Opinie

    • Arjen Fortuin

Danny Ghosen wil het monster in de bek kijken

Zap Presentator Danny Ghosen volgt in ‘Danny demonstreert’ protestgroepen met extreme idealen, zoals de Identitäre Bewegung. De ambitie van het programma reikt verder dan het optekenen van onverdraagzaamheid.

Danny Ghosen bij een demonstratie van de Identitäre Bewegung (NTR)

De dapperste man van de donderdag was Danny Ghosen. De presentator ging voor de tweede aflevering van zijn reportagereeks Danny demonstreert (NTR) op bezoek bij de Identitäre Bewegung, een snelgroeiende radicale groep die een ‘reconquista’ van Europa voorstaat op de islam. Daartoe trokken ze naar Sicilië, waar ze met een boot de zee op wilden met als doel om schepen van ngo’s te hinderen als deze proberen vluchtelingen te redden. Afrikanen die ze zelf tegenkomen op zee, zouden moeten worden teruggebracht naar Libië.

Volgens henzelf valt dit onder ‘vreedzaam protest’. Veel monsterlijker krijg je dat niet, denk ik zo. Iedere verdrinkingsdood is een immigrant minder, is kennelijk de filosofie.

Dat monster wil Ghosen in de bek kijken. Hij is zelf geboren in Libanon en op zijn vijftiende naar Nederland gevlucht. Hij laat de fakkeloptochten zien van de groep die wegens hun vredige (of misschien moeten we gewoon zeggen: vaak harige) verschijningsvorm wel als ‘nazi hipsters’ wordt aangeduid. Hij kijkt toe bij het ophangen van een protestspandoek op een toekomstige locatie van een moskee in Berlijn en hij woont een demonstratie bij in die stad.

Daar leggen twee Nederlandse Identitären hun filosofie uit, nadat Ghosen heeft gezegd zelf een vluchteling te zijn. Ze zeggen persoonlijk niets tegen hem te hebben, maar „in het algemeen vinden wij dat jij hier dus niet thuishoort.” Veel aanspraak heeft hij trouwens niet: als demonstranten de camera zien „spreekt ineens niemand Engels meer”. Wel zijn ze goed in het scanderen van „Europa! Jugend! Reconquista!”.

De ambitie van Danny demonstreert reikt verder dan het optekenen van onverdraagzaamheid. Hij probeert ook de menselijke kant van de leiders te tonen, bijvoorbeeld door Martin Sellner (geen Duitser maar een Oostenrijker) te vragen naar bedreigingen en hem te laten vertellen hoe de auto van zijn ouders door linkse radicalen in brand is gestoken.

In de vorige aflevering paste hij die methode al redelijk succesvol toe op de Jayda Fransen, de leider van Britain First. Zij verwierf bekendheid door filmpjes waarop ze islamitische slagerijen binnenstormde om personeel en klanten, zoals dat heet, ‘te confronteren’. Ghosen slaagde erin om Fransen óók te portretteren als iemand die buiten haar beweging niemand heeft die ze kan vertrouwen en die dus al jaren een eenzaam en opgejaagd bestaan leidt.

Wat Britain First en de Identitären gemeen hebben, behalve een radicale ideologie waarin anti-islamisme centraal staat, is een kolossale aanhang op social media. Elke actie die wordt uitgevoerd, hoe klein ook, wordt in beeld gebracht en gedeeld. Het beeld lijkt vaak het hoofddoel. Dat blijkt deels ook te gelden voor het plan om op de Middellandse Zee hulpverleners dwars te zitten. Ghosen meldt aan het eind van de uitzending dat de boot met actievoerders een maand op zee is geweest, maar daar niets heeft uitgericht.

Ghosen doet zich soms een tikje naïever voor dan hij is om niet steeds in twistgesprekken verzeild te raken.In de haven van Catania zet hij de situatie wel op scherp als hij een van de rechtsradicalen een gesprek laat beginnen met drie toevallig passerende Malinese vluchtelingen. Die moeten terug, zegt de Duitser. Tegen Ghosen, want de Afrikanen durft hij amper aan te kijken. „Iedereen moet terug, we kunnen niet selecteren.”

Maar even later poseert de actievoerder lachend op een groepsfotootje met de vluchtelingen. Daar wordt Danny demonstreert bijna surrealistisch. Iets is er nog niet verloren.

    • Arjen Fortuin