt Noten. „Hij is intellectueel en beschouwend. Maar hij heeft me ook weleens gevraagd of hij staatssecretaris zou moeten worden. Toen heb ik gezegd: ik denk niet dat jij daar gelukkig van wordt.”

Bij het SCP waren er in 2013 twijfels. Het SCP werd soms gezien als een linkse club, met veel aandacht voor ‘achterblijvers’, en nu werd een PvdA’er directeur. „Ik was daar bang voor”, zegt onderzoeker Jeroen Boelhouwer. „Het kon ons gezag ondermijnen.” Zo ging het niet, Putters houdt zorgvuldig afstand van de partij.

Er zijn onderzoekers die hun vorige directeur, Paul Schnabel, een beetje missen. Als je in zíjn tijd een leuk idee had en Schnabel vond dat ook leuk, dan ging je dat uitvoeren. Onder Putters moet zo’n voorstel een vaste weg volgen van procedures en overleg – over de kwaliteit en wetenschappelijk onafhankelijkheid. En ja, zeggen ze, dat is vast en zeker professioneler. Maar ook bureaucratischer.

Er zijn er ook die zeggen: onder Schnabel kon je ook je hobby’s onderzoeken, onder Putters kijken we meer naar ‘buiten’ – onderzoeken we genoeg wat er leeft onder mensen, missen we iets?

Anderhalve week geleden werd Putters in de Dorpskerk van Blaricum geïnterviewd door theoloog Jacobine Geel. Hoe ongerust was hij over de verschillen in Nederland? „Als er een schaal was van 1 tot 10 en 10 was een burgeroorlog, waar staan we dan?” Putters aarzelde. „Ik ben geen doemdenker. Maar ik denk dat we op de helft zijn. Of er net overheen.”

Doen politici iets met zijn boodschap? „Ze luisteren”, zei Putters in de kerk, „en ik zie serieuze pogingen om iets te doen. Maar of ik daar tevreden mee ben? Nee.”