Laatste Nederlandse trainer in topcompetitie is weg

Nederlandse trainers

Met het ontslag van Peter Bosz bij Borussia Dortmund, werkt voor het eerst sinds mei 1996 – toen Johan Cruijff bij FC Barcelona moest vertrekken – geen Nederlandse trainer in een van de vier grote voetbalcompetities (Engeland, Italië, Spanje en Duitsland).

Peter Bosz verloor tien van de 24 wedstrijden die hij met Borussia Dortmund speelde in alle competities. Foto Ina Fassbender/AFP INA

Het is een mededeling die niet uit kon blijven. ‘Beginn ca. 12:00 Uhr BVB-Pressekonferenz’ staat vermeld op de livestream van de Duitse topclub Borussia Dortmund. Onderwerp: de sportieve situatie. Drie mannen nemen plaats in de perszaal. Links voorzitter Hans-Joachim Watzke, rechts Michael Zorc en in het midden een nieuw gezicht, de Oostenrijkse coach Peter Stöger.

Zijn aanwezigheid vormt de bevestiging van berichten in Duitse media: het is einde Peter Bosz. Onvermijdelijk na de 2-1 thuisnederlaag tegen het laaggeklasseerde Werder Bremen, de achtste competitiewedstrijd op rij zonder zege – in oktober, november en december werd niet gewonnen in Bundesliga en Champions League. De club zakte naar de achtste plek.

De clubleiding handelt doortastend: nederlaag zaterdagmiddag, ’s avonds het ontslaggesprek en de volgende middag de presentatie van Stöger. Hij die een week geleden nog werd weggestuurd bij nummer laatst 1. FC Köln maakt het seizoen af.

Progressie bleef uit

In de persconferentie wordt kort gesproken over Bosz. Het ontslag was „zeer emotioneel”, zegt Watzke. Maar ze konden niet anders. Progressie bleef uit de afgelopen weken. „Als ik vandaag de eerste helft naar mijn ploeg keek, deed dat pijn aan de ogen, daar klopte helemaal niks van. Zo slecht heb ik ons nog niet zien spelen”, zei Bosz zaterdag bij Fox Sports.

Hij leek zelf ook in te zien dat zijn positie onhoudbaar was geworden. „Ik zit bij een hele grote club, ik vind dat ze al extreem lang rustig zijn gebleven. Het kan zomaar opeens een keer afgelopen zijn.” Hij wordt in de persconferentie nog bedankt voor zijn diensten, maar vlug richten de beleidsmakers zich op de nieuwe man. „Peter Stöger kan een team herenigen”, zegt Zorc. Vragen over Bosz zijn er niet.

Zijn begin was uitstekend, met spectaculair voetbal en dito resultaten. Maar de afgelopen twee maanden viel de ploeg ver terug door een combinatie van blunders, instabiliteit, gemiste kansen en een selectie die zich niet leek te kunnen schikken in zijn offensieve spelopvatting met veel druk op de tegenstander.

Twee weken terug – na de dreun tegen Schalke, 4-4 na een 4-0 voorsprong – kreeg hij nog de kans het om te draaien. Maar het geduld bleek eindig. Zijn plek in de geschiedenis van de achtvoudig landskampioen: 163 dagen in functie, 24 wedstrijden in alle competities, met 10 nederlagen, 8 zeges en 6 gelijke spelen.

Met de Kerst thuis

Met Bosz zijn voor Kerst vier Nederlandse trainers in een buitenlandse topcompetitie ontslagen, na Frank de Boer bij Crystal Palace, Andries Jonker bij VfL Wolfsburg en Ronald Koeman bij Everton. Allen in een tijdsbestek van 91 dagen. Daarmee is er niet één Nederlandse hoofdtrainer meer werkzaam in een van de vijf grote Europese competities – die van Engeland, Spanje, Duitsland, Italië en Frankrijk.

Zondag werd ook Albert Stuivenberg ontslagen bij KRC Genk. Daarmee is de Nederlandse inbreng bij clubs in de hoogste profcompetities in Europa beperkt tot namen als Erik van der Meer bij het Hongaarse Budapest Honvéd, Arno Pijpers bij het Estse FC Flora en Ricardo Moniz bij de Deense laagvlieger Randers FC.

De zwakke positie van de Nederlandse trainer past binnen het algehele verval van het Nederlands mannenvoetbal – met voor het eerst sinds 2002 geen Oranje op het WK en voor het eerst sinds 1998 geen Nederlandse club die overwintert in Europa.

Er zit een causaal verband tussen de val van Oranje, de slechte internationale prestaties van de clubs en de status van de Nederlandse trainer, zegt de in Nederland opgegroeide Brit Simon Kuper, sportschrijver en kenner van het internationale voetbal. „Buitenlandse clubs denken niet meer: ik ga vooruitstrevende voetbalkennis halen, dus ik haal een Nederlander.”

Lees ook: Het Nederlands voetbalelftal onder leiding van een buitenlander, dat ligt gevoelig. Maar waarom niet?

Kuper: „Ons gedachtegoed is niet meer leidend, we lopen ontzettend achter. Bosz is beïnvloed door het Duitse voetbal van nu, het pressingvoetbal. Hij kreeg de kans, maar je hebt weinig krediet als het even tegenzit, want je bent slechts een Hollandse trainer.”

Nederlandse coaches hebben nog altijd „de pretentie” iets helemaal nieuw op te bouwen als ze bij een club beginnen, zegt Kuper. „Zo van: we gaan het op mijn manier doen. Dat zag je ook bij Frank de Boer [Crystal Palace]. In het begin zegt Bosz ook altijd: het duurt even om mijn systeem erin te krijgen. Dan ben je kwetsbaar, als je het stempel hebt dat de Nederlandse trainer niet zoveel voorstelt.”

Nederlandse coaches zijn over het algemeen eenzijdig in hun aanpak, zegt oud-coach Aad de Mos. „Ze kijken alleen maar hoe ze zelf moeten spelen aan de bal, maar hebben te weinig inzicht om de zwaktes en sterktes van de tegenstander te analyseren en daar maatregelen tegen te nemen.”

Kuper wijst naar de jaren zestig, met Rinus Michels als lichtend voorbeeld. „Toen stelde het Nederlands voetbal ook weinig voor. Maar Michels legde toen bij Ajax de lat op internationaal niveau. Hij zei: wij gaan met de Europese top concurreren.”

Ajax haalde in 1969 de Europacup I-finale en verloor met 4-1 van AC Milan. Kuper: „Normaal zegt een coach dan: we hebben een Europese finale gehaald, dat is goed. Michels zei: nee het is een drama, we zijn weggespeeld. Hij gooide er drie of vier spelers uit en legde de lat op het absolute topniveau en bereikte dat. Nu is daar helemaal geen sprake van. Als we verliezen van een Deense of Noorse club, hoor je niet: wat doen zij beter. Nee, het is: we moeten er zondag weer wat van maken tegen PEC Zwolle.”