All I want ... even geen Kerst meer, alsjeblieft

Vanuit Princeton, New Jersey, schrijft over wat haar opvalt. Vandaag: over de terreur van de alomtegenwoordige kerstradio.

Nu al een kerstcolumn? Ja, nu al. Of beter gezegd, nog steeds. Het is de hoogste tijd voor een terugblik op Kerstmis 2017. Met een stevige kater. Ik word namelijk gek van de kerstmanie die hier sinds midden november woedt. De kerstballen, de hulsttakjes, de rode linten, de nepsneeuw, de eindeloze reeks feestjes en diners – ik kan het niet meer aanzien. Mijn boom staat al op straat voor het zelfs maar in me opkomt er een te kopen. Maar het ergste is de muziek. Jingle Channel, Radio North Pole, Holiday Traditions, Rudolph Radio, Country Christmas, of hoe al die andere zenders ook mogen heten die 24/7 kerstliedjes uitzenden. De liedjes laten je geen minuut met rust en nestelen zich als oorwurmen in je hoofd.

I don’t want a lot for Christmas” galmt Mariah Carey door de wachtruimte van de garage. „All I want for Christmas is you”, zingt het meisje achter de balie spontaan mee terwijl mijn olie wordt ververst. De balletjes aan haar kerstmuts klingelen vrolijk mee.

En het houdt niet op. In de lift klinkt de rasperige stem van Bob Dylan, in de telefonische wachtrij van mijn tandarts word ik gegijzeld door Let It Snow en in het postkantoor moet ik verplicht luisteren naar Jingle Bells.

In mijn hoofd jinglet het all the way naar het huis van een vriendin van mijn dochter. Aldaar heeft haar moeder ook al de radio afgestemd op een kerstzender. „It’s the most wonderful time of the year”, neuriet ze mee. „Zo fijn dat het weer het seizoen is, dat het mag.” Ik haal diep adem.

„Bij hen thuis staat al een maand lang de hele dag de kerstradio aan”, fluistert mijn dochter. Maar niet alleen bij hen, bij iedereen die ik ken. Vaak via zo’n systeem dat het door het hele huis klinkt. Dus ook als je naar de wc moet, hoef je niets te missen. „Ho ho ho.”

Het is ongelooflijk hoe de klassiekers mishandeld worden. Platgeslagen, uitgerekt, door de wringer gehaald en urenlang met een hamer bewerkt totdat al het leven eruit is geslagen, zoals een Griekse visser een octopus mals maakt. Pats, pats, pats. De melodie wordt zonder scrupules verrockt, vermusicalt of verjazzt. Hoor je eens een keer een klassiek deuntje en haal je opgelucht adem, blijkt het toch ineens –het zal niet waar zijn – de vermozarte versie van Stille nacht te zijn.

Joy to the world”, galmt een koor. Vreugde, want je zou het door al dat muzikale geweld vergeten, er wordt een kindje verwelkomd. Een kindje dat deze verknipte wereld moet gaan verlossen van alle ellende. Maar ik heb al een postnatale depressie voor het geboren is.

Voor het als speelgoedfiguurtje in grote bakken afgeprijsd bij de Dollarshop ligt, verbijsterd aangestaard door een plastic os en ezel.

Misschien is dit de commerciële dystopie waar de wereld onherroepelijk naartoe gaat: voortaan iedere dag Kerst. Vier seizoenen lang een permanent spervuur van Bing Crosby en consorten, altijd en overal. Behalve een dag per jaar. Dan zit iedereen voor de haard te genieten van géén boom, géén kerstballen en vooral géén liedjes. Eindelijk stille nacht.

Reacties naar pdejong@ias.edu
    • Pia de Jong