Opinie

    • Jutta Chorus

Balkenende met de kennis van nu

Er gaan jaren voorbij zonder dat ik aan Jan Peter Balkenende denk. Hooguit op de zeldzame momenten dat een of andere journalist hoopt dat de oud-premier eindelijk eens serieus wil terugblikken op de vier kabinetten die hij in acht jaar tijd liet struikelen. Tussen 2002-2010 leerden wij dat een politicus zijn verantwoordelijkheid nam als hij, de mond vol houtwol, zei dat hij „het beeld dat was ontstaan” betreurde – maar nooit de blunders zelf.

Zaterdag trok radiojournalist Kees Boonman de stoute schoenen weer eens aan. Hij sprak Balkenende een uurtje. Hij zei dat de CDA’er als politicus was „onderschat”. Dat moet wel tactiek zijn geweest, in de hoop zijn gast loslippiger te maken.

Zinloos.

Balkenende zei een uur lang niets gedenkwaardigs. Niet over de huidige coalitie – er mocht wel „een tandje bij” op het gebied van duurzaamheid. Niet over de gedoogsteun van de PVV, waarmee zijn partij had geregeerd – „Ik heb daar nooit uitspraken over gedaan en dat doe ik nu ook niet.”

Dat schoot lekker op.

Helemaal aan het eind werd Balkenende gevraagd naar zijn besluit de VS te steunen bij de aanval op Irak in 2003. Secretaris-generaal van de Verenigde Naties Kofi Annan betitelde die aanval destijds als „een illegale oorlog”, omdat er geen VN-resolutie aan ten grondslag lag.

Mooi onderzoek van Joost Oranje in NRC liet zien hoe haviken aan de top van Buitenlandse Zaken coûte que coûte achter de VS aan wilden. Hij vond een memorandum van de Dienst Juridische Zaken die ondubbelzinnig schreef dat de argumentatie waarmee het kabinet ten oorlog wilde „zowel materieel als procedureel” tekortschoot. De topambtenaar van Buitenlandse Zaken legde het memorandum naast zich neer, met een cynische notitie in de kantlijn: „Graag goed opbergen in de archieven voor het nageslacht.”

Balkenende hield Kamerdebatten lang vol dat sprake was van „een afdoende legitimering”. Alle pogingen om een parlementaire enquête te organiseren over dit besluit, stuitten op zijn tegenwerking. Uiteindelijk werd een commissie benoemd, die in 2010 tot genadeloze conclusies kwam. Balkenende vond het maar makkelijk, die kritiek „met de kennis van nu”.

Zaterdag op de radio ging hij daar nog eens overheen. Achteraf vond hij toch dat een parlementaire enquête nuttig was geweest.

O, en al die politici maar jammeren over het wantrouwen van de burger. Of zoals Balkenendes verre opvolger Sybrand Buma, de schuld geven aan de snelle veranderingen in de maatschappij.

Heeft u spijt, probeerde de onvermoeibare Boonman. „Nee, op dat moment is het gegaan zoals het gegaan is”, zei Balkenende.

Jutta Chorus (j.chorus@nrc.nl) schrijft op deze plek een wisselcolumn met Tom-Jan Meeus.
    • Jutta Chorus